Eenogige Noor ziet alles graag positief

Rustig en waardig reageren: die opdracht hebben de Noren zich gegeven in het proces tegen Breivik. Emoties en politiek debat zijn taboe. Een getuige: ‘Het komt nu wel goed uit dat ik een oog mis.’

Anders Breivik toont in de rechtszaal sporadisch emoties. Foto Reuters

Toen Hayder Mustafa Qasim zijn schoen uittrok en die naar Anders Breivik gooide, de moordenaar van zijn broer, ging er een golf van ontlading door de rechtszaal in Oslo. Sommigen klapten, anderen riepen bravo. Want de in Irak woonachtige Qasim deed iets wat veel Noren zelf ook willen doen, maar niet durven.

„Eindelijk”, verzuchtte adjunct-hoofdredacteur Hanne Skartveit van Noorwegens grootste krant, VG, in een commentaar. „Het applaus in de zaal bewijst dat Qasim namens velen gooide.” Toch is het kenmerkend voor de Noorse samenleving dat er een buitenstaander voor nodig was om tot deze ontlading te komen.

De schoen miste doel. Breivik keek even geschokt op maar bleef verder onaangedaan. Het was Breiviks advocaat Vibeke Hein Bæra die werd geraakt. Na het incident op 11 mei vertelde ze dat ze de emoties begreep, maar hoopte dat het proces verder waardig en rustig zou verlopen.

Dat zijn woorden die vaker klinken als je in Oslo vraagt wat er verwacht wordt van het proces: dat het rustig en waardig zal verlopen. Breivik pleegde de bomaanslag waarbij in het centrum van Oslo acht doden vielen en vermoordde daarna op het eiland Utøya in koelen bloede 69 overwegend jonge mensen, deelnemers aan een zomerkamp van de Arbeiderspartij. Maar voor emoties is geen plaats in rechtszaal 250 in Oslo.

De afgelopen vier weken is uitgebreid stilgestaan bij de mensen die Breiviks aanslagen niet overleefden. 77 keer droeg een schouwarts een autopsierapport voor, 77 keer vertelde de advocaat van de nabestaanden een kort verhaal over de persoon in kwestie, met zijn foto op een groot scherm. Dat waren emotionele zittingen, niet alleen voor de nabestaanden maar ook voor de professionals. Zowel aanklaagster Inga Engh als rechter Wenche Arntzen zijn betrapt op het wegpinken van traantjes.

Daarna konden de overlevenden hun verhaal doen, zoals de 18-jarige Viljar Hansen uit Spitsbergen. Hij werd vier keer geraakt door Breiviks kogels terwijl hij zijn 14-jarige broertje in veiligheid probeerde te brengen. De vier kogels rukten een aantal vingers van zijn hand, raakten hem in zijn been, arm en hoofd. Hansen mist zijn linkeroog. „Terwijl ik daar lag voelde ik aan mijn oog, ik zag daar niets meer mee. Ik voelde iets zachts, ik dacht – oh oh, daar moet ik maar niet meer aanzitten. Ik wist dat het mijn hersens waren”, vertelde Hansen – met een glimlach. „Het komt nu wel goed uit dat ik niets zie uit mijn linkeroog, dan hoef ik tenminste niet die kant op te kijken”, zegt hij, terwijl hij naar Breivik wijst. Toch toont Hansen tijdens zijn verklaring geen wrok: „Ik hou ervan alles positief te zien.”

De meeste getuigen stellen zich op als Hansen. Sommigen hebben het zichtbaar zwaar. Een meisje vertelt huilend dat ze zich dood hield onder het lijk van haar beste vriendin. Maar dat andere meisje, dat Breivik voor nietsnut uitmaakte, is een uitzondering die de regel bevestigt: iedereen stelt zich rustig en waardig op. De 15-jarige Ylva Schwenke zegt haar littekens met trots te dragen: „Ze zijn het symbool voor het feit dat democratie niet gratis is.”

