Toefje duurder

Het Journaal verandert vanaf zondag en het resultaat is niet zo vreselijk als al gniffelend werd voorspeld. De presentatoren staan, maar rennen nu ook weer niet als heethoofden door de studio. En ze zijn niet van plan om ernstige vormen van jip-en-janneketaal uit te slaan, althans niet meer dan soms toch al gebeurt. Volgens Sacha de Boer kan het namelijk absoluut niet meer om te zeggen dat de aardappelprijzen stijgen. Dan zegt ze dat uw zakje friet duurder wordt.

Dit fluisterde zij me gisteren toe tijdens de presentatie van de nieuwe NOS-huisstijl in Hilversum. Ik vroeg wie zij voor ogen heeft als zij haar teksten in spreektaal herschrijft.

„Mijn vriendin, die maar af en toe een krant leest”, zei Sacha de Boer.

Rob Trip, later: „Mezelf, of misschien ook iedereen” – een geruststellender antwoord.

Problematischer dan het moderne NOS-Journaal lijkt eerder de moderne NOS-directeur. Jan de Jong: een man met een iets te ambitieus kapsel en pak, voor zijn functie. Jan de Jong zegt voortdurend dingen als:

„De NOS is klaar voor de sprong naar de toekomst.”

„We rennen naar de toekomst.”

„Soms moet je durven investeren.”

„De nieuwe decors zijn een toefje duurder.”

Ik had graag willen weten hoe groot dat toefje was, want het is per slot ook mijn geld. Jan de Jong had dat verwacht. Nu kwamen we bij het deel „Wat kost deze operatie en kan dat in deze tijd?”

Heel veel en ja, zei Jan de Jong.

Dat was niet helemaal een antwoord, dat begreep Jan de Jong ook wel, dus volgde nog iets over incalculeren en afschrijven. Meer zat er duidelijk niet in.

Een redactrice van het kritische VARA-mediaprogramma De waan van de dag wendde zich tot de presentatoren: „Jullie tweeën! Met alle respect: jullie hebben nog steeds velletjes!”

Sacha de Boer, assertief: „Ik wil wél weten waar ik ben, ja?” Waarop de hele Hilversumse fine fleur door elkaar begon te roepen over de velletjes. En of dat geen kaartjes moesten worden.

Jan de Jong kon nu weer gerieflijk vergeten dat wat hij doet, wordt betaald uit publieke middelen. Hem zit het eerder hoog dat de NOS, in de top-10 van onmisbare merken, alleen bij mannen op 1 staat. Bij vrouwen heeft hij „concurrentie te duchten” van de Hema en het Kruidvat: „En kom daar maar eens overheen!”

Waarom zou een eerbiedwaardig instituut als de NOS zich in ’s hemelsnaam moeten meten met het Kruidvat – dat bij mijn weten ook niet van ons geld wordt betaald. Ik durfde het na het pandemonium over de velletjes niet te vragen.

De nieuwe NOS-slogan verheldert misschien wel iets. Om dat te zien moet je ook de oude kennen.

De oude: „Altijd. Overal. Voor iedereen.”

De nieuwe: „Altijd. Overal. NOS.”