De placenta is een blijvertje

Oké: Victoria Beckham smeert dus schapenplacenta op haar gezicht om er jonger uit te blijven zien. Maar! Het zijn wel placenta’s die afkomstig zijn van schapen uit Nieuw-Zeeland die ver van de bewoonde wereld leven, aangezien ‘zij geen onzuiverheden in hun bloed hebben’. Die toevoeging vond ik eigenlijk intrigerender dan het nieuwsbericht zelf. Alsof er

Oké: Victoria Beckham smeert dus schapenplacenta op haar gezicht om er jonger uit te blijven zien. Maar! Het zijn wel placenta’s die afkomstig zijn van schapen uit Nieuw-Zeeland die ver van de bewoonde wereld leven, aangezien ‘zij geen onzuiverheden in hun bloed hebben’. Die toevoeging vond ik eigenlijk intrigerender dan het nieuwsbericht zelf. Alsof er een soort lijst bestaat waar schapenplacenta’s een AA-keuring krijgen – „Ja, de zuivere Nieuw-Zeelandse staan dit jaar weer bovenaan de lijst… Hm, geef die van die schapen uit Birmingham maar een B-, die grazen naast zo’n rokerige ijzerertsfabriek, toch? Die zijn prima voor een crème uit het middensegment. Sorry, de schapen uit Bangladesh? Nee, die weren we van de lijst. Niemand wil die placenta’s hebben.”

Tom Cruise schijnt hartstochtelijk placentacrème op zijn gezicht te smeren

Waar ik nu ook steeds over nadenk: hoe die zuivere placenta’s dan geoogst worden. Is er een eenzame herder ingehuurd om in die onbewoonde en ongerepte woestenij voortdurend de schapen in de gaten te houden, behendig hun moederkoeken op te vangen en die vervolgens vanuit een boerendorpje aangetekend naar Wellington te sturen? En zo ja, kan ik hem interviewen?

Het principe ‘iets dierlijks’ + ‘op je huid smeren’ = ‘eeuwige schoonheid’ is niet nieuw: Cleopatra badderde in ezelinnenmelk (wat eerlijk gezegd heel erg fijn klinkt) en er was een tijd waarin TelSell steeds maar weer liet zien hoe slakken op eigen houtje hun huisjes kunnen repareren, waarmee bewezen was dat ze ook mensenhuid kunnen herstellen en iedereen vol enthousiasme tuinslakken op zijn gezicht begon te plakken. En de placenta is een blijvertje: in een geschiedenisboek op school las ik al dat de Romeinen een warme koeienplacenta op hun gezicht legden als medicijn tegen zweren.

Tom Cruise schijnt hartstochtelijk placentacrème op zijn gezicht te smeren. Ook is de voetbalwereld alweer een paar jaar in de ban van de geheimzinnige Servische placentadokter, die blessures behandelt met een vloeistof die onttrokken is aan de placenta’s van paarden. En in de VS is het sinds een tijd mode om je eigen placenta op te eten – volgens adepten het perfecte ijzerrijke hapje om aan te sterken na veel bloedverlies, en bovendien een middel om postnatale depressie tegen te gaan. Mocht je onverhoopt niet weten hoe je een placenta klaarmaakt: The Placenta Cookbook helpt je, en anders bel je een professionele placentakok, een vrouw die er haar werk van heeft gemaakt om verse placenta’s voor de moeders te bereiden.

Zelf kan ik me niet voorstellen dat ik ooit mijn placenta zou willen eten – ik heb ooit bij een pannenkoekenrestaurant op het menu de optie ‘Moeke’s Koekie’ zien staan en zelfs daar werd ik al een beetje draaierig van. Verder zou ik ook wel een placentacrème willen – maar alleen als ie afkomstig is van een schaap dat in een gecontroleerde omgeving heeft gewoond: de perfecte temperatuur, een menu van gras en madeliefjes en tijdens de bevalling stond Ace of Base op. Dat lijkt me wel het minste.