Een gewone roofmoord

Van spanningen was gisteren geen sprake meer bij de veroordeling van een zwarte landarbeider voor de moord op de Zuid-Afrikaanse extremistenleider Terre’Blanche.

Correspondent Zuidelijk Afrika

Ventersdorp. Er zou een rassenoorlog komen, het WK-voetbal was acuut in gevaar en met de ‘regenboognatie’ van Nelson Mandela leek het definitief bekeken. De plotselinge moord op de blanke extremistenleider Eugene Terre’Blanche op 3 april 2010 riep in Zuid-Afrika en vooral daarbuiten heftige emoties op. Twee jaar later is van alle opwinding weinig over. Plichtmatig berichtten de lokale kranten over de slepende zaak tegen de twee verdachte landarbeiders, waarin de rechter gisteren vonnis sprak. Voor politieke motieven vond hij geen enkel bewijs.

De oudste van de twee, Chris Mahlangu, werd schuldig bevonden aan moord en roof, terwijl voor de jongste verdachte, Patrick Ndlovu, die in 2010 pas 15 was, alleen ‘inbraak met de intentie te stelen’ bewezen kon worden. Mahlangu zou de 69-jarige leider van de Afrikaner Weerstands Beweging (AWB) in zijn slaap op zijn boerderij na onmatig alcoholgebruik met een ijzeren pijp hebben doodgeslagen en van zijn telefoon hebben beroofd, zei de rechter in zijn urenlange vonnis. De strafmaat wordt later bepaald.

Nog één keer trokken witte en zwarte demonstranten gisteren naar de rechtbank in het plattelandsdorpje twee uur ten westen van Johannesburg. Het werd een rituele dans. Ongeveer vijftig AWB-leden in smetteloze kaki-uniformen met het swastika-achtige partijembleem stonden roerloos aan de straatkant om de familie van het slachtoffer bij te staan. Aan bomen hadden ze posters opgehangen met foto’s van hun verscheiden leider.

Aan de overkant zongen en dansten ongeveer honderd werkloze jongeren uit het zwarte township van Venterdorp om de verdachten te ondersteunen. Vele tientallen zwaar bewapende agenten hielden de twee partijen uit elkaar. Geen moment was er de spanning die in 2010 rondom de door duizenden bezochte begrafenis van Terre’Blanche in ditzelfde dorp gevoeld werd.

De moord, concludeerden de boeren destijds, was politiek geweest. In de maanden voorafgaand aan de aanval op Terre’Blanche had jongerenleider Julius Malema van het regerende ANC een oud apartheidslied met de tekst ‘Dood de Boer’ in zijn revolutionaire repertoire opgenomen. Met het lied, dat ook door de zwarte demonstranten gisteren werd aangeheven, zou hij zwarte landarbeiders overal in Zuid-Afrika, en dus ook in Ventersdorp, hebben aangezet tot moord.

Mahlangu heeft altijd volgehouden dat hij na een conflict over 30 euro achterstallig salaris uit zelfverdediging handelde. Later in het proces kwam daar de beschuldiging bij dat Terre’Blanche hem seksueel misbruikt zou hebben. Maar dat achtte de rechter onwaarschijnlijk. Dit was een roofmoord, zoals er in Zuid-Afrika al zoveel waren.

Ten minste 1.500 blanke boeren zijn sinds 1994 volgens cijfers van de Transvaalse Landbou Unie vermoord. Criminologen zeggen dat in de overgrote meerderheid van de incidenten roof het enige motief is. Boeren leven tenslotte geïsoleerd. Zij worden vaak langdurig gemarteld om pincodes of cijferscodes van brandkasten te achterhalen.

Direct nadat de rechter zijn vonnis had uitgesproken, stoof de weduwe van Terre’Blanche gistermiddag naar een gereedstaande auto en reed weg. Buiten was vakbondsleider Solly Phetoe juist gearriveerd. „Viva Mahlangu Viva”, riep hij richting de verzamelde demonstranten. De moord ging louter om rechten van arbeiders. Terre’Blanche zou minder dan het minimumloon en soms alleen alcohol betaald hebben. „Dit hof spreekt zich altijd in het voordeel van blanken uit”, hield Phetoe zijn gehoor voor. Maar hoe hard hij het ook probeerde, het vuurtje wilde niet gaan branden.