We overleven wel, maar als een Balkanland of euroland?

Ex-minister George Papaconstantinou is een van de Griekse hoofdrolspelers uit de schuldencrisis. Samen met zijn Nederlandse vrouw probeert hij optimistisch te blijven. „Grieken werken meer dan Nederlanders.”

5/22/2012 Athens, Greece. Mr. Giorgos Papakonstantinou, former Minister of Finance in the government formed by Prime Minister George Papandreou after the national elections, until June 2011, when he was appointed Minister of Environment, Energy and Climate Change. He is married to travel writer Jacoline Vinke. He has two sons, Nicolas and Stefanos.

Een bescheiden villa in een rijtje identieke nieuwbouwhuizen in een betere buitenwijk van Athene. Binnen staat Ikea-meubilair en wil een grote zwarte hond met de naam Poopy Lou steeds knuffelen.

In de tuin, bij een grote kersenboom, zit George Papaconstantinou (50), de ex-minister van Financiën die Europa het nieuws bracht dat het begrotingstekort van Griekenland vele malen hoger was dan voorgesteld. Naast hem zijn Nederlandse vrouw, Jacoline Vinke (49), schrijver van glossy reisboeken over kleine Griekse hotels.

Het echtpaar leeft in het luchtledige. Terwijl Griekenland onder hoogspanning staat en de kans op vertrek uit de eurozone nog nooit zo reëel is geweest, wordt Papaconstantinou niet meer verwacht op het departement. Interim-bewindslieden bereiden nieuwe verkiezingen voor

En hoewel hij nog altijd geldt als een prominent kandidaat van Pasok, doet hij de sociaal-democratische partij nu een plezier door niet al te fanatiek campagne te voeren. Naast ex-premier George Papandreou staat hij bovenaan de lijst van meest gehate politici.

Terwijl zijn vrouw Griekenland op zijn mooist laat zien, met beschrijvingen van onontdekte plekjes, blauwe luchten en ontbijten vol biologische producten, wordt hij ervan beschuldigd precies het omgekeerde te hebben gedaan. In de ogen van veel landgenoten is Papaconstantinou een verrader die, nadat hij de desastreuze staat van de financiën had ontdekt, Griekenland naar de Europese slachtbank leidde. Waarom heb je ons Grieken niet te vuur en te zwaard verdedigd toen iedereen eind 2009 zei dat we leugenaars waren en lui, is een van de talrijke verwijten aan zijn adres. En: waarom heb je niet beter onderhandeld, zodat we in 2010 haalbare voorwaarden kregen voor de lening van 110 miljard?

„Dit is een vreemd soort huisarrest”, stelt George Papaconstantinou met een ironisch lachje vast. Op de stoep voor zijn witte huis, aan een doodlopend straatje in de noordelijke heuvels, staat een politiehokje voor permanente bewaking. Spontaan ergens koffiedrinken is er niet meer bij. „Geweld is er niet geweest, maar de situatie is gespannen en je wilt het lot niet tarten.”

Tijdens ontmoetingen met kiezers probeert hij de vragen te beantwoorden, op besloten bijeenkomsten in huizen, restaurants of gemeentehuizen. Waar de kans op een ‘yoghurtaanval’ beperkt is – veel politici zijn door omstanders met yoghurt besmeurd.

„Mensen hebben enorm behoefte om te praten”, zegt Papaconstantinou. „Er zijn zoveel vragen, er is zoveel woede, teleurstelling en onbegrip.” Een keer stonden neonazi’s buiten te wachten. Toen heeft hij rechtsomkeert gemaakt. „Die YouTube-video gun ik ze niet.”

De vraag die hij elke keer voorgeschoteld krijgt: Hadden we het internationale krediet en de voorwaarden kunnen voorkomen?

Papaconstantinou: „Nee, zeg ik dan. Dan hadden we jaren geleden dingen al anders moeten doen. Toen Pasok na de verkiezingen in oktober 2009 aan de macht kwam, was het financieel al compleet uit de hand gelopen. Het was alleen verhuld. Maar zodra de echte cijfers zichtbaar waren, werd het een race tegen de klok om niet bankroet te gaan. Markten sloten ons buiten. We probeerden de Europese partners ervan te overtuigen een mechanisme op te zetten om ons te helpen. Er was geen tovertruc waarmee je het internationaal krediet kon vermijden.”

Hebt u spijt dat u op de bijeenkomst van Europese ministers van Financiën op 20 oktober 2009 eerlijk bent geweest over de cijfers? Misschien had u het nog langer kunnen ophouden, de boodschap anders kunnen brengen?

