Ontspannen

Vreemd dat het bij GroenLinks de afgelopen weken zó uit de hand kon lopen. Ik volgde gisteravond in De Rode Hoed in Amsterdam het lijsttrekkersdebat tussen Jolande Sap en Tofik Dibi en wat me trof was de aangename, relaxte sfeer. De zaal puilde uit (450 bezoekers, meer jong dan oud), iedereen had er zin in en er werd veel gelachen. Waar was de nijd?

De debatleider was een jonge man in pak (de enige pakdrager in het gebouw, afgezien van Ferry Mingelen) op uitdagend blauwe, spitse schoenen. Toen hij vergat zijn naam te noemen, werd hij daar vanuit de zaal snel op gewezen. Hij deed het alsnog, zij het voor mij onverstaanbaar, en kreeg daarop van een mannelijk partijlid de vraag: ,,Wat is je telefoonnummer?’’ „Dat gaat me te snel’’, reageerde hij, „bied me straks eerst maar een drankje aan.”

Zulke grappen heb ik bij het eerste lijsttrekkersdebat van het CDA niet gehoord. De ernst was daar groter, er hing meer spanning in de lucht. Ook bij het debat van de PvdA had ik het gevoel dat er meer op het spel stond.

Dat de sfeer in De Rode Hoed zo ontspannen was, kwam ook door de houding van Tofik Dibi, die zijn rancune dempte met licht sardonische humor. Zijn openingszinnen waren van grote cabareteske allure: „Het beeld dat GroenLinks bestaat uit allochtonenknuffelaars, dat is nu toch wel van de baan. En daar heb ik hard mijn best voor gedaan.”

Werd hij ook de winnaar van dit debat? Dat waag ik – je moet af en toe toch íets wagen in het leven – te betwijfelen.

Na thuiskomst hoorde ik op de tv de verslaggevers van Nieuwsuur constateren dat Dibi meer applaus had gehad. Merkwaardig – ik had in mijn boekje juist het tegenovergestelde genoteerd: Sap kreeg na haar uitspraken vaker ovationeel applaus dan Dibi. Na een halfuurtje dacht ik zelfs: het is al gebeurd, Sap gaat deze strijd afgetekend winnen, ze hoeft zich geen zorgen meer te maken.

Dibi is de lieveling van het journaille, hij is dartel en onvoorspelbaar, altijd goed voor een leuke quote in de krant of op de buis. Sap is degelijker, wat saaier ook – een beetje de Buma van GroenLinks. Maar onderschat haar niet: haar dossierkennis is groot, haar vocabulaire niet flitsend, maar wel toereikend. Het is niet zo vreemd dat Femke Halsema in haar de beste opvolger zag.

Voor iemand die de afgelopen maanden voor haar partij nogal aanvechtbare beslissingen moest nemen, bleef zij vrij gemakkelijk overeind in het debat met Dibi. Zijn geestigheid legde het af tegen haar zakelijkheid. Haar GroenLinks wil eindelijk weleens macht, zijn GroenLinks neigt meer naar het spel óm de macht.

Dibi: „Vóór het compromis is er strijd.”

Sap: „Fantastisch, maar je moet er strategisch ook voor klaarstaan.”

Dibi: „Het gaat niet alleen om de macht. Wij willen veel meer dan alleen het Lenteakkoord.”

Sap: „Liever één vogel in de hand dan tien in de lucht.”

In die dialoog, in de tweede helft van het debat, lag de voornaamste tegenstelling tussen deze kandidaten besloten.

Verder maakten ze op mij de indruk van twee mensen die elkaar eigenlijk wel mochten. Voor Dibi, toch de uitdager, lijkt me dat een lastiger omstandigheid dan voor Sap.

Gelukkig werd het geen kleffe vertoning. Ze sloegen tevoren wel de armen om elkaar, maar het verzoek van de fotografen om een kus werd beslist afgewimpeld. „Na afloop’’, zei Sap.

Het is er niet meer van gekomen, althans, niet waar ik bij was.