De schrijver sleurt alles mee naar 't eigen nest

Xandra Schutte (Amsterdam, 1963) is sinds 2008 hoofdredacteur van De Groene Amsterdammer. Komende week komt Het kauwgomkind uit, een postume bloemlezing verhalen van haar ex-partner Doeschka Meijsing. Schutte schreef het nawoord. tekst Hans Steketee foto Ringel Goslinga

Lichtheid

„Haar boek met verhalen komt vandaag van de drukker en het raarste is dat ze er niet zelf meer over kan praten. Ik had Doeschka’s debuutverhaal, ‘I’ve got a bird that whistles, I’ve got a bird that sings’, nooit gelezen, omdat het alleen in een tijdschrift was gepubliceerd. Het is uit 1969, ze was 20 of 21. Toen zat ik nog op de crèche, zo ongeveer.

„Het ontroert me nu om iemand te zien die nog jong is, maar al met zoveel literair lef. Grapjes, zinswendingen, sprongen in de tijd. Die in de eerste zin een frivool speeldoosje met Auschwitz durft te verbinden. Het deed me erg aan haar roman 100 % chemie denken, waarin ze haar familiegeschiedenis heeft verwerkt. Daar is natuurlijk een veel rijpere schrijfster aan het woord, maar de lichtheid ervan zit al in dat allereerste verhaal.”

Ordinair

„Doeschka zei: als je een verhaal vertelt moet je altijd je doel in het oog houden, maar tot je daar bent moet je heen en weer springen als een jonge hond in vers zwemwater. Haar laatste verhalen zijn kaler, geschreven van buitenaf. Geen ik-vertellers maar een ‘hij’ of, zoals in ‘De kinderen’, haast een collectieve vertelinstantie. Het laatste verhaal, ‘Het kauwgomkind’, bleef bij een aanzet.

„Ze vertelde altijd graag en goed, maar niet over wat ze schreef. Dan ging de magie eraf. Dit verhaal begint met hoe het eerst nog goed is tussen het meisje, de hoofdfiguur, en de moeder – een groot thema bij Doeschka dat ze ‘de tachtigjarige oorlog met mijn moeder’ noemde. Ik neem aan dat het een hard verhaal over verwijdering zou worden. Doeschka mocht nooit kauwgom eten, omdat haar moeder het ordinair vond. Kauwgom is een symbool voor uit het keurslijf springen.”

Ex

„De laatste jaren hadden Doeschka en ik een ander soort verhouding. ‘Familierelatie’ is misschien het beste woord. We woonden boven elkaar. Zij paste veel op mijn zoontje, hield van hem, misschien zelfs als een moeder. We aten een paar keer per week met elkaar, dus onze levens waren nog erg met elkaar verbonden. In die zin is ‘ex’ een te beperkte uitdrukking.

„Als je dichtbij een schrijver staat zie je altijd het autobiografische, maar ze vermengde het met verbeelding. Ook in Over de liefde, haar roman uit 2008 over de turbulente periode in onze relatie. Ze wilde geen boek vol zelfbeklag schrijven. Ze heeft vier aanzetten gemaakt, die ze mij liet lezen, wat iets bizars had.

„De autobiografische kern is het verlaten worden, het gevoel afgedankt te worden en de schaamte daarover. Daarmee schiet ze terug haar leven in, en loopt al haar liefdes na. In die zin is het ook een egocentrisch boek, want ze schrijft wel over die geliefde maar de kern is: Pip, de hoofdpersoon en hoe die liefdes ervaart. Zoals liefde ook egocentrisch is. Hoezeer je de ander ook ophemelt, het is vaak je eigen projectie. Dat gevoel heeft ze aangekleed met dingen die echt zijn gebeurd en dingen die ze verzonnen heeft. Je ziet hoe een schrijver een ekster is die alles oppakt en meesleurt naar het eigen nest. ‘Sleutelroman’ is een veel te simpel woord.”

Pars pro toto

„Ik ben als journalist begonnen door over literatuur te schrijven. Dat scherpt je blik. Met een literaire blik journalistiek bedrijven zou vaker moeten gebeuren. Journalistieke reconstructies kunnen saai worden, maar als je romantechniek inzet, kiest voor personages en zorgt voor een dramatische verhaallijn, kun je lezers meeslepen. Dat heeft niks met mooi schrijven te maken. Neem The Looming Tower, dat ik in 2006 bij Meulenhoff heb uitgegeven.Lawrence Wright weeft twee verhaallijnen door elkaar: de opkomst van Al-Qaeda en het falen van de CIA. Het begint met Sayyid Qutb, grondlegger van het moderne islamisme, die in de jaren 40 met de boot aankomt in New York, en daar de skyline ziet. En je weet natuurlijk al wat er gaat gebeuren.

