Bronckhorst in beroep tegen verbod rond Dodenherdenking

De plek in Vorden waar de Duitse militairen begraven liggen. Foto Hollandse Hoogte / Luuk van der Lee

De gemeente Bronckhorst gaat in hoger beroep tegen het verbod om stil te staan bij de graven van Duitse militairen tijdens de jaarlijkse Dodenherdenking in Vorden. Dat meldt de NOS vanochtend.

De Joodse belangenorganisatie Federatief Joods Nederland (FJN) spande de rechtszaak aan om te proberen alle Nederlandse Dodenherdenkingen waarbij omgekomen Duitse militairen worden herdacht, op 4 mei volgend jaar te laten verbieden, zo liet advocaat Herman Loonstein namens de organisatie weten aan NRC Handelsblad.

‘Onrechtmatige daad tegenover slachtoffers’

Op vier mei verbood de rechtbank van Zutphen de burgemeester en wethouders van de gemeente Bronckhorst tijdens de Dodenherdenking in Vorden langs de graven van tien omgekomen Duitse militairen te lopen. Het plaatselijke 4-meicomité had deze optie in het programma opgenomen. Het comité vond het 67 jaar na de Tweede Wereldoorlog tijd voor “verbroedering en verzoening”, maar FJN noemde het een “onrechtmatige daad tegenover slachtoffers, dood en levend”.

De kortgedingrechter zei begin deze maand dat herdenken van omgekomen Duitse soldaten “passend” kan zijn, “maar niet op 4 mei en niet in één adem met de herdenking van slachtoffers van het nazi-bewind”.

Mag de rechter een burgemeester verbieden op 4 mei ook gevallen Duitse soldaten te laten herdenken? Lees hier het commentaar van NJB -expert Tom Barkhuysen, advocaat in Amsterdam en hoogleraar staats- en bestuursrecht in Leiden.