Het is crisis, maar waar is de FNV?

Eind deze maand wordt een nieuwe vakbeweging opgericht, als de FNV-bonden het tenminste eens kunnen worden over hun toekomst. Linde Gonggrijp (48), directeur van FNV Zelfstandigen, vindt de openlijke strijd binnen de vakbeweging „ontluisterend”.

Elite

„Mijn vader zei altijd: ‘Je moet je realiseren dat je een Gonggrijp bent. Je hoort bij de 5 procent.’ Hij bedoelde daarmee: je hoort bij de elite, je hoort bij de top. Dat schept verplichtingen: je moet iets bijdragen aan de maatschappij.

„Ik kom uit een nogal elitaire familie. Beschaafd, is een beter woord. We zijn opgevoed vanuit de gedachte dat je je in alle milieus goed moet kunnen bewegen. Je moet kunnen eten bij de koningin, maar ook een gesprek kunnen voeren met de putjesschepper.

„Eén opa was hoogleraar, de ander ingenieur en mijn oma gepromoveerd juriste. Mijn moeder was neerlandica, maar zorgde voor het gezin. Omdat mijn vader marineofficier was, zat hij soms acht maanden achter elkaar op zee. Dan kwam hij thuis met een doos vol cadeautjes uit Chili en IJsland.

„Mijn ouders leven nog. Fantastische mensen, bij wie ik altijd terecht kan. Mijn vader snapte ab-so-luut niet dat ik bij de FNV ging werken. Hij vindt de vakbeweging plat, een vechtersclub. Maar hij is stilaan best trots op me, geloof ik.”

Slangenkuil

„De FNV is een organisatie waar betrokken mensen werken. Dat past bij mij. Maar het is ook een slangenkuil. Er wordt niet altijd gestuurd op kwaliteit, maar op het organiseren van macht. Op een gegeven moment ben je daar wel klaar mee. Dan begint het te knagen.

„Toen ik nog niet zo lang op deze plek zat, schreef ik een opiniestuk over de koers van de FNV. Meteen kreeg ik een telefoontje van iemand binnen de bond: jij kan wel vergeten dat je ooit in het hoofdbestuur komt.

„Eigenlijk is het best bijzonder dat ik me hier al zo lang staande heb weten te houden, want het is een heel aparte organisatie. Het gaat er hier niet altijd even zachtzinnig aan toe. Het is precies zoals mijn vader zei: een beetje plat. Er heerst een straatvechterscultuur. En het punt is: ik ben geen straatvechter. Ik ben een beschaafd meisje. Er zijn periodes geweest dat ik het erg lastig vond om in zo’n cultuur te werken. Ik kan wel spelletjes spelen, maar dat wíl ik niet. Ook omdat ik zie dat het niets toevoegt.

„Onze leden en de maatschappij schieten niets op met de interne machtsstrijd. Het raakt me. Geeft me een gevoel van onmacht. Ik zou de andere bonden soms willen toeschreeuwen: dit is niet de weg, dit is niet de weg omhoog!”

Wegwezen

„Iedere avond voor het slapen denk ik vijf minuten na: hoe was deze dag? Heb ik gedaan wat ik wilde doen? Word ik niet cynisch? Is dit nog de plek waar ik wil zijn?

Voordat ik directeur werd van FNV Zelfstandigen werkte ik zes jaar als projectmanager bij de Vrouwenbond. Daar kwam ik op een gegeven moment geen stap verder. Er was geen ruimte voor vernieuwing. Terwijl ik vooruit wil. Wegwezen, dacht ik. Toen kwam deze baan voorbij en heb ik mijn kans direct gegrepen. Het was een mooie carrièremove: ik werd directeur en kreeg een enorme verantwoordelijkheid. Daar kon ik mijn energie wél kwijt.

„Het is een belangrijke les geweest: blijf nooit te lang zitten. Ik merk nu weer dat het zo zoetjesaan tijd is om te gaan. Maar we zitten in een moeilijke situatie en ik wil de boel goed achterlaten. Ik heb mezelf tot doel gesteld om in ieder geval te zorgen dat FNV Zelfstandigen klaar is voor de toekomst. Dat de zelfstandigen geborgd zijn binnen de nieuwe vakbeweging.”

Zielige mensen

„De arbeidsmarkt verandert. Mensen gaan op een andere manier werken, in lossere verbanden. We kunnen er niet meer onderuit: bijna 800.000 mensen, 10 procent van de beroepsbevolking, is zelfstandig. Maar nog steeds is het een blinde vlek, ook binnen de vakbeweging. Het is een hardnekkig idee dat zelfstandigen zielige mensen zijn die uit pure noodzaak voor zichzelf zijn begonnen. Onzin! Onze achterban van 15.000 leden heeft vrijwillig gekozen voor een bestaan als zelfstandige. Natuurlijk: er zijn vast mensen die diep in hun hart liever een vaste baan willen. En er is ook een groep die door hun werkgever werd gedwongen om over te stappen van een vast contract naar een freelance contract, maar dat is hooguit 5 tot 10 procent van het totaal.

