Als een hond door de grote stad

Daido Moriyama, een van de belangrijkste naoorlogse Japanse fotografen, exposeert in Amsterdam. De man die beroemd werd met grofkorrelige zwart-witfoto’s, zwerft het liefst door de stad. Hij werkt nu ook met een digitale camera en zelfs met kleur. „Mijn manier van werken is niet veranderd, de stad wel.”

De Japanse fotograaf Daido Moriyama was al boven de zeventig toen hij voor het eerst met een digitale camera ging werken. Een fabrikant bood hem er een aan toen hij drie jaar geleden aan een nieuw project begon, een diepgaand portret van Tokio in twee delen. Twee weken geleden verscheen het eerste deel en het is niet minder dan een revolutie in het werk van deze invloedrijke en productieve fotograaf. Niet alleen is het digitaal, maar ook nog in kleur. Kleur! Terwijl Moriyama, een van de bekendste naoorlogse fotografen van Japan, juist de grove, grafische zwart-witkorrel tot zijn handelsmerk heeft gemaakt.

De 74-jarige Moriyama was onlangs kort in Nederland voor de opening van zijn expositie Journey for something bij de Amsterdamse Reflex Gallery en de presentatie van het gelijknamige boek.

Snel en intuïtief grijpt Moriyama taferelen vast uit het dagelijks leven zoals dat toevallig aan zijn ogen voorbij rolt. Zijn onderwerp is vaak het grotestadsgevoel – energiek, anoniem, raadselachtig, vaak met een verscholen belofte erin alsof er iets staat te gebeuren. Een rennend, dus onscherp kind op straat; nat plaveisel met de weerspiegeling van koplampen; een straathond; mooie billen en benen in netkousen; een meute overstekende voetgangers op het brede zebrapad in de uitgaanswijk Shinjuku in Tokio, een foto die met zijn sterke diagonale zwarte en witte lijnen wat weg heeft van een houtsnede.

Dit najaar brengt Tate Modern in Londen het werk van Moriyama samen met dat van de tien jaar oudere Amerikaans-Franse fotograaf William Klein, eveneens chroniqueur van het straatleven. „Wij kennen elkaar niet”, zegt Moriyama via een tolk, „maar hij is voor mij altijd een bron van inspiratie geweest. Amerika is sinds de oorlog ook altijd prominent aanwezig geweest in het dagelijks leven in Japan.”

Hij was 33 en maakte al in Japan furore toen hij voor het eerst naar Amerika ging. Hij sprak geen woord Engels en liep een maand lang met zijn camera in de hand door New York. „Als een hond”, zegt hij „mijn neus achterna” (een van de ruim 75 boeken die hij door de jaren heen heeft gepubliceerd, heet ‘Memories of a Dog’). New York maakte diepe indruk en de foto’s die hij toen maakten keren telkens terug in zijn boeken en tentoonstellingen, nu ook bij Reflex.

„Een paar jaar daarna heb ik er een performance in Tokio meegedaan. Ik wilde als fotograaf iets nieuws doen, niet weer gewoon wat afdrukken aan de muur hangen. Dus heb ik foto’s van New York onder het kopieerapparaat gelegd en twee verschillende omslagen gezeefdrukt. Bezoekers konden hun eigen fotoboek samenstellen en ook het omslag kiezen.” Die performance heeft hij vorig jaar in de New Yorkse fotogalerie Aperture herhaald en dat doet hij dit najaar ook in de Tate Modern.

Reflex heeft één wand gevuld met grote afdrukken van een aantal belangrijke beelden uit het reusachtige oeuvre van de Japanner. Natuurlijk zijn daar de stadsbeelden bij, zoals een schitterende nachtfoto van de verlichte gebouwen van New York en het interieur van een theater in Buenos Aires, maar één is totaal anders. Het is een foetus, op de rug gezien, liggend op tapijt. In het boek is er nog een opgenomen, nu in het gezicht gezien. „Dit was mijn eerste werk als zelfstandige fotograaf, uit 1964”, vertelt Moriyama. „Als kind had ik gelezen hoe de mens zich voor de geboorte ontwikkelt en dat wilde ik graag in het echt zien. Het heeft moeite gekost om een ziekenhuis te vinden dat bereid was de foetussen te laten fotograferen die ze op sterk water hebben staan, maar uiteindelijk is het gelukt. Deze serie was de enige keer dat ik als een studiofotograaf te werken ging, met een achtergronddoek en uitgekiende verlichting. Nu weet ik; dit is het begin, die is de essentie van de mens. En daarna ben ik de straat opgegaan.”

Moriyama loopt nog steeds het liefst op straat. Met zijn nieuwe digitale camera maakte hij 30.000 beelden van zijn woonplaats. „Mijn manier van werken is niet veranderd”, zegt hij, „maar de stad wel. Hier in Europa waar alles heel lang hetzelfde blijft is het misschien moeilijk je voor te stellen hoe snel Tokio verandert. Zo zijn er bijvoorbeeld geen zwerfhonden meer.”

Deel één van het nieuwe boek heet Color. Maar Moriyama verloochent zijn geliefde medium niet: voor het tweede deel heeft hij uit dezelfde 30.000 beelden een andere selectie gemaakt die in zwart-wit is afgedrukt. Dat boek verschijnt later dit jaar en heet simpelweg Monochrome.

Tracy Metz

Journey for something, t/m 28 juli in Reflex Gallery, Amsterdam, www.reflexamsterdam.com. Gelijknamig boek William Klein/Daido Moriyama, 10 okt-13 jan. in Tate Modern, Londen.