‘Ik is uit, wij is in’

Tweemaal richtte Inez van Oord een succesvol blad op: Seasons en Happinez. Het maakte haar financieel onafhankelijk. En het putte haar uit. Om zichzelf weer op te laden, schreef ze een boek over een opvanghuis in Peru. En nu? Het kriebelt weer.

„Ik voel dat er weer wat gaat komen. Als ik te lang naar de koeien kijk, komt er een kriebel in mijn systeem.” Foto Lars van den Brink

Inez van Oord (53) is er eigenlijk altijd mee bezig. Vanochtend nog, toen ze koffie dronk met de man die in de zon het rieten dak van haar boerderij in Eemnes trimt. „Hij is heel gevoelig”, vertelt ze. Voor ze er erg in had, was ze met hem verwikkeld „in een gesprek over de zin van het leven”.

U lokt het uit?

„Ik denk het. Opeens hadden we het over zelfstandig leven en onafhankelijk zijn van de wereld. Geweldig!”

Een kleine tien jaar geleden lanceerde Inez van Oord haar ‘mindstyle magazine’ Happinez. Na zes jaar trok ze zich terug als hoofdredacteur van het tijdschrift over zingeving, verdieping en spiritualiteit (oplage bijna 200.000 exemplaren). Maar de thema’s van het magazine blijven haar onmiskenbaar boeien.

Vorige maand publiceerde ze het boek Mamita dat ze samen met fotografe Mirjam Bleeker maakte. Het boek gaat over de Nederlandse vrouw Helena van Engelen die in 2003 naar Peru verhuisde. Daar zette ze Niños del Arco Iris op, een opvang- en scholingscentrum voor jongeren. „Het boek gaat over een moedig mens. Misschien zet haar verhaal mensen aan zelf ook iets moedigs te gaan doen.”

In Mamita werpt Van Oord de vraag op of er wel „zoiets bestaat als een vrije wil? Doen we wat we willen, of worden we gestuurd, aangedreven?” De hoofdpersoon in het boek is er in ieder geval van overtuigd dat „ze geroepen werd”.

U zou zelf ook wel zo’n heldere roeping willen hebben?

„Ik zou niet met haar willen ruilen, omdat ik zelf op een andere manier die ‘roep’ voel. Het idee voor Happinez kwam ook als een flits binnen, alsof het onweerde, en die ene flits of knal me een nieuwe richting gaf. Zo leek het. Maar in de praktijk leefde ik allang met deze nog vage ideeën. Zo’n roep, flits, inzicht, moment heb je nodig om in actie te komen. Daarna is er geen stoppen meer aan.”

Van Oord is van oorsprong journalist. „Een laptop is mijn beste maatje”, zegt ze. Ze werkte bij de Provinciale Zeeuwse Courant en De Telegraaf. Daarna begon ze haar eigen tijdschrift Seasons, een glossy over buitenleven. Op haar dertigste was ze „opeens een mevrouw die dertig mensen in dienst had. Alles draaide om mij en dat werd me te veel. Ik was op van vermoeidheid.”

Van Oord ging in 2003 voor het eerst naar Peru voor een reportage over Helena van Engelen. „Toen zag ik hoe het was je leven volledig om te gooien. Ik durfde dat nog niet. Het is heel eng alles weg te doen wanneer het allemaal zo goed loopt: als je blad succesvol is, als je dit huis kunt kopen. Ik schreef over het buitenleven, had een man, dochter, hond en eindelijk mijn huis met koeien voor de deur – en toch was ik doodongelukkig.”

U was met Seasons verkozen tot ‘hoofdredacteur van het jaar’, maar intussen zat u grienend voor het raam van uw woonboerderij?

„Ja. Succes wordt overgewaardeerd. Er is ook een andere kant van de medaille. Ik was ongelukkig in de liefde en had al die vragen die je dan als dertiger of veertiger hebt: is dit het dan?”