„Het aantal zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) zal nog wel doorgroeien, verwacht ik. Steeds meer mensen zullen het afwisselen: een paar jaar freelance, een paar jaar in vaste dienst. We moeten nieuwe sociale arrangementen opstellen, waarbij ook zelfstandigen een vangnet hebben. Voor zaken als scholing, pensioen en arbeidsongeschiktheid zou het niet moeten uitmaken of je in loondienst werkt, of als zelfstandige. Sinds twee jaar zit ik in de Sociaal Economische Raad om dat te bewerkstelligen, maar het gaat moeizaam. De oude instituties hebben zich nog totaal niet aangepast aan de nieuwe arbeidsmarkt.”

Vrijdagmiddag

„Mijn gezin is de basis onder alles. Daardoor kan ik mijn werk goed doen. De zorg over onze kinderen, een dochter van 13 en een zoon van 10, deel ik met Peter, mijn man. Hij heeft een eigen kookstudio en een cateringbedrijf. Toen ik deze baan kreeg, hebben we afgesproken dat hij thuis meer zou gaan doen, zodat ik even flink carrière kon maken. Ik probeer iedere vrijdagmiddag op het schoolplein te staan. Dat lukt niet altijd, maar meestal wel.

„Mijn kinderen vinden het niet altijd even leuk dat ik veel werk, maar ze hebben wel een moeder waar ze trots op kunnen zijn. Mijn eigen moeder vraagt wel eens: waarom maak jij het altijd zo moeilijk voor jezelf? Zij was hoog opgeleid, maar heeft nooit de kans gekregen om iets met haar studie te doen. Ik dacht: dat gaat mij niet gebeuren.”

Biertje

„De strijd die nu wordt gestreden binnen de FNV begon twee jaar geleden. Op het moment dat Agnes Jongerius haar uitspraak deed over samenwerken met de PVV: ‘Ik doe zaken met de duvel en zijn oude moer’. Onze inbox stroomde vol met mailtjes van mensen die hun lidmaatschap opzegden.

„Daar móét je iets mee. We brachten een statement uit met de strekking dat we het niet met Jongerius eens waren. Nog diezelfde dag werd ik gebeld door mensen van FNV Bondgenoten, of ik een biertje wilde drinken. De aap kwam snel uit de mouw: vond ik ook niet dat Agnes fout bezig was? Haar positie werd toen al ondermijnd. Kun je je voorstellen dat het al jaren zo gaat?

„Maar het allerergste is het gebrek aan visie. Waar gaan we heen? Waar staat de FNV nog voor? Het is crisis, maar waar is de FNV? Vanuit het hoofdbestuur is niemand opgestaan om dat aan te kaarten. Om boven het gedonder te staan. Ontluisterend.”

Spiraal

„Als politicoloog weet ik: oude instituties verdwijnen en er komen nieuwe voor in de plaats. Prima. Het is de hoogste tijd voor nieuw elan. Ik las laatst een stuk over pensioenen uit 1994. Daar stonden de namen onder van de mensen die nu de onderhandelingen over de pensioenen voeren.

„Hetzelfde geldt voor de FNV-top. Die mensen kennen elkaar al 30 jaar en hebben niets anders gedaan dan werken bij de FNV. Dat is toch niet goed? Als je kiest wat je altijd koos, krijg je wat je altijd kreeg. Ik ben gefrustreerd, omdat ik ook niet weet hoe je die spiraal doorbreekt. Mensen uit het bedrijfsleven zouden zich aan moeten sluiten, met frisse ideeën over de arbeidsmarkt. Jongens, we gaan het hier potverdorie helemaal anders doen. Maar waarom zou je je aansluiten bij een club die zo met zichzelf bezig is?”

Aanmodderen

„Ik ben bang dat er nog een tijd wordt aangemodderd binnen de FNV. Na het oprichtingscongres van de nieuwe vakbeweging op 23 juni hebben de bonden nog een jaar de tijd om definitief te beslissen of ze mee willen. Ik ben het op een aantal punten niet met het plan eens. We zullen inleveren aan autonomie, aan geld en aan zeggenschap, vrees ik. Maar beslissen of FNV Zelfstandigen aansluit, moet de ledenraad doen. Als de leden ‘ja’ zeggen en we moeten op alle fronten inleveren, dan zullen ze het met een andere directeur moeten doen.”

    • Ringel Goslinga
    • Patricia Veldhuis