„Die bedragen waren er al. Dat was een feit. Dat is de grote leugen van de jongens vóór ons, de regering van Nieuwe Democratie. En dat was nog zonder de verborgen schulden, zoals de zes miljard achterstallige betalingen van de ziekenhuizen aan leveranciers, wat niet in de boeken stond. Toen we bleven optellen kwamen we tot een begrotingstekort van bijna 16 procent. Dat was een grote verrassing,ook voor ons. Voor de verkiezingen namen we aan dat het op 10 procent zou kunnen uitkomen.”

Voor de ministers van Financiën van de eurozone kon dat geen verrassing zijn. Ruim twee maanden eerder ging er een nota rond waarin stond dat het Griekse tekort boven de 10 procent kwam.

„Die interne nota was niet openbaar gemaakt. Ik had hem niet. Maar de ministers van Financiën en de vorige regering wel. Het is duidelijk dat ze het al wisten. Het is ook duidelijk dat ze besloten daar niet te veel ruchtbaarheid aan te geven. Misschien vanwege de naderende verkiezingen. Misschien omdat ze beseften dat ook zijzelf en Eurostat hun werk niet goed hadden gedaan.”

Wat volgde waren „een paar moeilijke maanden”.

„Hoeveel tijd had je ook al weer om een nieuwe begroting te maken?” vraagt Vinke haar man.

Hij lacht. Een week of twee. Ze zagen elkaar alleen nog na middernacht. Papaconstantinou werd kind aan huis in Brussel. Daar heeft hij nog steeds een goede reputatie. Hij bracht weliswaar steeds slecht nieuws, maar hij probeerde ook woord te houden en bezuinigingen en hervormingen door te voeren. Het eerste jaar lukte dat een beetje. Daarna niet meer. De weerstand – „ook bij mijn eigen partij” – was te groot.

Nu is de heersende opvatting dat de bezuinigen te fors zijn om uit te voeren. Veel Grieken denken dat het lukt over betere voorwaarden te onderhandelen, nu de radicaal-linkse coalitie Syriza dreigt te winnen en daarmee de druk van Griekse zijde opvoert.

„De beste stuurlui staan aan wal”, zegt Papaconstantinou. „We hebben de grootste lening uit de geschiedenis losgepeuterd. Als je een lening wilt, dan kun je in beperkte mate de voorwaarden dicteren. Ik sta versteld van het aantal mensen dat kritiek heeft, zonder ooit de moeite te nemen het eerste akkoord te lezen. En vergeet niet dat ik daar zat met zestien ministers die je land ook willen straffen. ‘Ja, we geven je het geld, maar je zult het voelen.’”

Waar blijkt dat straffen uit?

„De veel te hoge rentes en de te korte terugbetaaltermijn. Later hebben we dat deels heronderhandeld. Maar het onderhandelt beter als je resultaten kunt laten zien, kunt bewijzen dat je het serieus meent. In een jaar tijd hebben we het tekort met 5,5 procent teruggebracht, van 15,7 naar 10,2 procent. Ik wens het geen andere minister van Financiën toe dat ooit nog te hoeven doen.”

De Grieken zijn niet dankbaar, want de inschattingen bleken verkeerd. De crisis is veel zwaarder uitgevallen dan verwacht.

„Aanvankelijk ging het fantastisch. We kregen schouderklopjes in Brussel. Maar in oktober 2010 sloten Duitsland en Frankrijk het beruchte Deauville-akkoord waarin stond dat de private sector vanaf 2013 zou gaan meebetalen. Dat zorgde voor een ravage. Niemand wilde meer uitlenen. Er zijn niet alleen in Griekenland fouten gemaakt.

„We hebben hier met zijn allen twee dingen onderschat. De politieke wil, ook die van mijn partij, om moeilijke hervormingen in hoog tempo op te pakken. En het vermogen van de overheid om dat uit te voeren. Hervormingen hebben bovendien tijd nodig om vruchten af te werpen. En die kregen we niet. Het resultaat moest er onmiddellijk zijn. Dan kun je alleen maar snijden.”

Eind 2010 leek een omslagpunt, waarop de plannen ontspoorden en de stemming veranderde. Jacoline Vinke merkte dat op de markt in de buurt, vertelt ze. Daar waren geen kassa’s. Daarna werden die verplicht. Ze stonden er, maar zonder te worden gebruikt, tenzij je nadrukkelijk om een bonnetje vroeg. Niet veel later waren de bonnen ingeburgerd en stopten marktkoopmannen ze uit zichzelf bij de groenten in de tas. Vinke: „Eind 2009, begin 2010 was de houding ‘laten we allemaal onze bijdrage leveren, schouders eronder’. Maar toen werd het leven moeilijker en groeide de woede. Het is een menselijke reactie om te zeggen: ‘Ik lijd zoveel, als ik belasting kan ontduiken, niet iedereen een bonnetje geef, waarom zou ik…’. Dat merk ik als ik reis voor mijn werk. Ze zien me als een buitenlander, dus dan proberen ze me zonder bon weg te laten gaan. Ik word dan razend.”

George Papaconstantinou: „Te lang met mij getrouwd.”

