Pakistaan houdt grens dicht voor de NAVO

Pakistan weigert al een half jaar om vrachtwagens die NAVO-troepen moeten bevoorraden, door te laten naar Afghanistan. De relatie met de VS verslechtert verder.

Honderden vrachtwagenchauffeurs wachten in de Pakistaanse havenstad Karachi al sinds november vorig jaar met groeiende wanhoop op hervatting van de lucratieve transporten voor de bevoorrading van de Amerikaanse troepen in Afghanistan. Ze doden de tijd met straatcricket en thee drinken in afwachting van de heropening van de grensovergangen met Afghanistan.

Maar de Pakistanen houden die dicht. Zowel de regering als het parlement eist dat de Amerikanen zich eerst verontschuldigen voor een luchtaanval afgelopen herfst, waarbij 26 Pakistaanse militairen werden gedood. De Amerikanen weigeren dat, omdat ze vinden dat hun geen blaam voor dat incident trof.

De hoop dat beide kanten tot een vergelijk zouden komen op de NAVO-top deze week in Chicago, waar president Zardari te elfder ure was uitgenodigd, ging in rook op. Het werd een pijnlijke vertoning voor Zardari. Omdat er nog geen akkoord over de aanvoerroutes was, gunde president Obama hem – anders dan ‘buurman’ Karzai uit Afghanistan – geen uitgebreid gesprek. Nadrukkelijk liet Obama ook na Pakistan te noemen bij de landen die hij bedankte voor hulp bij de bevoorrading van de troepen in Afghanistan.

„Het was een vergissing van president Zardari naar Chicago te reizen zonder dat er al een akkoord over de aanvoerroutes was”, zegt Talat Massoud, een voormalige generaal die tegenwoordig als defensieanalist werkt. „Daardoor waren de Amerikanen geïrriteerd en zijn de betrekkingen tussen beide landen nu nog verder verslechterd.”

De Amerikaanse Senaat dreigde Pakistan dinsdag met een verdere vermindering van de hulp als het de grens niet heropent. „We gaan geen geld geven aan een bondgenoot die geen bondgenoot is”, zei de Republikeinse senator Lindsey Graham.

Met hun onverzoenlijke opstelling gooien de Amerikanen hun eigen glazen in, meent een andere Pakistaanse analist, Imtiaz Gul. „De Amerikanen willen altijd alles op hun voorwaarden, maar ze tonen geen enkel respect voor de wensen van het Pakistaanse parlement en de president.” Het wakkert volgens hem de anti-Amerikaanse gevoelens aan onder de Pakistanen, die zich toch al gegriefd voelen dat de VS niet bereid zijn de Pakistanen een belangrijker stem te gunnen in het overleg over de toekomst van het buurland Afghanistan. Een nieuwe beschieting met een onbemand vliegtuig, een drone, vanmorgen, zal het klimaat tussen Washington en Islamabad evenmin verbeteren. Pakistan heeft de VS al herhaaldelijk gevraagd hiermee op te houden.

Intussen staat er niet alleen voor Pakistan maar ook voor de VS veel op het spel. De weg via Pakistan is namelijk veruit de meest rechtstreekse. Jarenlang voerden de Amerikanen enorme hoeveelheden olie, airconditioners en andere goederen aan langs deze route. Alleen wapens en munitie doorgaans niet. Die worden veelal door de lucht aangevoerd.

Deels uit nood geboren hebben de VS inmiddels alternatieven gezocht en gevonden. Ook omdat konvooien in Pakistan nogal eens werden aangevallen door moslimextremisten.

Al voor de grens dichtging, werd daardoor een aanzienlijk deel van de goederen via havens aan de Oostzee en de Zwarte Zee aangevoerd en daarna per spoor en over de weg naar Afghanistan gebracht. Ook is er nog een route via Georgië, Azerbajdzjan, Turkmenistan en Oezbekistan. Langs deze noordelijke routes liep al voor november 2011 41 procent van de aanvoer. Nog eens een derde deel ging door de lucht naar Afghanistan, al dan niet via vliegvelden bij havens in de Golf en aan de Middellandse Zee. Het aandeel van de Pakistanroute bedroeg toen nog zo’n 25 procent.

Voor de Amerikanen is het van belang dat aandeel op te krikken, omdat volgens schattingen van Amerikaanse ambtenaren zowel de noordelijke route over land als de aanvoer door de lucht twee tot drie keer zo duur is als die over land via Karachi. Een kwestie van miljarden dollars extra, die het Pentagon in tijden van toenemende krapte liever elders zou spenderen.

Intussen wordt er verder onderhandeld. De Pakistanen zouden nu 5.000 dollar per vrachtwagen vragen voor de doortocht, dertig keer zoveel als voor de grens dichtging. Een absurde verhoging in Amerikaanse ogen. Volgens analist Gul is de prijs echter van secundair belang. „Het gaat erom dat beide kanten politiek gezien water bij de wijn doen. Zolang ze dat niet doen, is het lastig om vooruitgang te boeken.”