Plaatsmaken voor het Songfestival

Dissidenten zijn blij met de aandacht voor het Songfestival in Azerbajdzjaan. Een unieke kans om de wereld te wijzen op het schenden van de mensenrechten.

A man walks on the rubble of demolished houses in Baku March 30, 2012. Azerbaijan's president has built a glittering "Crystal Hall" to host the annual Eurovision song festival watched around the world, but critics say the government has trampled on people's rights in razing homes for the country's big night in the spotlight. Picture taken March 30, 2012. REUTERS/Turkan Huseynova (AZERBAIJAN - Tags: SOCIETY ENTERTAINMENT CIVIL UNREST) REUTERS

Baku. Op de ‘Bulvar’ van Baku vormen de demonstranten heel even een mooi recht front. Dat staat goed voor de tv-camera’s: ze dragen allemaal een T-shirt met: ‘Zing voor democratie – Steun de mensenrechten’. Verder lijkt de demonstratie meer op een wat rommelige wandelvereniging. Met zo’n vijftig demonstranten, even zoveel journalisten en zo’n tien agenten.

Dankzij het Eurovisie Songfestival in Azerbajdzjan hebben opposanten van het regime een unieke kans om de wereld te wijzen op het schenden van de mensenrechten in hun land. Volgens organisaties als Human Right Watch en Amnesty International heeft het land tientallen politieke gevangenen en worden politieke tegenstanders en journalisten mishandeld, bedreigd en vermoord. Demonstraties worden nauwelijks getolereerd.

Dit is, volgens de demonstranten, voor het eerst dat een demonstratie in het centrum niet door de politie uit elkaar wordt geslagen. Dankzij de westerse tv-camera’s. Zondag kon de organisatie Sing for Democracy ongehinderd in een club een alternatief songfestival houden. Maandag werd wel een demonstratie hardhandig door de politie beëindigd.

Baku is een gespleten stad tijdens het Eurovisie Songfestival. Op de pier met de Kristalhal en langs de luxueuze boulevard ernaartoe speelt het extravagante muziekfeest zich af. De honderden gasten – visagisten, stylisten, dansers, achtergrondzangers, fans, journalisten van serieuze en vooral minder serieuze media – alles hangt hier rond, vooral in de avonduren. De zangwedstrijd begint pas na middernacht. Zo kan het in West-Europa, waar het drie uur vroeger is, op primetime worden uitgezonden.

Je kunt je hier vergapen aan de krankzinnig aangeklede acts: lange, mooie vrouwen strak in de lak, een koor van Russische, bejaarde boerinnen dat houterig danst op een housebeat. Daarna met zijn allen naar de Euroclub. Feesten, feesten, feesten.

Maar nog nooit was er zoveel kritiek op een gastland van het 56 jaar oude festival. Sinds de val van de Muur heeft het festival er veel nieuwe deelnemers uit Oost- en Midden-Europa bij gekregen; deels nieuwe staten die het niet zo nauw nemen met vrijheid, democratie en dergelijke. Met als extreem voorbeeld Azerbajdzjan, deelnemer sinds 2008, winnaar van 2011.

Het bergland op de zuidelijke Kaukasus, dat zich in 1990 losmaakte van de Sovjet Unie, wordt met harde hand geleid door president Ilham Alijev. Hij nam het land in 2003 over van zijn vader en beschouwt het als een familiebedrijf. En zo benadert hij ook het Songfestival. Zijn vrouw is voorzitter van het organisatiecomité, zijn schoonzoon zingt het pauzenummer. Het Kristalpaleis is gebouwd door het bouwbedrijf waarin de familie belangen heeft. Natiq Adilov, woordvoerder voor oppositiepartij AXCP en columnist voor de krant Azadlyk Gazet: „Alijev gebruikt het festival om de naam van Azerbajdzjan op te poetsen. Hij wil laten zien dat dit een gewone, moderne, Europese staat is.”

Voor de bewoners van Baku betekent het festival extra onderdrukking. Zo’n twintigduizend mensen werden onvrijwillig en deels hardhandig uit hun huizen gezet omdat de kustlijn van Baku in één jaar tijd een extreme make-over moest ondergaan. Sommige huizen werden gesloopt terwijl de bewoners er nog in zaten.

