Nieuwe woningnood Voor een woning ben je als pas afgestudeerde aangewezen op geld, connecties of geluk

Na de ontdekking van een rat in haar Amsterdamse studentenhuis zoekt Floor Rusman tevergeefs een nieuwe woning. De overheid heeft de huizenmarkt catastrofaal verstoord, schrijft Rick van der Ploeg.

Nederland, Rotterdam-Zuid, 25 februari 2011, Woning te Koop 300 euro per maand / wonen wonen woningen woningaanbod woningvoorraad leegstand te koop goedkoop wonen woonwijk woonkwaliteit prijs koopprijs woning huizen zijstraat Afrikaanderplein Rotterdam-Zuid multiculturele buurt sociaal economisch zwakke wijk kansenzones straatbeeld stadsgezicht Foto; Peter Hilz Peter Hilz

Als ik door Amsterdam fiets, vraag ik me altijd af wie er wonen achter die ramen en hoe ze aan hun huis zijn gekomen. Ik woon zelf in een leuke buurt, maar ik deel mijn huis met dertig studenten en, sinds kort, een rat. Bestek raakt kwijt. Wijn wordt opgedronken door anderen. De muren beginnen scheuren te vertonen.

Aangespoord door de rat besloot ik te zoeken naar een nieuwe woning. Ik ben tenslotte al 26 en bijna afgestudeerd. Toen ik mij ruim zes jaar geleden bij Woningnet inschreef, kon je na ongeveer zeven jaar een mooi appartementje krijgen. Inmiddels blijken er zelfs voor een woning in Diemen-Noord 225 wachtenden voor mij te zijn. Niettemin schat Woningnet mijn slaagkans in als „zeer hoog”.

Het zal er voorlopig niet beter op worden. Een vriendin van me is al meer dan een jaar bezig een sociale huurwoning te zoeken. Af en toe wordt ze uitgenodigd om een woning te bezichtigen in Amsterdam-Noord of Osdorp. Op de sociale huurmarkt gaat zo’n bezichtiging er anders aan toe dan op de koopmarkt. Waar verkopers zich in bochten wringen om hun huis er aantrekkelijk uit te laten zien (bloemen op tafel, appeltaartje in de oven – soms wordt er zelfs een verkoopstylist ingehuurd) hoeven verhuurders deze moeite niet te nemen. Belangstellenden zijn er toch wel. De huizen zien er vaak belabberd uit, met vieze wc’s, rondslingerende herfstbladeren op de grond – niet ter decoratie – en, in de woorden van mijn vriendin, „geel sap dat uit de radiator druipt”. Zij staat drie jaar langer ingeschreven bij Woningnet dan ik. Kortom, op een sociale huurwoning hoef ik de komende jaren niet te rekenen.

Voor een woning bij Studentenwoningweb is het juist weer te laat. Hetzelfde geldt voor de tijdelijke woningen van woningcorporatie Ymere. Deze zijn goedkoop en soms wel twee jaar beschikbaar, maar alleen voor studenten. Een vriend wees mij erop dat Woningnet speciale jongerenwoningen heeft waarvoor je geen student hoeft te zijn. Ik ging op onderzoek uit, in de veronderstelling dat ik een jongere ben, maar helaas – jongere ben je tot en met je 25ste. Het is een vreemde situatie: zelfs voor de meeste jongerenwoningen heb je zeven jaar inschrijftijd nodig. Hierdoor is er maar een zeer kleine window of opportunity om zo’n woning te bemachtigen. Inschrijven kan pas op je achttiende.

De volgende halte in de zoektocht was Stadsherstel, een kleine corporatie die huizen opknapt en verhuurt tegen lage prijzen. Drie jaar geleden was er een mogelijkheid op de wachtlijst te komen. Die heb ik enthousiast aangegrepen. Ik dacht aanvankelijk dat Stadsherstel een gezellige sekte was, waarvan misschien tien mensen lid waren, maar op de website bleek al die tijd te hebben gestaan: „Op onze wachtlijst staan ruim 10.000 personen ingeschreven.” Elke maand komt er gemiddeld één betaalbaar huis vrij.

En de vrije sector dan? Als ik snel een baan vind, kan ik best een woning van meer dan 664,66 euro betalen, dacht ik. Helaas – in de vrije sector liggen de huurprijzen niet alleen een stuk boven de genoemde grens (waardoor de huur zelden onder de achthonderd euro uitkomt), ook moet je een minimumjaarinkomen hebben van 34.085 euro. Alleen een tandarts verdient zo snel zo veel.

Een huis kopen is al helemaal ondenkbaar. Ik heb nog geen vast inkomen en zal dus geen lening kunnen krijgen. Wel ken ik mensen die met hulp van hun ouders een kleine studio kopen, maar dat is geen langetermijnoplossing. Als je bijvoorbeeld na twee jaar wil samenwonen, moet je het huis weer verkopen – met het risico dat de prijs ervan is gedaald.

Aleid Truijens waarschuwde afgelopen woensdag in de Volkskrant voor een uittocht van pas afgestudeerden uit de stad. De mensen om mij heen, die ook hun studies afronden, wonen nog in Amsterdam. Vaak is hun situatie evenwel niet ideaal. De één betaalt te veel huur (en snoept zo haar startkapitaal op), anderen wonen op hun 28ste nog in een studentenhuis of bij een hospita. Een enkeling heeft een mooi, betaalbaar huis via „een bevriende makelaar” of een andere geheimzinnige sluiproute. Voor een woning ben je als pas afgestudeerde aangewezen op geld, connecties of geluk.

Voorlopig ziet het er voor mij niet goed uit – en ik ben dan nog een zogeheten ‘langstudeerder’. Jongeren die al op hun 22ste afstuderen, moeten nog langer wachten op een sociale huurwoning. De maatregelen die worden genomen, lijken onvoldoende te zijn. Om scheefwonen tegen te gaan, mogen de huren worden verhoogd van mensen met een inkomen tussen de 33.000 en 43.000 euro (met 1 procent) en boven de 43.000 euro (met 5 procent), maar het is niet gezegd dat hiermee de problemen zijn opgelost. Het gat tussen de prijs van sociale huurwoningen en vrijesectorwoningen is zo groot dat scheefwoners niet op stel en sprong hun verhuisdozen zullen pakken. Ook wordt het nog minder aantrekkelijk voor starters om een huis te kopen. Hierdoor zullen zij niet snel vertrekken uit hun huurwoning.

Hopelijk neemt een nieuw kabinet deze problemen serieus. Tot die tijd zouden corporaties in de stad zelf iets kunnen ondernemen, door de maximumleeftijd voor jongerenwoningen te verhogen en tijdelijke woningen ook aan te bieden aan pas afgestudeerden. Ondertussen blijf ik tegen beter weten in op de site van Woningnet kijken. Galerijwoning in Purmerend. Slaagkans: zeer laag.

Floor Rusman is 26 jaar en bijna afgestudeerd historicus.

    • Floor Rusman