Griekse euro-ellende helpt Hollande

De Franse president François Hollande maakt handig gebruik van de onzekerheid in de eurozone. Hij pleit onomwonden voor verdere Europese integratie als redmiddel voor de euro. Duitsland komt geïsoleerd te staan.

Hij kwam met de trein naar Brussel. Hij legde taboe-onderwerpen op tafel, zoals euro-obligaties en één bankunie voor toezicht voor alle eurolanden. Hij bleef kalm en vriendelijk, en wond zich middenin een snel escalerende crisis niet één keer op. De eerste Europese top van de Franse president François Hollande is volgens diverse betrokkenen „uitstekend verlopen”.

Het was een informeel diner gisteren, waarop de 27 regeringsleiders de volgende – officiële – top eind juni moesten voorbereiden. Beslissingen hebben ze niet genomen. Maar door de komst van Hollande is het Europese debat wel aan het verschuiven, precies op het moment dat de toekomst van Griekenland in de eurozone onzeker is en Cyprus en Spanje, richting euronoodfonds drijven.

Hollande ziet maar één oplossing: meer solidariteit in Europa. Hij pleit voor euro-obligaties, een manier om makkelijker in te grijpen bij banken en sterker Europese toezicht voor de hele eurozone. „Niet iedereen is het met mij eens”, zei hij. „Er zijn ook landen die niets willen. Er zijn landen die sommige dingen wel willen en andere dingen niet. We hebben nog veel overtuigingswerk te doen.”

De regeringsleiders spraken uitvoerig over groei. Daarover zijn ze het redelijk eens. Ze willen de Europese Investeringsbank inschakelen om particuliere beleggers te trekken voor grote Europese infrastructuurprojecten – zo kunnen ze veel extra geld mobiliseren. Ook werkgelegenheidsprojecten voor jongeren werden besproken, en bijstand aan succesvolle kleinere bedrijven die door de crisis geen bankleningen krijgen.

Daarna brak Hollande een lans voor euro-obligaties. Angela Merkel, de Duitse bondskanselier, is fel tegen. Hollande verwachtte niet anders. Kalm zei hij: „Mevrouw Merkel denkt dat euro-obligaties niet goed zijn voor groei. Ik denk van wel. Met euro-obligaties kunnen eurolanden goedkoper geld lenen op de financiële markten. Dan heb je die onredelijk hoge rentes niet, die landen als Spanje nu betalen. Duitsland betaalt 0 procent op leningen, Spanje 6. Dat is niet eerlijk voor Spanje.” Volgens betrokkenen kwam er gisteravond geen enkele beweging in het noordelijke ‘nee’ en is daar voorlopig ook geen zicht op. Premier Mark Rutte zei: „Daar ga ik dwars voor liggen”.

Dat geldt niet voor een ander heikel onderwerp: een bankunie. Een van de grootste problemen in de eurozone is dat banken in het zuiden vol zitten met staatsobligaties van hun eigen land. Daardoor zijn banken en overheden steeds meer aan elkaar overgeleverd. Als de één slecht gaat, trekt hij de ander mee. Geruchten over een mogelijke Griekse ‘exit’ uit de eurozone – en over eurolanden die zich daarop voorbereiden – versnellen dit proces: Portugal, Spanje en Ierland zien hun rentes op staatsleningen weer oplopen. „Deze landen krijgen harde klappen door de onzekerheid over Griekenland”, zegt een betrokkene. „Dat verzwakt de banken verder.” Vandaar dat de Italiaanse premier Mario Monti gisteren begon over een zogeheten ‘bankunie’. Hollande viel hem bij. En ECB-president Mario Draghi.

De Europese Centrale Bank (ECB) functioneert nu de facto als bankunie: hoe meer beleggers hun geld uit het zuiden halen om het in het noorden te parkeren, des te harder de ECB het terugpompt omdat zuidelijke banken anders inzakken – en staten meetrekken. Vooral Duitsland heeft daar kritiek op. Maar iemand moet het overnemen van de ECB, anders stort Europa in. Het alternatief is dat eurolanden het zelf doen: met één resolutiefonds voor banken, één machtige banktoezichthouder en een Europese depositogarantie. Maar dit houdt Duitsland óók tegen. Draghi, Monti en Hollande zeiden gisteren dat dit onhoudbaar wordt. Zij kregen redelijk wat bijval. Duitsland blijft nee zeggen, maar dat nee is volgens betrokkenen „zachter dan het nee tegen euro-obligaties”. Ook Duistland ziet dat verdere stappen nodig zijn om de euro te redden.

„Dit was de 24ste top sinds oktober 2008”, zei Hollande. „Europa heeft sindsdien veel gedaan. Maar niet genoeg.”