Jacoline Vinke: „Het optimisme en de wil om het te proberen is weg. Ik hoop dat het niet verdwenen is.”

In juni 2011 werd Papaconstantinou onder druk van de publieke opinie op een minder zware post in het kabinet gezet: milieu. Evangelos Venizelos kwam op Financiën. Venizelos is een begaafd redenaar, een Grieks politicus oude stijl. Zonder financiële achtergrond, maar overtuigend en dramatisch in woord en gebaar.

Intussen was Nederland binnen de eurozone een van de strengsten voor Griekenland. Deel van de ‘bende van drie’, zegt Papaconstantinou, de bende van Duitsland, Nederland en Finland. Hoewel Nederland profiteert van een lage rente en vooralsnog verdient op de leningen aan Griekenland, zijn Nederlandse ministers van Financiën zeer uitgesproken geweest. Ze gebruiken morele argumenten als ‘Grieken hebben dit aan zichzelf te danken’. Hoe valt dat in dit huishouden?

Papaconstantinou lacht en zoekt naar woorden: „De persoonlijke verhouding was prima. Het hielp dat Wouter Bos ook een sociaal-democraat is. Maar zowel hij als Jan Kees de Jager was van de ‘orthodoxe’ school. Het morele argument kwam nooit ter tafel. Niemand zei rechtstreeks ‘Grieken zijn lui.’ Dat zie je terug in de media en in de hoge rentes die van Griekenland zijn gevraagd.”

Vinke: „Het opgeheven vingertje van de Nederlandse media doet mijn inmiddels half Griekse hart pijn. Al die clichés: over luie Grieken, Grieken die er een potje van hebben gemaakt.” Papaconstantinou: „Terwijl Grieken meer uren werken dan Nederlanders.”

Vinke: „Er zijn zelfs Nederlanders die denken dat ze Griekenland zouden moeten boycotten als vakantieland. Gelukkig begrijpen de meeste mensen dat zoiets totaal niet helpt.”

Papaconstantinou: „Het gebrek aan begrip in het buitenland is frustrerend. Mensen hebben hier nominaal 40 procent van hun loon ingeleverd. Belastingen schoten omhoog. De werkloosheid is verdubbeld. Het is een feit dat veel daarvan komt doordat het land op te grote voet leefde. Maar je kunt toch niet anders dan daar respect voor opbrengen?

„Nu wordt de discussie gegijzeld door de extremen. In Noord-Europa zeggen mensen: ‘Gooi ze eruit, ze hadden er nooit in gemogen’. En bij ons zeggen mensen: ‘we betalen het geld dat je ons leent niet terug, maar je moet ons wel in de euro houden’. Als je het debat aan populisten laat, draai je de euro de nek om. Niet alleen de euro, maar alles waarop we Europa de laatste veertig jaar hebben gebouwd.”

Kan dat nog worden gestopt? Uw partij is amper in beeld, de strijd gaat tussen Syriza en Nieuwe Democratie, partijen die tegen veel hervormingen hebben gestemd.

„We zitten middenin een politieke en sociale transitie. We moeten meer geduld hebben en erin geloven dat dit ergens toe leidt. We zijn niet het enige land dat een diepe recessie doormaakt en zo’n grote begrotingsbijstelling overleeft. De basis om daar uit te komen is er nu. Inkomens gaan terug naar het niveau van 2003, geen dertig jaar.

„Wie dat niet gelooft moet met een alternatief komen. En vertellen wat er op de dag na de verkiezingen gebeurt. Betere kredietvoorwaarden? Veel succes. Er zijn mogelijkheden om te onderhandelen, maar niet als je niet zelf ook iets laat zien. We onderhandelen ook met landen waar de inkomens lager zijn dan hier. Als ik dan zeg ‘ik wil het minimumloon niet tot 400 euro verlagen’ – wat ik trouwens ook niet wilde – dan draait de minister van Estland zich om en zegt ‘Mijn minimumloon is ongeveer honderd euro’.

„En als het nog tien keer erger wordt, dan blijf ik liever op dit akelige pad. Ik denk dat het alternatief een totale ramp is. Een terugkeer naar de jaren zestig. Bankroet. Ik wil niet meemaken dat de politie mensen moet stoppen de banken te plunderen.”

Hoeveel meer kunnen de Grieken aan?

Papaconstantinou: „Natuurlijk overleven we dit. De vraag is hoe. Als Balkanland of als euroland. De realiteit is dat eind juni het geld op is. Of je overtuigt de Europeanen om door te betalen. Of je kunt niet betalen. Dan druk je je eigen geld om toch te betalen. En dat is de eerste stap naar vertrek uit de euro.” Vinke: „Overleven doe je. Maar niet met de huidige levensstandaarden. Dan rijd je geen goede auto meer. Dan is het terug naar de tijd van je grootouders.”