Het draagvlak voor de Europese Unie Half waar Waar Half waar Grotendeels onwaar

De aanleiding

In de Tweede Kamer werd vorige week druk gedebatteerd over noodfonds ESM dat nagenoeg failliete eurolanden zal moeten redden. CDA-Kamerlid Henk Jan Ormel riep VVD-premier Rutte daarbij op te werken aan draagvlak voor de Europese Unie. Volgens Ormel is dat draagvlak in Nederland verminderd door de problemen met de euro en de manier waarop Europese politici daarop reageren. Rutte deed daarna enkele beweringen over steun voor de euro en de Europese Unie. Op verzoek van lezer Bram Querido onderzoeken we vier uitspraken van Rutte.

‘Het overgrote deel van de Nederlanders steunt het EU-lidmaatschap’

En, klopt het?

Dat ligt er aan naar welk onderzoek je kijkt. In het Continu Onderzoek Burgerperspectieven peilt het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) de stemming onder ruim 1.000 Nederlanders over de euro en de EU. Daaruit blijkt dat het aandeel Nederlanders dat het eens is met de stelling dat het lidmaatschap van de EU een goede zaak is in het eerste kwartaal van dit jaar op 45,2 procent lag. Het percentage Nederlanders dat het niet eens was met de stelling was 20 procent. De rest stond er neutraal tegenover of kruiste ‘weet het niet’ aan. Op basis van dit onderzoek zouden we de bewering „het overgrote deel van Nederland steunt het Nederlandse EU-lidmaatschap” dus moeten beoordelen als ‘onwaar’.

Maar wie naar de peiling van de Europese Eurobarometer kijkt, krijgt een heel ander beeld. In augustus 2011, de meest recente cijfers, koos 68 procent van de deelnemende Nederlanders voor ‘een goede zaak’ als aanvulling op de vraag: „Vindt u, in het algemeen gesproken, het EU-lidmaatschap van uw land ...?” Slechts 12 procent koos voor ‘een slechte zaak’, 19 procent koos voor ‘noch goed noch slecht’ en 1 procent voor ‘weet niet’.

„De uitslag is erg afhankelijk van wat de vragen en mogelijke antwoorden zijn”, zegt SCP-onderzoeker Paul Dekker. „Als je moet kiezen tussen een goede zaak en een slechte zaak, dan kom je wellicht toch eerder uit bij een goede zaak. We zien in het algemeen dat de Eurobarometers neigen naar pro-Europese uitslagen. Misschien kom je ook wel in een pro-Europa-stemming als je alleen maar vragen over Europa moet beantwoorden”, aldus Dekker. In de SCP-onderzoeken krijgen deelnemers veel meer onderwerpen voor hun kiezen.

Op basis van deze tegenstrijdige peilingen is het lastig een eenduidig oordeel te vellen. Een feit is dat in beide onderzoeken het aantal voorstanders van EU-lidmaatschap veel groter is dan het aantal tegenstanders. Maar van ‘een overgroot deel van Nederland’ dat het EU-lidmaatschap steunt is volgens het SCP-onderzoek absoluut geen sprake. Op basis van beide uitslagen beoordelen we de uitspraak ‘het overgrote deel van Nederland steunt het Nederlandse EU-lidmaatschap’ daarom als half waar.

‘Het overgrote deel van Nederland steunt de euro’

En, klopt het?

Op de stelling ‘in de huidige economische crisis is het goed dat Nederland de euro heeft’ antwoordt 28 procent in het SCP-onderzoek ‘eens’ en 27 procent ‘oneens’. De meningen over de euro in crisis zijn dus sterk verdeeld. Omdat het SCP-rapport alleen rept over de mening van Nederland in tijden van crisis en niet op andere momenten, is de SCP-peiling voor een oordeel over deze bewering niet geschikt.

De Eurobarometer stelde de vraag algemener en kwam zodoende tot een hele andere uitslag. In de peiling werd aan Nederlanders gevraagd wat ze van het ‘voorstel’ van een monetaire unie met de euro vinden. De vraag is op deze manier geformuleerd omdat ook burgers in niet-eurolanden als Groot-Brittannië en Denemarken aan het onderzoek deelnemen. Volgens deze Eurobarometer steunde afgelopen november 71 procent van de Nederlanders het euro-idee. Ook steun voor de euro lijkt dus erg af te hangen van de precieze vraagstelling.

Als we de bewering van Rutte interpreteren als steun voor het idee van een gemeenschappelijke euromunt, zoals de Eurobarometer doet, dan beoordelen we zijn uitspraak dat „het overgrote deel van Nederland” de euro steunt als waar.

‘Nederland staat altijd met de hoogste score in Europese onderzoeken naar steun voor het lidmaatschap van de EU’

En, klopt het?

Het percentage burgers in alle EU-landen samen dat het EU-lidmaatschap steunt, schommelt sinds midden jaren negentig rond de 50 procent. In Nederland ligt dat percentage al die jaren al rond de 70 procent. Nederland scoort dus vaak hoog, maar hetzelfde geldt voor andere landen. Zo noemde in de Eurobarometer van september 2009 79 procent van de Luxemburgers het EU-lidmaatschap een goede zaak. Nederland scoorde toen tweede met 72 procent. In januari 2007 scoorde Ierland nog het hoogst. Omdat Nederland wel hoog scoort maar niet altijd het hoogst, beoordeelt next.checkt de bewering als half waar.

‘Het draagvlak voor de EU neemt niet af’

En, klopt het?

Rutte zei dat we niet moeten meegaan „in een frame dat er problemen zijn en waarin het draagvlak voor de EU afneemt”. Rutte: „Ik geloof daar niks van.” Volgens het SCP neemt het draagvlak echter wel af, als we ‘draagvlak voor de EU’ tenminste gelijk stellen aan ‘steun voor de EU’. Die „steun” daalt volgens het planbureau op „een aantal indicatoren”. Zo daalt het vertrouwen in de EU sinds eind 2008 gestaag. Toen had 65 procent van de Nederlanders vertrouwen in de EU. Eind 2011 was dat nog maar 42 procent. Ook het beeld dat Nederlanders van de EU hebben wordt volgens het SCP negatiever. Minder dan 40 procent van de Nederlanders had begin dit jaar nog vertrouwen in de Europese politiek. Dit alles vertaalt zich voorlopig niet in een afname van steun voor het Nederlandse EU-lidmaatschap.

Om deze uitspraak van Rutte te beoordelen, gaat het erom te bepalen waarvoor dat draagvlak precies dient. Rutte heeft gelijk als hij bedoelt dat het draagvlak voor EU-lidmaatschap niet afneemt. Maar volgens het SCP daalt het draagvlak voor de EU als geheel wel onder invloed van de eurocrisis. We beoordelen de bewering van Rutte daarom als grotendeels onwaar.