'80 procent van de kleding in je kast draag je niet'

Inleiding

Het is mei, nationale kledinginzamelmaand. Een goede aanleiding voor Wouter Kolk, directeur van WE Fashion, om te vertellen over de inzamelactie van zijn bedrijf. Kolk vertelde erover vorige week maandag in het radioprogramma Goede Zaken op AmsterdamFM. Op de site van het radioprogramma, Goedezaken.info, kwam lezer Henri Haarmans een aankondiging tegen van het interview. Zijn oog viel op de volgende passage: ‘Onderzoek toont aan dat 80 procent van de inhoud van de gemiddelde kledingkast niet gedragen wordt. WE probeert op deze wijze de kledingvoorraad te verduurzamen.’ Zijn vraag: blijft er echt zoveel achter in de kledingkast?

Waar is het op gebaseerd?

In het bijbehorende interviewfragment dat AmsterdamFM op de site heeft gepubliceerd, noemt Wouter Kolk het percentage van 80 procent niet. Via zijn woordvoerder laat Kolk weten dat hij het percentage in het gesprek met de radiozender wel heeft genoemd, maar anders dan in de aankondiging op Goedezaken.info staat vermeld. Volgens Kolk is het percentage ongedragen kleding in de gemiddelde kledingkast niet gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek, maar op „eigen ervaring”. Ook zou hij hebben bedoeld dat 80 procent „niet of nauwelijks” gedragen wordt in plaats van ‘niet’. We checken de bewering zoals die op de site staat: 80 procent van de inhoud van de gemiddelde kledingkast wordt niet gedragen.

Kolk is niet de enige die zich waagt aan het noemen van percentages ongedragen kleding. Op kledingenkleuradvies.nl: ‘Uit onderzoek blijkt dat vrouwen slechts 30 procent van hun garderobe dragen’. Het Britse modeadviesbureau ShonaMac: ‘Vrouwen dragen 85 procent van de tijd 15 procent van hun kleding’. Geen van beide noemt een bron voor de bewering.

Wetenschappelijk onderzoek naar het percentage ongedragen kleding is ook niet bekend. Noch in het buitenland, noch in Nederland. Bureaus als modebrancheorganisatie CBW-Mitex, onderzoeksbureau GfK en consumentenorganisatie Milieu Centraal zeggen evenmin onderzoek hiernaar te kennen.

Toch valt het percentage dat Kolk noemt – 80 procent – niet uit de lucht. Het lijkt een variatie te zijn op de bewering dat mensen 80 procent van hun tijd 20 procent van hun garderobe dragen (en dus 80 procent niet of nauwelijks). Dit is een veelvoorkomende bewering op nieuwssites, modeblogs en online (vrouwen)gemeenschappen. Zo noemen onder anderen de Britse kledingadviseur Elika Gibbs in de Daily Mail, stylist Jamie DeBartolomeis op Oprah.com en de Amerikaanse modeadviseurs Jill Marinelli en April Spicer op hun websites dit percentage. Modejournalist Lucy Siegle van The Guardian heeft het over een ‘bekende wijsheid’.

De 80/20-regel is inderdaad bekend in de modewereld. De regel verwijst naar het Pareto-principe, zegt trendanalist Lynsey Dubbeld die schrijft over duurzame mode. Volgens haar verwijzen vooral critici van fast fasion graag naar deze algemene wetmatigheid die stelt dat 80 procent van de uitkomsten wordt veroorzaakt door 20 procent van de oorzaken. „Critici doen dat om aan te tonen dat we te veel consumeren: we zouden gewend zijn om vaak goedkope mode-items te kopen, die snel achterin de kast verdwijnen omdat er weer een nieuwe modestijl is.”

En, klopt het?

De Italiaanse econoom Vilfredo Pareto (1848-1923) ontdekte dat bepaalde verdelingen in zijn land volgens een vaste verhouding verlopen: 20 procent van de bevolking bezit 80 procent van het land, 20 procent van de huishoudens verdient 80 procent van het nationaal inkomen. De regel werd ook populair op andere vlakken. Zo zou 20 procent van de klanten zorgen voor 80 procent van de omzet en veroorzaakt 20 procent van de leerlingen in een schoolklas 80 procent van het lawaai.

Of het principe klopt, is zeer de vraag. „Mogelijk gold het principe voor de inkomensverdeling in Italië rond 1900”, zegt econoom Gerrit Gorter die over Pareto schreef. „Maar er is geen enkel bewijs dat je het zomaar overal en in deze tijd kunt toepassen.” Zo becijferde het CBS onlangs dat in Nederland de inkomensverschillen veel kleiner zijn dan ze volgens Pareto moeten zijn: 80 procent van de Nederlandse bevolking krijgt 65 procent van het totale inkomen, 20 procent krijgt 35 procent. Gorter: „Het principe is vooral grappig, maar je moet er niet te veel waarde aan hechten”.

Conclusie

Er is geen onderzoek bekend dat aantoont dat 80 procent van de inhoud van de gemiddelde kledingkast niet gedragen wordt. Het lijkt erop dat Wouter Kolk van WE Fashion zijn bewering baseert op de ‘modewijsheid’ dat mensen 80 procent van hun tijd 20 procent van hun garderobe dragen. Die wijsheid lijkt te zijn gebaseerd op het algemene Pareto-principe, waarvoor echter geen bewijzen zijn. We beoordelen de stelling daarom als ongefundeerd.