Column

Hoe loopt het af voor hondje M?

Kent u het verhaal van het hondje M? Het hondje M was een van de oudste Europese exemplaren van zijn soort. Het was een fijn hondje. Niet alle kinderen uit de buurt kenden het hondje M, maar de kinderen die het kenden, waren zeer op het beestje gesteld. Ze speelden er liever mee dan met de luid blaffende jonge herders, waarvan er steeds meer in de buurt opdoken. Die aten ook goedkoper voer, werd gezegd.

Dat hoorden de baasjes van het hondje M. Jij bent te duur, zeiden ze tegen het hondje. Ze laadden het piepende dier achterin de auto en reden naar het bos. Je hoeft niet dood hoor, zeiden ze. Wel willen we dat je voortaan je eigen eten zoekt, dat wij je voeden is niet meer van deze tijd. Toen pakten ze een touw en bonden het hondje M aan een boom.

Natuurlijk verwachtten de baasjes van het hondje M niet dat ze het ooit terug zouden zien, ze gingen in de tuin zitten, waar hun andere huisdier, de kat L, de wacht hield bij zijn collectie zelfgevangen muizen, spiedend naar de herders van de buren.

Maar wat was dat? Daar kwam het hondje M de tuin binnengestormd, met een vette haas in zijn bek, genoeg voor een week eten.

De baasjes trokken bleek weg. Dit was de bedoeling niet! Waarom was dat oude rotbeest niet verhongerd? Hoe was het ontsnapt? Hoe had het een haas kunnen vangen?

Snel grepen ze het hondje M bij de lurven, net als de kat L. Met zeven stalen kettingen werden de dieren aan de muur van het huis geketend. In een bak werden wat brokken gegoten. Het zijn zware tijden, zeiden de baasjes. Voortaan moeten jullie alles samen doen, met de helft van het voer. Een van jullie zal wel sterven, maar dat vechten jullie zelf maar uit. De haas aten ze zelf op.

Ik weet niet meer hoe het verhaal van het hondje M afloopt, maar ik moest eraan denken toen ik het advies van de Raad voor Cultuur las, waarin Museum Meermanno, het oudste boekenmuseum van Europa, en het Letterkundig Museum samen in een Haags hok geduwd worden. Meermanno heeft in een half jaar tijd tegen ieders verwachting de norm van het ministerie voor eigen inkomsten gehaald. Dat was natuurlijk niet de bedoeling. Gelukkig heeft het ministerie nog wat trouwe vazallen in de Raad voor Cultuur, die de twee literaire musea een passende straf opleggen voor hun levenslust in de vorm van een miljoen euro korting. Met zulke burgemeesters heb je geen oorlog meer nodig.