Het rookverbod in de horeca redt geen levens

Het aantal hartdoden verminderde na het rookverbod op de werkplek, maar het verbod in de horeca lijkt geen verschil te hebben gemaakt.

Rotterdam. Het rookverbod in de horeca dat in 2008 in Nederland is ingevoerd, heeft het aantal plotselinge hartdoden in Zuid-Limburg niet verminderd, zo blijkt uit onderzoek. Vanaf 2004 was roken op de werkplek al verboden. Dat verlaagde wel de acute hartdood. Omgerekend naar heel Nederland redt het rookverbod jaarlijks 4.000 levens.

Door sigarettenrook sterven meer mensen aan hartziekten dan aan longkanker en andere luchtwegziekten. De rook heeft een acuut effect op het hart, vooral doordat de bloedstolling wordt beïnvloed. Ook meeroken is slecht voor het hart. In Nederland sterven daardoor jaarlijks tussen de 1.500 en 3.500 mensen.

Onderzoekers van de Universiteit Maastricht zijn verbaasd dat het horecarookverbod kennelijk geen levens redde. Zij zien twee mogelijke oorzaken. „Misschien komt het doordat het rookverbod in de horeca vanaf het begin niet goed is nageleefd, en doordat de maatregel een keer versoepeld is, weer aangehaald, en in 2011 voor de kleine cafés zelfs helemaal afgeschaft”, zegt onderzoeksleider Onno van Schayck, hoogleraar preventieve geneeskunde aan de Universiteit Maastricht. „Het kan ook zijn dat het maximale effect al in 2004 was behaald, toen het rookverbod op de werkplek werd ingevoerd.” Het onderzoek is gisteren gepubliceerd in het medisch-wetenschappelijke tijdschrift Heart. NRC