Teylers plotseling drie Rafaëls rijker

Vliegende Putto (1518) van Rafaël

Het Teylers Museum in Haarlem heeft in de eigen collectiedrie tekeningen van Rafaël (1483-1520) ontdekt. De kleinste is een vliegende putto met een hamer. Deze figuur keert terug in een plafondschildering van de Villa Farnese, waar Rafaël een godenbruiloft schilderde. De putto draagt de attributen van de god van het vuur Vulcanus. Zo vrijelijk als de putto vliegt, zo mooi als de perspectivisch verkorte benen zijn weergegeven – dat kan alleen de Italiaanse meester zelf hebben gedaan, zeggen deskundigen uit Haarlem en Wenen.

Op een tweede, beschadigde, tekening staat een portret van een onbekende jongeman. Mogelijk een van Rafaëls assistenten of leerlingen, die in een geplooide jas poseert voor een opdracht voor een portret. Rafaël schetste nooit zomaar, het was altijd een voorstudie. De derde, wat vlakkere tekening, toont Jozua en de Israëlische stamhoofden. Deze scène keert terug in een imitatiereliëf dat Rafaël schilderde in het Vaticaan.

Experts uit het Teylers Museum en het Albertina Museum uit Wenen hebben de tekeningen aan Rafaël toegeschreven – voorheen stond er een vraagteken bij of ze van de meester waren of van zijn school. De drie toeschrijvingen worden niet betwist. Over een tekening met drie meisjeshoofden doet het museum geen uitspraken: daarover zijn de meningen verdeeld.

De drie tekeningen, gemaakt rond 1515-1518, zijn sinds eind achttiende eeuw van het Teylers. Dat bestudeerde ze in de aanloop naar de Rafaël-expositie die er september opent. Daarvoor krijgt het tekeningen te leen van het Albertina Museum in Wenen.