„Met Happinez begon de zoektocht naar een gelukkig binnenleven. Een hele leuke speurtocht langs filosofie en religies. Ik was niet meer te stoppen, heerlijk. En er bleken nog tweehonderdduizend mensen geïnteresseerd te zijn in dat onderwerp. Ik was niet alleen.”

Wat leverde uw speurtocht op?

„Dat je trouw moet blijven aan je gevoel. Na zes jaar kreeg ik weer de signalen van grote vermoeidheid. Ik was weer die mevrouw geworden die druk was met het leiden van een bedrijf. Als hoofdredacteur moest ik me zelf steeds oppeppen de arena in te gaan, terwijl ik gewoon een mooi verhaal wilde schrijven. Toen ik voorzichtig uitsprak dat ik het blad misschien wilde verkopen, stonden er zo vijf geïnteresseerde uitgevers op de stoep.”

De zoektocht bracht in ieder geval ook veel geld in het laatje. Met de koper, Weekbladpers, heeft ze afgesproken niet te zeggen Happinez exact opleverde, maar Van Oord is sindsdien financieel onafhankelijk. „Het is een ongelooflijk commercieel succes geweest. Het was niet mijn bedoeling. Het is me overkomen”, klinkt het bijna verontschuldigend.

Wat is beter ontwikkeld: uw zakelijke of spirituele instinct?

„Dat is zo grappig aan mij: die zijn gelijk aan welkaar en daarom lukt dit. Dat is vrij uniek, anders was mijn leven niet zo gelopen.

„Het was een topprestatie zo’n magazine te maken. Ik had jaren nodig weer bij te komen. Ik ben veel op reis geweest. Ik zit veel in een cottage in Avebury, in Wiltshire, Engeland. Daar krijg ik nieuwe ideeën. Dan zit ik in een cirkel van menhirachtige stenen. Het klinkt hartstikke zweverig, maar daar krijg ik veel inspiratie. Ik probeer op te vangen wat er leeft in mij en dus ook in misschien wel het leven van wederom 200.000 mensen. Dat zie ik als een taak. Ik wil de ingevingen vertalen door te bepalen wat de volgende stap moet zijn?”

Weet u de volgende stap al?

„Ik weet niet of het een derde keer lukt een succesvol blad op te zetten. Natuurlijk zijn er nieuwe ideeën of richtingen, maar je bent al snel belerend, of saai, of wetenschappelijk. Je kunt makkelijk de mist ingaan. Ik denk wel dat er een combinatie mogelijk is van mijn vorige twee thema’s. We hebben nu allemaal wel gesnuffeld aan het spirituele. Er komt een moment dat je de Dalai Lama uit hebt en denkt: wat nu?, ik wil wat doén. Dat leeft sterk in de samenleving, dat voel ik nu wel. Ik is uit, wij is in. Maar het is nog een ongeboren kind. Mijn denkproces is nog gaande. Ik heb er nog geen verpakking bij.

„Zelfs de rietdekker vertelde me vanochtend dat hij zijn eigen leven terug wil. We zijn nu zo afhankelijk van de economie. Het enige waarmee we bezig zijn, is: wat verdient het? Dat leidt tot irritaties. Bijvoorbeeld: mensen willen hun eigen stuk grond. Mensen gaan hun eigen energie opwekken. Ze zijn in the mood om onafhankelijker te worden. Dat gevoel werk ik uit. Ten diepste wil iedereen natuurlijk autonoom zijn. Maar hoe doe je dat?’’

Een coöperatie beginnen?

„Zoiets. Dat zie ik wel gebeuren. Maar dan leuk. Niet alleen maar baarden en slippers. Het moet niet zo alto worden. Gewoon leuke mensen die zoeken naar nieuwe vormen van samenwerken. We kennen die weg nog niet zo goed. Het zal vanzelf gaan. Hoe slechter het gaat, hoe meer ideeën we zullen krijgen. Ik voel dat er weer wat gaat komen. Als ik te lang naar de koeien kijk, komt er een kriebel in mijn systeem. Dan wil ik in actie komen.”

Mamita, Inez van Oord en Mirjam Bleeker (ISBN 9789029585132)