Rake zelfspot bij Operadagen

Opera

Operadagen Rotterdam. Gezien: 25 en 26/5. Nog t/m 3/6 div. loc. www.operadagenrotterdam.nl.****(Spookhuis) **(Figaro) *(White World)

„Uit onmacht een kind voort te brengen bevolken homoseksuele operamaffiosi de wereld met machteloos regietheater. En het publiek ligt dubbel.” Aldus de pathetische hoofdpersoon, zelf zo’n machteloos regisseur, in Het spookhuis der geschiedenis van Acteursgroep Wunderbaum. Het stuk, in een spooktent op het Schouwburgplein, levert tijdens de Operadagen hilarisch commentaar op geëngageerd muziektheater. En daarmee onvermijdelijk ook op enkele producties binnen datzelfde festival.

Pas kregen de Operadagen lof van de Rotterdamse cultuurraad om hun ‘artistiek concept’ en brede bereik. Toch moet het festival worden teruggeschroefd naar tweejaarlijkse verschijning, en nauwer samenwerken met het Gergjev Festival.

Anders dan de blockbusters van dat laatste festival zijn de artistieke blikvangers van de Operadagen vooral kleinschalige, experimentele voorstellingen. Dat is niet zonder risico.

Een machteloze indruk maakt Figaro Desire Machine van Joachim Robbrecht; een rommelige, hedonistische interpretatie van Mozarts opera. Stemmen worden vervormd, gesprekken gaan over seks en R Kelly, het decor is een deprimerende feestruimte. Het lijkt een pleidooi voor ware liefde in tijden van lust. Maar de timing van het spel is belabberd. Dat de meligheid opzettelijk is, maakt haar niet minder flauw.

Nog tergender is White World van Robin Coops, gebaseerd op Orwells 1984: een dystopie waarin alleen mag worden gezongen. Kunstmatige muziek zonder emotie is vreselijk, maar die boodschap is snel duidelijk. De rest van de eendimensionale voorstelling vol banale klanken moet daarna lijdzaam worden ondergaan.

Nee, dan liever Het spookhuis: daar is de satire ambigu en de spot raak en brengen cellisten en zangers prachtige operafragmenten van Wagner.