Verontschuldigingen

Polen had de afgelopen week iets met zwarte mannen. In de media, in het café en in de politiek ging het van maandag tot vrijdag nauwelijks nog over de eurocrisis, over Syrië of de gebruikelijke binnenlandse politieke intriges. Het debat werd gedomineerd door twee donkere lieden die het land vreselijk onrecht hadden aangedaan.

De een heet Barack Obama, die had gesproken over „Poolse dodenkampen”, terwijl hij een van Polens grootste verzetshelden postuum een onderscheiding toekende.

De ander heet Sol Campbell, de voormalige captain van het Engelse voetbalelftal, die in het BBC-programma Panaroma had gezegd dat zwarte voetbalfans het EK in Polen en Oekraïne beter konden mijden. Anders zouden ze „weleens in een doodskist kunnen terugkeren”. De documentaire, Euro 2012: Stadiums of Hate, ging over het vermeende wijdverbreide en gewelddadige racisme in die landen. Het was een angstshow over hooligans die oerwoudgeluiden maakten tegen zwarte voetballers en die na een wedstrijd Aziatische studenten in elkaar ramden.

Poolse vernietigingskampen hadden natuurlijk nooit bestaan. Alleen Duitse, in bezet Pools gebied. En gewelddadig racisme, dat was ook al zo’n misvatting. Uiteraard is racisme een probleem in Polen. Maar was er ooit een haatmoord geweest? Misschien in de toekomst, op Campbell, zei een eenzame internetter (in dat geval zou die trouwens toch nog gelijk krijgen).

Politici eisten excuses van Obama. En in het geval van Campbell zeiden ambtenaren dat hij eerst maar eens moest komen kijken in Polen, waar hij nooit zou zijn geweest. Één sneerde zelfs dat Polen net zo goed een filmploeg naar Londen had kunnen sturen die met precies hetzelfde filmpje had kunnen terugkomen. Als Groot-Brittannië tenminste weer eens een EK mocht organiseren.

Dat Campbell en Obama met één zinnetje – die laatste in wezen met een enkel woord – een natie in beroering weten te brengen, kan niet worden afgedaan als Poolse hysterie. Polen heeft tijdens de oorlog vreselijk geleden en om dan uitgemaakt te worden voor dader is lastig te verkroppen. Maar ook het EK is voor de Polen enorm belangrijk. Veel landen gebruiken grote sportevenementen om zichzelf internationaal te profileren. Zie China op de Olympische Spelen in 2008. Voor Polen is dat bijna een heilige missie geworden. Het wil laten zien dat het een moderne natie is. En, bovenal, een normaal land (altijd al geweest trouwens), geen bananenrepubliek. De Britse pers schildert Polen voor hun gevoel nu weer af als typisch achterlijk Oostblokland. Toch zouden zij zich niet zoveel zorgen hoeven maken over hun imago. De economie groeide vorig kwartaal met 3,5 procent ten opzichte van kwartaal twee in 2011. Het begrotingstekort daalt dit jaar onder de 3 procent, keurig volgens de Brusselse eisen. Dat maakt Polen meer dan normaal, zeker in de Europese economische situatie van nu.

In een erkenning daarvan wellicht, heeft Obama vrijdag laat,zij het halfslachtig, zijn excuses gemaakt. Nu Campbell nog.

Chris Hensen

    • Chris Hensen