„Sociaal-democratische waarden als tolerantie en solidariteit zijn zo diep in de samenleving geworteld, dat daardoor de emoties tijdens het proces in de verdrukking raken”, zegt Regi Theodor Enerstvedt, emeritus hoogleraar sociologie aan de universiteit van Oslo. Hij werkt aan een boek over de nasleep van de aanslagen van 22 juli vorig jaar.

Maar niet alleen emoties blijven bedekt onder die deken van tolerantie en solidariteit, ook afwijkende opvattingen en meningen. Op de discussiefora van kranten worden dingen gezegd die de gedrukte pers niet halen. Rechtenstudent Magnus Forsberg heeft een overzicht gemaakt van die politiek-incorrecte reacties. Zoals: „Breivik hield zoveel van zijn land dat hij bereid was 77 mensen te doden om ons wakker te schudden.” Of: „Ik vraag me af hoeveel mensen er omgekomen zijn door het beleid van de Arbeiderspartij – dat zijn er sowieso meer dan Breivik heeft kunnen vermoorden.”

Forsbergs collage werd een hit op het internet. Noorwegen reageerde geschokt. De collage liet een wereld zien die voor vele Noren onbekend is. Magnus Forsberg wilde Noorwegen bewust maken van het feit dat er mensen zijn die net zo denken als Breivik. „Er zijn veel Noren met zulke extreme opvattingen. Meer dan je denkt.” De reacties haalde hij voornamelijk van de websites van de twee grootste kranten, Dagbladet en VG. Niet lang nadat hij zijn collage af had, werden de meeste reacties door de beheerders van de websites verwijderd.

„Bijna alle kranten zijn links georiënteerd”, legt professor Enerstvedt uit. „Breivik heeft gelijk dat er in de media geen ruimte is voor mensen zoals hij. Kritische stukken over migratie en de multiculturele samenleving worden praktisch nooit geplaatst. Terwijl er wel aanleiding is voor debat. Net als de rest van Europa is Noorwegen de afgelopen jaren veranderd.”

Enerstvedt wijst op het toegenomen aantal moslims in Noorwegen. „Mensen herkennen zich niet in moslims, en dat boezemt hun angst in. In Europese landen als Denemarken en Frankrijk, maar ook bij jullie in Nederland, zie je dat dit soort angst door politieke bewegingen overgenomen wordt. Dat gebeurt hier in Noorwegen niet, omdat men bang is als inhumaan of nationalist weggezet te worden.”

Volgens de schrijver Aslak Sira Myhre, oud-leider van het linkse partijtje Rød Valgallianse, had niemand gedacht dat mensen openlijk zouden sympathiseren met Breivik. Nu dit wel gebeurt, mist Noorwegen volgens hem de kans op een open debat.

Myhre heeft veel lof voor het optreden van premier Jens Stoltenberg na de aanslagen. Eén ding neemt hij hem echter kwalijk. Stoltenberg sprak over een aanval op de Noorse democratie en waarden, terwijl het duidelijk een aanval was op zijn eigen Arbeiderspartij. Dit frame maakt het haast onmogelijk om over de politieke aspecten van de aanslagen te spreken.

De Noren hebben volgens Enerstvedt het gevoel dat ze goed doen door zich tolerant en solidair op te stellen tegenover nieuwkomers. „Men accepteert het niet als mensen hier kritisch tegenover staan. Terwijl ik ervan overtuigd ben dat er velen zijn die in beginsel Breiviks angst delen. Niet dat ze achter zijn daden staan, maar ze herkennen wel zijn angst voor verandering”, zegt hij.

Door deze verdrukking loopt Noorwegen volgens Enerstvedt het risico dat degenen die het in meer of mindere mate met het gedachtegoed van Breivik eens zijn, radicaliseren. Dat is waar Breivik op hoopte, hij wilde een rechts front creëren.

Volgens Myhre en Enerstvedt lijkt Noorwegen niet te willen erkennen dat de aanslagen van Anders Behring Breivik politiek gemotiveerd waren. Terwijl dit in hun ogen wel zo is. „Dat de Noren de politieke kant van de zaak ontkennen is gevaarlijk”, stelt Enerstvedt. „Om Breiviks ideologie te bestrijden, moeten we de discussie aangaan.”