Besprekingen Iraans kernprogramma ‘hoopvol’

Caption: European Union foreign policy chief Catherine Ashton (2nd L) and Iran's chief negotiator Saeed Jalili (R) attend a meeting in Baghdad, May 23, 2012. World powers began talks with Iran on Wednesday to test its readiness under pressure of sanctions to scale back its nuclear programme, seeking to ease a decade-old standoff and avert the threat of a Middle East war. REUTERS/Government Spokesman Office/Handout (IRAQ - Tags: POLITICS ENERGY) FOR EDITORIAL USE ONLY. NOT FOR SALE FOR MARKETING OR ADVERTISING CAMPAIGNS. THIS IMAGE HAS BEEN SUPPLIED BY A THIRD PARTY. IT IS DISTRIBUTED, EXACTLY AS RECEIVED BY REUTERS, AS A SERVICE TO CLIENTS De delegaties van de P5+1 landen in Iran in Bagdad. Foto Reuters

Iran en de de P5+1, de permanente landen van de VN-Veiligheidsraad plus Duitsland, wisselden vandaag opmerkelijk gedetailleerde voorstellen uit voor oplossingen van het conflict rond het Iraanse kernprogramma.

De landen waren in Bagdad samen voor besprekingen om de spanningen rondom de vermeende productie van Iraanse kernwapens te verminderen. De inzet had nauwelijks hoger kunnen zijn, schrijft persbureau Reuters, de wereldmarkt is bang voor stijgende olieprijzen en mogelijke escalatie van het conflict door een Israëlische interventie.

Nog geen doorbraak besprekingen

Het gesprek tussen Iraanse topfunctionarissen en de VS, Rusland, China, Groot-Brittannië, Frankrijk en Duitsland ging over de Iraanse uraniumverrijking en de maatregelen die bedoeld zijn om Iran onder druk te zetten zijn programma te staken. De grootste zorg van de landen is de Iraanse productie van 20 procent verrijkt uranium. Iran zegt de hoge verrijking nodig te hebben voor een reactor voor medische doeleinden, maar het Westen en Israël vrezen voor de bouw van kernwapens.

Er was vandaag echter geen sprake van een doorbraak in de onderhandelingen, die morgen weer hervat worden. De P5+1 tasten af hoe zij de verrijkingswerkzaamheden van Iran kunnen beperken. Onderling zijn de landen het nog niet eens of een toenadering van Teheran beloond moet worden met het verlichten van de sancties tegen Iran. Toch zijn in ieder geval de VS bereid tot verregaande concessies, zei NRC-buitenlandredacteur Carolien Roelants vandaag. Roelants:

“Uit uitspraken van de VS is gebleken dat ze wel willen accepteren dat Iran het programma voor uraniumverrijking behoudt. Een akkoord zou bijvoorbeeld kunnen zijn dat Iran uranium mag blijven verrijken, maar minder dan 20 procent, bijvoorbeeld verrijken tot 5 procent. Daarbij is de vraag tot hoe ver de concessies gaan. Israël voert op afstand de druk op om met geen enkele verrijkingsactiviteit akkoord te gaan. De vraag is of dat de stemming zou kunnen bederven.”

Iran hoopt snel met ‘goed nieuws’ te komen

Nadat de diplomatieke betrekkingen met Iran voor vijftien maanden bevroren waren, vonden er vorige maand in Istanbul verkennende gesprekken plaats tussen Iran en de P5+1. Westerse diplomaten noemden de besprekingen vandaag positief en in een “zakelijke” sfeer. De Iraanse minister van Buitenlandse Zaken sprak de hoop uit dat de onderhandelingen in Bagdad “succesvol” zullen blijken en dat hij binnen twee dagen met “goed nieuws” kan komen.

Yukiya Amano, het hoofd van de nucleaire waakhond van de Verenigde Naties meldde gisteren al dat hij met Iran overeenstemming bereikte over een onderzoek naar mogelijk verboden activiteiten van Iran op atoomgebied. Volgens Roelants gaat de deal tussen het IAEA en Iran “heel speciaal over inspecties om vragen te beantwoorden over technische zaken”, terwijl het overleg van wereldleiders in Bagdad vandaag gingen “over het hele Iraanse programma”. De besprekingen staan echter wel met elkaar in verband. Roelants:

“Het akkoord – dat nog wel ondertekend moet worden – tussen Iran en het IAEA toont aan dat Iran van goede wil is overeenstemming te bereiken in de onderhandelingen. Het is een gebaar van verbetering en zal de sfeer bij de bespreking vandaag verbeteren. Israël en Amerika zeiden weinig verwachtingen over het akkoord te hebben, maar dat is een manier om de onderhandelingspositie sterk te houden. Daarmee houden ze Iran onder druk.”