Dat moet echt beter straks

Oranje wint in het oefenduel tegen Slowakije met 2-0, maar weet weer niet te overtuigen. Wel is er nu duidelijkheid: Robin van Persie is diepste spits, en niet Klaas-Jan Huntelaar.

Netherlands' Ibrahim Afellay reacts after scoring the first goal during the friendly football match between the Netherlands and Slovakia in Rotterdam on May 30, 2012. AFP PHOTO/ ROBIN UTRECHT AFP

Redacteur Sport

Rotterdam. Wordt het Klaas-Jan Huntelaar of Robin van Persie? De voorbereiding van het Nederlands elftal op ‘Euro 2012’ kreeg de afgelopen dagen trekjes van een nationaal debat: wie moet in Oekraïne, en als het meezit later in het toernooi ook in Polen, fungeren als diepste spits? De nuchtere doelpuntenmachine uit de Bundesliga, Huntelaar, of de meer emotionele topscorer van de Premier League, Van Persie.

De zestien miljoen bondscoaches in Nederland zijn er nog lang niet uit, de enige die ertoe doet, Bert van Marwijk, heeft de knoop doorgehakt: Van Persie heeft Huntelaar uit de punt van aanval verdrongen. „Omdat ik vind dat ik dat moet doen”, was alles wat hij er gisteravond over te zeggen had, voorafgaand aan het oefenduel tegen Slowakije in de Kuip.

Al kon Nederland eindelijk weer eens een zege (2-0) bijschrijven (na twee nederlagen op rij), de omzetting gaf Van Marwijk nog niet de sleutel waarnaar hij zo hard op zoek is. Daarvoor was het spel veel te pover. Van Persie en de andere sterren, Wesley Sneijder en Arjen Robben, waren grote delen van het duel onzichtbaar, de defensie oogde opnieuw onwennig.

Met de keuze voor Van Persie greep Van Marwijk terug op vaste patronen die de de ploeg twee jaar geleden zoveel succes bracht. Nederland haalde toen de finale van het WK in Zuid-Afrika. Met liefst acht spelers die in juli 2010 tegen Spanje in de ‘basis’ stonden. Dat hadden er ook negen kunnen zijn, als Joris Mathijsen afgelopen zaterdag niet geblesseerd was afgehaakt. Giovanni van Bronckhorst stopte, Dirk Kuijt is verdrongen door de technisch veel begaafdere Ibrahim Afellay, één van de weinigen die zich wel positief onderscheidde.

Zekerheid, vaste patronen. Dat is waar Van Marwijk dringend behoefte aan heeft, kort voor het EK. Want zelden stond er zo veel druk op een oefeninterland als gisteren tegen Slowakije. Vooral na de blamerende thuisnederlaag tegen het modale team van Bulgarije (1-2), volgend op het verlies bij Bayern München (3-2), had Oranje dringend behoefte aan een goed resultaat.

Maar de twijfels namen gisteravond alleen maar toe. De schrik sloeg Van Marwijk al na vijftien seconden om het hart toen zijn twee centrale verdedigers, Wilfred Bouma en John Heitinga, bij een kopduel met de hoofden tegen elkaar botsten. Terwijl beide spelers groggy aan hun hoofd werden behandeld, kopte de Slowaakse spits Marek Hamsik de bal op de kruising. Bouma speelde wel verder, maar ging na rust voor controle naar het ziekenhuis.

Oranje kwam kort na die botsing fortuinlijk op voorsprong, met hulp van de Slowaken. Afellay, voor het eerst sinds zijn zware knieblessure weer van de partij, zag vanaf de linkerkant zijn voorzet in het doel verdwijnen, nadat Kornel Saláta de bal verkeerd wegwerkte (1-0).

Daarna zakte Nederland opnieuw diep weg en maakte het veel fouten. Nota bene pas toen Van Persie ruim twintig minuten voor tijd was gewisseld (voor Huntelaar) ging het wel lopen en kwam er wél druk op het Slowaakse doel. Van der Vaart, uitstekend ingevallen voor de geblesseerd geraakte Sneijder (enkel), raakte eerst de kruising uit een vrije trap. Kort daarna schoot hij wel raak, na een combinatie met Huntelaar (2-0).