De onvoorziene gevolgen van internationaal ingrijpen

Al-Qaeda mag dan over zijn hoogtepunt heen zijn in Afghanistan, zijn geestverwanten in Noord-Afrika hebben goede perspectieven. Al-Qaeda-in-de-Islamitische-Mahgreb is sinds kort thuis in een nieuw land, dat groter is dan Frankrijk: Azawad, de Toeareg-naam voor Noord-Mali. De nomaden die zich in april afscheidden van Mali, hebben Azawad vorige week officieel tot een islamitische staat verklaard, na een fusie met de islamitisch-extremistische groep Ansar ud-Din.

Correspondent Koert Lindijer reisde afgelopen weken naar Mali, en drong als een der eerste journalisten door tot de streek die nu ineens een grensgebied is geworden met een land dat niemand erkent, maar iedereen vreest. In de stad Mopti ontmoette hij nomaden uit het dunbevolkte noorden. In Mali’s zuidelijke hoofdstad Bamako sprak hij met bezorgde experts en diplomaten. Zij vertellen in deze De Wereld dat extremisten uit de hele wereld al in Noord-Mali zijn.

De Toeareg hebben Al-Qaeda misschien wel meer te bieden dan de Afghaanse Talibaan in hun hoogtijdagen. Noord-Mali ligt dichter bij westerse doelwitten en is het kruispunt van een levendige handel in wapens, drugs en migranten richting Noord-Afrika, het Midden-Oosten en Europa. Mali, waarschuwde de Franse commentator Jacques Attali onlangs, kan voor Europa „een groter veiligheidsprobleem” worden „dan Afghanistan ooit is geweest, en nog is”.

De ironie is dat het Westen, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk voorop, dit probleem zelf heeft bevorderd – door het NAVO-ingrijpen in Libië. Nadat Moammar Gaddafi was gevallen, trokken duizenden Toeareg die hem hadden gediend, goed bewapend terug naar Mali. Zij begonnen de opstand die eerst leidde tot een staatsgreep in hoofdstad Bamako en daarna tot de afscheiding van het noorden.

Nog meer ironie: Mali was een belangrijk oefenterrein van de VS en Europa in de strijd tegen islamitische terreurnetwerken van Nigeria tot in de Sahel. Ook Nederlandse militairen namen deel aan de militaire oefening Flintlock in Mali, tot die dit voorjaar werd afgelast – wegens het toenemende geweld.

En waar is het Westen nu? De coupleider in Bamako, Amadou Haya Sanago, werd naar verluidt in Amerika getraind – maar de VS en Europa trekken naar het zich laat aanzien de handen van Mali af. Ook onrustig Libië is uit beeld.

In plaats daarvan loopt de Europese publieke opinie zich warm voor ingrijpen in een regio waar de gevolgen nog veel minder zijn te overzien, het Midden-Oosten. De eerste peiling waarin een meerderheid zich uitspreekt vóór militair ingrijpen in Syrië is binnen. 58 procent van de Fransen zegt ja, meldt opiniepeiler Ifop. Zij hebben wel een voorwaarde, die hun nieuwe president François Hollande onlangs ook stelde: het moet onder de vlag van de Verenigde Naties. Dus na instemming van de VN-Veiligheidsraad. Hollande weet dat de kans daarop voorlopig nihil is – en gokt daar mogelijk op. China en Rusland vonden ingrijpen in Libië al gevaarlijk, maar ze lieten het Westen begaan. Ingrijpen in Syrië, uit naam van de verontwaardiging, durft niemand voorlopig aan.

    • René Moerland