Sietse Bakker, festivalorganisator voor de Europese omroeporganisatie EBU, benadrukt dat het festival niets met politiek te maken heeft, maar in dit geval wil hij toch de kritiek weerleggen. „Ik begrijp dat mensen het Songfestival aangrijpen om hun problemen aan te kaarten, maar de huizensloop heeft niets te maken met het Eurovisie Songfestival. De concerthal zou al gebouwd worden. En voor de bouw is geen woonwijk gesloopt, want hier was vroeger gewoon de zee. De wijk moest wijken voor een weg die toch al aangelegd zou worden.” Bakker ziet een positief effect van het Songfestival op het land: „Ik denk dat het Songfestival eraan zal bijdragen dat dit een democratisch land wordt.”

Max Tucker, de Britse Azerbajdzjan-specialist van Amnesty International, zit in een kantoor in Baku dat vol hangt met foto’s van de huizensloop en schudt zijn hoofd: „Zegt de EBU dat? Maar die verlenging van de boulevard is gebouwd om de stad met de festivalhal te verbinden! Misschien waren de bouwplannen er al, maar doordat het Songfestival zou komen, moest alles in één jaar gebeuren. Die haast zal zeker te maken hebben met het geweld waarmee de ontruimingen gepaard gingen.”

Opvallend is ook dat er geen daklozen en junkies in Baku zijn. Isa Jousibov, een Azerbajdzjaanse vluchteling die in Amsterdam studeert, zei eerder deze week dat de zwervers uit de stad zijn gedeporteerd. Max Tucker van Amnesty: „Wij kunnen dat niet bevestigen, maar feit is dat ze er niet meer zijn, en dat is verontrustend.”

Ali Hasanov, adviseur van de president, weerlegt in Azernews de kritiek: „Politiek pluralisme en mensenrechten zijn volledig gewaarborgd in Azerbajdzjan.” Volgens hem zullen bezoekers zelf zien „dat de provocatieve anti-Azerbajdzjaanse publicaties doelbewust zijn gefabriceerd”.

Volgens Hasanov kwam de kritiek vooral uit Duitsland, wat eerder dit jaar leidde tot diplomatieke schermutselingen tussen de twee landen. En wie zit er achter? „De Armeense lobby.” Zijn land leeft op voet van oorlog met buurland Armenië. Dat is het enige land dat het Songfestival boycot.

Ondanks de ellende voor de uit hun huis gegooiden en de daklozen, is de oppositie blij met het Songfestival. Rasoul Javarov van Sing for Democracy: „Aanvankelijk dreigden verschillende landen het Songfestival te boycotten, net als het EK voetbal in Oekraïne. Daar was ik tegen. Zo’n boycot levert je hoogstens twee dagen publiciteit op. Nu krijgen we al twee maanden de volle aandacht.”

Ook politiek columnist Natiq Adilov roemt deze unieke kans „om te laten zien wat er in Azerbajdzjan gebeurt”. Adilov was zelf herhaaldelijk slachtoffer van mishandeling, arrestatie en vernedering: „Zij hebben opnames van me gemaakt met een verborgen camera in mijn hotelkamer. Deze video, waarin ik naakt was, hebben ze getoond op het journaal.”

Adilov had op die video uit 2010 seks met een andere columnist, Qan Tourali. Regeringsgezinde tv-zender Lider TV zond in 2010 al een seksvideo uit met krantendirecteur Azer Ahmadov en dit jaar met onderzoeksjournaliste Khadija Ismayilova.

Festivalorganisator EBU wil zich niet uitspreken tegen de schendingen van mensenrechten. Sietse Bakker: „De EBU is geen politieke organisatie. Daar hebben we geen verstand van.”

En de Europese Unie heeft andere belangen, stellen de dissidenten. Want, zo zeggen zij, Azerbajdzjan is voor de EU een waardevolle vriend. Het land levert olie en gas. En Azerbajdzjan is een seculiere moslimstaat. Strategisch ligt het gunstig voor de NAVO: tussen Rusland en Iran ingeklemd en het is ook nog een handig tussenstation naar Afghanistan. Azerbajdzjan, zo merken zij fijntjes op, zit niet voor niets keurig in de VN-veiligheidsraad en in de Raad van Europa.

Dissidenten verwachten een keiharde terugslag nadat de journalisten en andere gasten zondag vertrekken. Columnist Natiq Adilov: „De president is heel boos dat we zijn feestje verpesten. Als de westerlingen straks weg zijn, dan komt de vergelding.”