Ineens een straat vol dode bijen

Sarah Hall: De prachtige onverschilligheid. Vert. door Wim Scherpenisse. Anthos, 208 blz. € 19,50

De verrassingen bij gevestigde belofte Sarah Hall (Cumbria, 1974, vijf boeken, twee Booker Prize-nominaties) zijn telkens andere dan je verwacht. Neem het verhaal ‘Het bureau’ uit haar nieuwe bundel De prachtige onverschilligheid: een vrouw is niet bijzonder gelukkig in haar huwelijk – en ze gaat vreemd. Je las hierover al eerder, bij Sanneke van Hassel of Richard Bausch, en verrassend is de afloop dus niet. Maar het overspel verloopt bij Hall vlekkeloos – de schok is dat een vriendin alles blijkt te weten.

Een andere vrouw is op stel en sprong gevlucht. Hoe? Waarom? Hall onthult iets uit een broeierig schemergebied van seks, geweld en onrecht, maar dit is het echte mysterie: ‘Op een ochtend niet lang nadat je in het nieuwe huis bent getrokken sta je in de tuin en zie je ineens dat de grond bezaaid ligt met insecten. Ze liggen her en der, als donkere vlekken tussen de geelbruine zuidelijke steentjes, met lange poten en dunne vleugels. Tientallen en nog eens tientallen dode bijen.’ Bijen. En dan, pagina’s later, sta je oog in oog met een vos. In hartje Londen hapt hij naar alles wat vliegt. Is dat een oplossing van het mysterie?

Hall wekt de suggestie dat de achtergrond van de bedrogen, beschadigde vrouw ertoe doet, dat die ergens toe leidt – zoals elders in deze bundel desolate landschappen iets betekenisvol dreigends lijken te hebben. En ja, ze geven spanning en diepte aan de verhalen. Maar het gaat haar om iets anders, iets interessanters, en pas in de laatste zinnen ontdek je dat je een heel ander verhaal hebt gelezen. Maar niet elk van die andere verhalen is even interessant. Dat vriendinnen geen geheimen hebben, in ‘Het bureau’, tja. En de ontknoping van ‘Zij vermoord, hij sterfelijk’ heeft iets gekunstelds: stel ruziet, zij loopt weg, langs zee, komt een zwerfhond tegen, bij terugkomst blijkt haar vriend aangevallen te zijn. Door welk dier denkt u? Maar Halls stijl, soepel vertaald door Wim Scherpenisse, overtuigt. Haar afleidingsstrategie is fenomenaal: ‘Het tij was aan het afnemen. Dat wist ze al voordat ze op het strand was. Ze hoorde de zee terugtrekken, het sonore sissen achter in zijn keel.’ De zee als dreigend dier – wat als het straks vloed wordt? Hall bouwt met sterke beelden je verwachtingen op en bestraft ze, telkens weer. En ze maakt waar wat haar reputatie belooft: een bundel voor fijnproevers.

    • Daan Stoffelsen