Werkelijkheid volgt satire na 30 jaar

Al is de satire nog zo snel, de werkelijkheid achterhaalt hem wel. Dat betoogde Wim de Bie in zijn afscheidsrede als gasthoogleraar satire aan de Universiteit Tilburg.

Nederland, Tilburg, 31-05-12 Wim de Bie tijdens de Leonardo lezingen aan Tilburg University. © Foto Merlin Daleman

Wim de Bie mag dan, volgens een van zijn studenten, hippe Nikes dragen – hij kan daar wel heel waardig op schrijden. In toga kwam hij gistermiddag de collegezaal binnen voor de Leonardolezing, zijn afscheidsrede na drie maanden gasthoogleraarschap aan de faculteit geesteswetenschappen van de Universiteit van Tilburg. „Ik heb mij met groot genoegen professor in de satire genoemd”, sprak hij, en het was overduidelijk dat hij dat meende, totdat hij er droogjes op liet volgen dat je aan de status van het professorschap zoveel hád: mensen stonden voor hem op in de tram, de trein, en zelfs de reddingsboot. „En men liet mij voorgaan bij de podoloog!”

Serieus zijn, oké, maar er moet vooral ook gelachen worden – De Bie was in feite de verpersoonlijking van de uitspraak van Juvenalis waarmee hij zijn afscheidscollege begonnen was: ‘difficile est satiram non scribere’, oftewel: het is moeilijk om géén satire te schrijven. Maar ook van het omgekeerde. Want voor de humor van De Bie moet niet alles wijken, niet alles mag verdwijnen in grappen. We mogen best hard lachen, graag zelfs, maar in zijn satire zit altijd een serieuze ondertoon.

Dat bleek ook uit de studies die vijftien excellente studenten (negen vrouwen, zes mannen) in De Bies werkgroepen, door hem ‘redactievergaderingen’ genoemd, hadden uitgevoerd. Daaraan ten grondslag lag de aanname dat in de eerste jaren van de 21ste eeuw de satire is ingehaald door de werkelijkheid. Er zit, aldus De Bie, steeds dertig à veertig jaar tussen de satire en het werkelijkheid worden daarvan. Want in 1981, betoogde hij, richtten Van Kooten en De Bie de Tegenpartij op, die later de voorloper bleek van Fortuyns LPF en de PVV. Ruim dertig jaar geleden bedachten ze Stichting Morekop, nu heb je Occupy. En volgens De Bie bestaat er tegenwoordig zoiets als ‘typetjesfobie’: een aandoening waarbij mensen hun partner en alle andere mensen in de leefomgeving als typetjes ervaren. Hij benadrukte: „Ik bedoel niet dat we een pluim verdienen omdat we zo goed de toekomst hebben voorspeld; nee, de werkelijkheid hobbelde gewoon achter de satire aan.”

En dus stelde De Bie zijn studenten de vraag: „Is satire een betrouwbaar instrument in de moderne toekomstkunde? Doen overheden er goed aan hun planning op satire af te stemmen?” Satire geschreven in 2012 zal ongeveer in 2048 werkelijkheid zijn geworden, bedachten de academici op basis van „ingewikkelde wiskundige berekeningen” en waarschijnlijk ook omdat ze 2048 een mooi getal vonden. De studenten schetsten drie toekomstscenario’s die nu misschien overdreven lijken, maar die als we hen moeten geloven een realistische schets van de toekomst zullen blijken. „In 2048 hebben de geesteswetenschappen nut”, stelde De Bies werkgroep ‘Geesteswetenschappen in 2048’ met enige zelfspot. „In 2033 is er een grote internetstoring, alles ligt plat, en daarna is er een ommezwaai naar de nieuwe gemoedelijkheid.” Dan zal er een grote behoefte ontstaan, aldus de werkgroep, aan mensen die ooit gedrag hebben bestudeerd.

Of neem de voorspellingen van de werkgroep ‘Medische Wetenschap’. In 2048, betoogde die, zou de euthanamusementsindustrie bloeien. Mensen zouden tegen die tijd in principe oneindig kunnen leven en dus op zoek gaan naar vermakelijke manieren om bewust een einde aan hun leven te kunnen maken. Zoals Johan Cruyff (101) dan zal zeggen: „Je moet sterven om dood te kunnen gaan, maar dat is logisch.” De studenten kwamen met prachtige voorbeelden. Een reality-tv-programma getiteld So you think you can die. Een Gålg – als Ikea-meubel. Een marathonuitzending Knevel & Van den Brink (motto: verveel je dood). Kijken naar Joan Franka’s optreden op het Songfestival (motto: schaam je dood).

Alle studenten kregen een ‘dikke tien’ van hun hoogleraar. Waarop De Bie door zijn studenten overladen werd met bloemen en cadeaus, waaronder een bundeling van door hen geschreven satirische teksten. De Bie bloosde. En riep zijn publiek nog maar eens op om vooral in 2048 terug te komen naar Tilburg. „Dan gaan we kijken wat ervan uitkomt.”

    • Ellen de Bruin