„Gerard van Westerloo, mijn voorganger bij De Groene en Vrij Nederland-redacteur die deze maand overleed, bedreef ook literaire journalistiek maar volstrekt eigenzinnig. Hij dacht juist niet in grote verhaallijnen, maar keek heel scherp naar details. Pars pro toto. Niet schrijven over ‘werkloosheid in Nederland’, maar over één straat in Amsterdam. Zijn registrerende manier van reportages schrijven maakte school bij VN, maar dat werkte het beste als die journalisten zelf begeleidde. Toen hij dat niet meer deed, zag je het verwateren.”

Tafellaken

„Toen ik in 2008 bij De Groene Amsterdammer kwam, heb ik de redactie aangespoord losser van het nieuws te staan. Als je steeds op het nieuws reageert, ben je in een weekblad meestal te laat. En je krijgt stukken die tussen servet en tafellaken vallen. Langer dan bij een krant, maar inhoudelijk niet beter. Daarom richten we ons op onderliggende stromen, stellen we fundamentele vragen. Zoals in een themanummer over de middenklasse, die erodeert in het Westen en misschien groeit in het Oosten en Zuid-Amerika.

„We heten een opinieblad, maar meningen interesseren me niet, meningsvorming wel: de opinie van lezers voeden door analyse aan te dragen. Ja, soms moet je een standpunt innemen. Maar De Groene is in 1877 opgericht door vrijzinnige liberalen en heeft nooit tot een zuil behoord. Wij hebben als blad niet één standpunt.”

Driestromenland

„Tijdens de formatie van 2010 schreef ik dat er een grote progressieve oppositiepartij van D66, GroenLinks en PvdA zou moeten komen. Dat vind ik nog steeds. In Engeland en Amerika heb je brede partijen, daar zit de ideologische spanning binnen de partijen zelf. Hier hebben we heel veel partijtjes, maar kiezers kunnen zich niet meer vereenzelvigen met één partij.

„Mijn ideaal is: een grote sociaal-liberale partij, een conservatieve partij plus een klassiek-linkse partij. De PvdA valt zo uiteen in een sociaal-liberaal en een klassiek-links deel. Je kunt ook zeggen: die partij moet voor de helft opgaan in de SP – zie trouwens wat Samsom en Spekman aan het doen zijn – en het andere deel zou moeten fuseren met GroenLinks, D66 en misschien ook nog een stukje van de VVD, want die partij heeft ook een liberaal en een conservatief deel.

„Maar het zal niet snel gebeuren. We hebben ervaring met de ChristenUnie, met het CDA en met GroenLinks – partijen fuseren pas als het water ze aan de lippen staat. D66 staat op winst dus waarom zouden ze nu doen? Dat is natuurlijk kortzichtig, want steeds blijkt hoe ze een ‘vluchtheuvelpartij’ zijn en kunnen slingeren van 4 zetels naar 24. In een driestromenland zou je dat veel minder hebben.”

Feiten

„Groene-redacteuren schreven altijd overpeinzingen. We hebben geen enorme traditie van reportage en onderzoeksjournalistiek. Nu ik zie hoe die genres over de hele linie onder druk staan, willen we ook met De Groene meer feitelijkheid nastreven, ook in verslaggeving onmisbaar worden. Op het moment dat je zegt: wij zijn er alleen voor de analyse van het nieuws, ga je ervan uit dat anderen dat nieuws wel boven tafel hebben gekregen. Het valt me op dat dat, meer dan een jaar of tien geleden, helemaal niet zo is. Daarom zijn we met onderzoeksjournalistiek begonnen. Hoeveel geld gaat er om in het betaalde voetbal? Wat is de werkelijke macht van een consultancy-bureau als McKinsey? Volgende week hebben we een groot verhaal over privacy op de werkvloer, die onder druk staat. Bij Zembla zijn de praktijken van het bedrijf Verzuimreductie al aan de orde geweest, maar het gebeurt overal.”

Traagheid

„Het idee om het tijdschrift De Gids bij De Groene uit te geven, dit jaar zes keer en volgend jaar achtnummers, wilden we zelf. Niet uit commerciële overwegingen, maar om elkaars positie inhoudelijk te versterken. Het is waar dat er overlap zit in de essayistische stukken, zoals in het laatste Gids-nummer over nostalgie, maar De Gids is een literair-cultureel tijdschrift. Ze plaatsen ook literaire verhalen, essays met een experimentele vorm en poëzie. Met een mooi 19de-eeuws woord: mengelwerk. De Groene kan zich enige traagheid permitteren vergeleken met kranten, De Gids kan nog veel losser van de actualiteit staan.

„In het jongste Gids-nummer schrijft Ian Buruma dat je alleen via de kunst het verleden kunt terugbrengen. En dat is precies de kern van Doeschka’s gebruik van de werkelijkheid in haar autobiografische verhalen. Teruggaan in een andere vorm. De werkelijkheid van het verleden verzinnen. De waarheid liegen. En nee, dat mogen wij in de journalistiek niet doen.”

Doeschka Meijsing: Het kauwgomkind; Verhalen. Querido, 224 blz; prijs 19,95 euro