Iedere dinsdagavond samenzijn

Zaterdag begint de Week van de Amateurkunst. De fanfare en het koor; ze zijn het bindmiddel in een verbrokkelende samenleving.

Netherlands, Vijlen, 21.08.2011 Bondsschuttersfeest RKZLSB op wei in Vijlen. Concours. Rifle club meeting RKZLSB on field in Vijlen. Competition. foto: Chris Keulen

Bijna acht miljoen Nederlanders doen eraan –. vrouwen vaker dan mannen (57 tegen 43 procent). De helft van hen besteedt er meer dan vijftig minuten per week aan. Amateurkunst.

Schilderen, schrijven en musiceren zijn het populairst. Onder de amateurkunstenaars bevinden zich ruim drie miljoen beeldende kunstenaars, bijna twee miljoen schrijvers, bijna twee miljoen instrumentalisten en bijna anderhalf miljoen zangers. Nog eens een miljoen mensen maken of spelen in hun vrije tijd toneel, zo blijkt uit onderzoek van Kunstfactor, het instituut voor de amateurkunst. Velen beoefenen meerdere kunstdisciplines.

Vanaf komende zaterdag is de aandacht op hen gericht: van 2 tot en met 9 juni vindt de Week van de Amateurkunst (WAK) plaats. Tilburg, dat de prijs voor ‘Beste Amateurkunst Gemeente 2012’ won, trapt af.

Meer dan over kunst gaat amateurkunst over verbondenheid. Kunst als bindmiddel in een samenleving die verbrokkelt. Amateurkunst biedt houvast. Iedere dinsdagavond repeteren. Amateurkunst biedt geborgenheid. De vereniging wordt je familie – of je familie wordt de vereniging.

Harold Roodbeen, klarinettist en sinds 1991 lid van het Koninklijk Philharmonisch Gezelschap Venlo, vertelde vijf jaar geleden in deze krant over zijn band met de ‘hermenie’. Zijn schoonvader, zwager, vrouw en drie oudste kinderen zaten ook bij het gezelschap. Zijn twee jongsten, toen twee en vijf jaar, zouden volgen zodra „ze ook op blokfluit kunnen blazen”.

En amateurkunst verbindt. Of je nu praat met de bariton van een dertigkoppig zangkoor dat in een basisschool oefent, of de bassist van een rockbandje dat in de huiskamer van de gitarist repeteert, altijd valt het woord ‘samen’. Samen muziek maken, samen plezier hebben. De essentie van een vereniging of een club is de groepsprestatie.

Maar amateurkunst gaat niet alleen over groepen. Het overgrote deel van de schilders en schrijvers is ‘solo’ met kunst bezig, buiten elk formeel verband. Ze wonen vaker in steden dan op het platteland, terwijl toneelspelers en zangers juist vaker buiten de stad zijn te vinden.

„Het lijkt aannemelijk dat de podiumkunsten, die appelleren aan samenwerking, beter gedijen op het platteland en dat met name de meer individueel beoefende disciplines beter aansluiten bij de solistischer levende stadsbewoner”, schrijft Kunstfactor. In het zuiden, met zijn fanfare- en verenigingscultuur, doen ze het vaakst ‘samen’ aan kunst.

Overigens heeft amateurkunst de toekomst. Want bijna een derde van de beoefenaars is 50 plusser. „Met de voortschrijdende vergrijzing zal dat aandeel in de komende jaren vrijwel zeker nog toenemen”, aldus Kunstfactor.

Programmaoverzicht voor de Week van deAmateurskunst op www.kunstfactor.nl