Het geschenk bij de Maand van het Spannende Boek

Het functioneren van een blindengeleidehond is boeiender dan ik dacht, is de overheersende gedachte bij het dichtslaan van De ooggetuige ( tijdens de Maand van het Spannende Boek gratis bij besteding van € 12,50 aan Nederlandstalige boeken) In de 92 pagina’s die Simone van der Vlugt de lezer serveert, ontbreekt het opmerkelijk genoeg aan spanning en urgentie. Het boek kabbelt te veel. Niet eerder verscheen er een thriller waarin het de lezer daadwerkelijk opvalt én bijblijft dat er tweemaal een bord naar de keuken wordt gebracht. En dat terwijl: ‘Hé, daar gaat weer een bordje,’ een gedachte is die in een lezersbrein niet mag opkomen tijdens het lezen van een thriller.

Manon is een 22-jarige vrouw die zeer slecht ziet. Haar ene oog heeft een gezichtsscherpte van tien procent door een ziekte, haar andere oog is blind door een val in een stekelplant. In het begin van De ooggetuige zit Manon op de wc van haar juwelier. Dat doet ze vaker: ‘Ik was op het laatste moment de juwelierszaak binnengelopen om een gebroken armbandje te laten repareren en ging meteen even naar het toilet. Ik kom al jaren bij Rob voor mijn aankopen en reparaties en hij doet er nooit moeilijk over als ik gebruikmaak van de wc.’ Over zulke zinnen moet je niet te lang nadenken. Feit is dat Manon, wanneer ze de plee weer verlaat, met haar blindenstok middenin een roofoverval stapt. Rob wordt in zijn hoofd geschoten maar Manon wordt, als blinde ooggetuige, gespaard. De politie ondervraagt haar bij monde van de vaderlijke rechercheur Ben Dijkstra. Maar Manon, voor wie de wereld een schimmenspel is, kan niet veel bruikbaars melden. Als later op het Journaal wordt gezegd dat een slechtziende vrouw de politie helpt bij het onderzoek, realiseert Manon zich dat het niet zo handig en prettig is dat de daders nu weten dat ze niet volledig blind is. Het helpt ook niet dat ze een vrij bekende verschijning is in haar buurt. Weldra wordt ze op de kermis vastgegrepen door een man die haar toevoegt: ‘Kop dicht over ons tegen de politie, begrepen? We weten je te vinden!’ Manon, die samenwoont met zus Bibi, maakt zich nu zorgen. Bibi niet: ‘Waarom zou hij speciaal naar ons huis komen?’ Omdat op roofmoord twintig jaar staat, Bibi, denkt de lezer. Maar Manon laat zich er toch wat door sussen; een mooie illustratie van het gebrek aan urgentie in het boek. Als het verhaal na een korte climax ineens is afgelopen, zullen veel lezers al een tijdje glazig kijken.

Simone van der Vlugt kan voorwaar wel beter; wellicht heeft de wil om voor een zo breed mogelijk publiek te schrijven haar parten gespeeld. Of is De ooggetuige juist een boek voor fijnproevers. Velen zal deze thriller vermoedelijk vooral bevreemden. En voorlichten over slechtziendheid en geleidehonden. Opmerkelijk bijvoorbeeld dat ‘Zoek lift!’ tegen zo’n beest zeggen echt werkt. Hond Max was voor deze lezer de boeiendste figuur in het boek.