‘Je moet je leven nu echt eens gaan veranderen!’

‘Het spookhuis der geschiedenis’ van de Rotterdamse acteursgroep Wunderbaum is zowel een ironische opera als een activistisch toneelstuk.

Matijs Jansen in ‘Het spookhuis der geschiedenis’ Foto Sofie Knijff.

Sopraan Lies Vandewege hupst over het toneel in een zwarte vissenstaart. Dan zingt ze, als een met olie besmeurde sirene, een passage uit Wagners opera Parsifal. „Ein Schwan! Ein wilder Schwan! Er ist verwundet!”

Naast haar bungelt een actrice in de lucht, verkleed als zwaan. Zij wordt besprenkeld met olie en sterft. De kamerplant op het voortoneel is zwart gespoten. Het is duidelijk, hier is een milieuramp gaande. Plant en dier zuchten onder de vervuiling door de mens. Doen we niks, dan gaan we er aan. Dat denkt althans theatermaker Loets Loets (Walter Bart), die dit tafereel ensceneert in een rondreizend spookhuis.

Acteursgroep Wunderbaum speelt de muziektheatervoorstelling Het spookhuis der geschiedenis, een soort ironische opera en activistisch toneelstuk ineen. De groep wilde een stuk maken over „de algehele maatschappelijke depressieve sfeer”, aldus Walter Bart. „Die wilden we theatraal uitvergroten. Toen bedachten we dat spookhuis, een gruwelkabinet van 21ste-eeuwse rampen.”

Een inspiratiebron was het boek Du mußt dein Leben ändern van Peter Sloterdijk. Bart: „Sloterdijk roept op om af te rekenen met de frivoliteitscultuur. Loets Loets ook, hij wijst op het gevaar van escapisme, met als ergste uitwas van de frivoliteitscultuur: het spookhuis.”

Sloterdijk schrijft dat mensen de verantwoordelijkheid moeten nemen om een alternatieve, duurzame levensstijl te ontwikkelen. „Wij wilden een oproep tot verandering doen, een moreel appèl aan het publiek”, zegt Bart. „Maar dan stuit je algauw op het onvermogen van het theater om daadwerkelijk iets te veranderen.”

Dat thema, het tekortschieten van het theater, bleek weer nauw verwant met Der Theatermacher van Thomas Bernhard. En omdat Gerardjan Rijnders daar met De Liefhebber ooit een bewerking van maakte, vroeg Wunderbaum hem om een tekst.

Rijnders laat Loets veertien 21e-eeuwse rampen verbeelden, in navolging van de veertien staties in het lijdensverhaal van Christus. „Want Loets ziet zichzelf als martelaar.” Loets zelf, zoon Joachim (Matijs Jansen) en dochter Celia (Maartje Remmers) spelen achtereenvolgens de millenniumbug na, ‘9/11’, de moord op Pim Fortuyn, de bankencrisis en de milieucrisis. Tijdens de repetities wordt Loets geïnterviewd door journaliste Trea (Marleen Scholten), van de Rotterdamse krant De Havenloods. Aan haar kan hij zijn apocalyptische, egomane waanideeën kwijt.

En dat alles dus op muziek van Wagner. Die kon, vond Wunderbaum, niet ontbreken vanwege enerzijds het bombastische, hemelbestormende en anderzijds het gevoel van doem in zijn muziek. Arrangeur/muzikant Bo Wiget bewerkte passages uit Wagner-opera’s radicaal – voor slechts twee cello’s en twee zangers.

Naar voorbeeld van Bernhards ‘theatermaker’ is Loets niet alleen een wereldverbeteraar, maar ook een mislukte artiest. Geen enkel belangwekkend theater of festival wil zijn spookhuis programmeren, behalve Boxtel, Zwolle en Zeebrugge. Tegelijk waant hij zich superieur aan zijn collega’s, en geeft hij giftig af op de theaterwereld – vooral op het ervaringstheater en het operapubliek. „Een giraffenkoor, een pinguïnkoor, een kippenkoor […] Het eigentijdse operapubliek is dol op beestenpakjes. Net peuters.”

Een plaagstootje: de voorstelling is een coproductie met De Operadagen Rotterdam. Bart: „Maar je kunt het zien als kritiek op het publiek dat de gemakkelijkste weg kiest. In die zin is het een legitiem verwijt.”

In Rotterdam is Loets aanbeland bij de ‘unieke laatste voorstelling van Het spookhuis der geschiedenis’. De laatste statie, Jezus sterft aan het kruis, vertaalt hij in een zelfverbranding. Bart: „Hij wil een ultieme daad stellen. Uit protest tegen de stompzinnigheid, passiviteit en middelmatigheid.”

Maar het gaat niet door. De voorstelling wordt afgelast. Ondanks die tragikomische anticlimax hoopt Wunderbaum wél een daad te stellen. Bart: „We staan met ons spookhuis middenin in de stad. Aan het slot ren ik halfnaakt naar buiten, al schreeuwend over het plein: ‘Je moet je leven veranderen!’ Dat voelt wel als een daad.”

Operadagen Rotterdam 25/5 t/m 3/6. Inl.: operadagenrotterdam.nl