Oude meester Resnais straalt nog eenmaal op Cannes

Toen de Franse filmregisseur Alain Resnais (89) voor het eerst met een speelfilm naar Cannes kwam, was dat met zijn nog altijd beroemde debuutfilm Hiroshima Mon Amour in 1959. Gisteravond besteeg hij de trappen met de rode loper opnieuw met wat waarschijnlijk zijn laatste film zal zijn met een titel die fraai knipoogt naar zijn leeftijd en zijn oeuvre van bijna vijftig films: You Ain’t Seen Nothin’ Yet. Filmredacteur Peter de Bruijn, die het festival voor NRC Handelsblad bijwoont, bekeek de film.

Resnais verzamelde een grote groep Franse topacteurs om zich heen, waaronder Michel Picoli, Lambert Wilson en Anne Consigny voor zijn stijlvolle bewerking van het toneelstuk Eurydice van Jean Anoulih. Resnais zag het stuk voor het eerst toen het nieuw was in 1942, en was daar zo ondersteboven van dat hij de hele nacht rondjes door Parijs bleef fietsen. Zeventig jaar later heeft dat geresulteerd in een film, waarin Resnais nog altijd speelt met nieuwe filmvormen.

Een toneelschrijver heeft na zijn dood als laatste wens dat een groep acteurs naar zijn buitenhuis komt. Daar krijgen ze een film te zien van het toneelstuk Eurydice met jonge acteurs, die allemaal de rollen spelen die deze Franse grootheden, in het verleden zelf hebben gespeeld. Het toneelstuk in de film liet Resnais filmen door een collega, met meer affiniteit met de jongste generatie acteurs: Bruno Podalydès. De acteurs die naar het toneelstuk kijken glijden terug in hun oude rollen, ook al hebben ze daar vaak al lang de leeftijd niet meer voor. Toneel en film vloeien in elkaar over.

Een klassiek thema in een nieuw jasje

Zo heeft Resnais een nieuwe variant gevonden om wat vanaf het begin zijn grote thema is: zijn films zijn vaak complexe bespiegelingen over de tijd en de werking van het geheugen. En hier ook voor heel Franse bespiegelingen over de liefde, waarbij de mythe van Orpheus en Eurydice dienst doet om het contrast te schetsen tussen ware passie en burgerlijke alledaagsheid.

Resnais behoort tot een generatie filmmakers die van een verbijsterende taaiheid blijk geven. Kopstukken van de nouvelle vague zoals Jean-Luc Godard en Jacques Rivette zijn nog altijd productief, Eric Rohmer Claude Chabrol bleven tot op hoge leeftijd films maken. Resnais hoeft niet bevreesd te zijn dat het eerbetoon van Cannes louter voortkomt uit zijn grote staat van dienst in het verleden. De manier waarop hij de film met zoveel personages en verschillende lagen in de vertelling, in de hand weet te houden, dwingt respect af op elke leeftijd.