Twee ontrouwe geliefden

Denktanks in Washington maakten overuren toen Egyptenaren vorig jaar met hun protesten het vertrek van dictator Hosni Mubarak forceerden. In talloze rapporten en fora riepen ze de vraag op wat de onrust in de op één na belangrijkste bondgenoot in het Midden-Oosten betekende voor Amerika’s rol in de wereld. Progressief én conservatief Amerika zag de invloed in de regio slinken.

Oordverdovend stil is het nu deze week in Egypte de eerste ronde van de vrije presidentsverkiezingen werden gehouden. Welke kandidaat Amerika’s belangen het beste dient, werd nauwelijks besproken. Het lijkt alsof de VS zich mentaal aan het losmaken zijn van Egypte.

Wie ook president wordt, Shafiq, Morsi of Sabahi, de Amerikanen hebben hun interesse verloren, zo lijkt het. Televisie en kranten brengen opvallend kleine berichten.

Hier en daar wordt een tikje bitter opgemerkt dat de tijden onder Mubarak zo slecht nog niet waren. Toen werden de Amerikanen en hun gigantische hulpprogramma tenminste nog gewaardeerd in Egypte. „Democratie zou wel eens veel onvoorspelbaarder kunnen blijken in Egypte dan we dachten”, schrijft analist Scott Clement in The Washington Post.

Egypte toont zich koeltjes. Een peiling van bureau Pew liet deze week zien dat het vertrouwen van Egyptenaren in Amerika achteruit holt. Volgens tweederde van de Egyptenaren is de rol van de Verenigde Staten in hun land is uitgespeeld. Met de Amerikaanse hulp, vooral bedoeld voor militaire doeleinden, is maar maar eenvijfde van de Egyptenaren blij.

De Amerikaanse reactie heeft iets van een zojuist afgewezen minnaar. Als nieuwszenders in de VS al aandacht besteden aan Egypte, dan gaat het vaak om de vraag waarom het westen er zo impopulair is.

De verslechtering van de relatie met een andere ontrouwe geliefde, Pakistan, gaat met veel meer vuurwerk gepaard. Amerika sprak schande van de celstraf van 33 jaar voor de Pakistaanse arts die hielp bij de jacht op Osama Bin Laden. Met de nodige symboliek werd de Amerikaanse hulp aan Pakistan met 33 miljoen dollar gekort.

Uit neoconservatieve hoek klinkt ergernis dat er veel meer aandacht is voor Pakistan dan voor de verwijdering met Egypte. Het belang van Pakistan zou wel eens veel kleiner kunnen worden als de Amerikaanse troepen vertrekken uit buurland Afghanistan. Egypte is en blijft, puur om geografische redenen, een centrale factor. Buurland Israël en olie in de regio garanderen dat de belangen groot blijven.

„Hebben we in Egypte nog invloed? Ja. Gebruiken we het? Nee.” Zo hekelde vicevoorzitter Danielle Pletka van het neoconservatieve American Enterprise Institute deze week Obama’s zwijgen over de verkiezingen in Egypte. „Of Amerika weet wat ze wil (...), of ze gooit de handen in de lucht en laat God het verder uitzoeken.”

Obama is meer van het laatste, concludeert Pletka. „Dit is Amerika’s buitenlands beleid. Hoop op Gods voorzienigheid.” De desinteresse over Egypte is zo groot, dat de meeste Amerikanen dat alleen maar een goed idee vinden.

Guus Valk