Raad mild voor grote instellingen

De grote culturele instellingen blijven in het advies van de Raad voor Cultuur over het verdelen van de subsidies voor de periode 2013-2016 grotendeels gespaard. De meeste instellingen, zoals Toneelgroep Amsterdam, Het Nationale Ballet en het Koninklijk Concertgebouworkest, krijgen de subsidies die ze hadden aangevraagd.

Dat blijkt uit het advies dat de raad deze ochtend heeft aangeboden aan demissionair staatssecretaris Zijlstra (Cultuur, VVD). „Ik zal alle adviezen, op een enkele uitzondering na, overnemen”, zei Zijlstra.

De symfonieorkesten in het zuiden van het land moeten hun huiswerk volledig overdoen. Het Brabants Orkest en het Limburgs Symfonie Orkest zijn er niet in geslaagd één gezamenlijke subsidieaanvraag in te dienen, hoewel er diverse plannen zijn om ingrijpend samen te werken.

Ze dienden vier aanvragen in. Onder geen enkele stonden gezamenlijke handtekeningen. Als de orkesten slagen in hechtere samenwerking – de raad bepleit een fusie – kunnen ze een bonus krijgen van een miljoen euro. De raad adviseert hun een extern adviseur in te schakelen.

Zijlstra zei vanochtend: „Instellingen die plannen moeten verbeteren, krijgen nog deze week een brief van mij. Ze zullen die nog deze zomer moeten inleveren. De raad zal deze opnieuw beoordelen, nog voor Prinsjesdag.” Op die dag maakt Zijlstra de subsidiebesluiten bekend.

Voorlopig kunnen kleinere instellingen, zoals kunstinstelling De Appel, dansgezelschap Introdans, het Noord-Nederlands Orkest en Opera Zuid opgelucht zijn. Sommige, zoals de Reisopera, krijgen van de raad een pluim omdat ze zich, na het nieuws dat ze minder subsidie zouden krijgen, snel hebben aangepast en een goed plan hebben ingediend.

Toch zijn er ook verliezers: onder meer het Rijksmuseum, het Mauritshuis en het Scheepvaartmuseum worden door de raad op de vingers getikt. Ze worden niet tot de best presterende musea gerekend en moeten extra bezuinigen.

De raad moest 125 miljoen euro bezuinigen van de 200 miljoen korting op de gehele kunstsector. Uiteindelijk bleef er 309 miljoen euro subsidie over om te verdelen.

Lobbyclub Kunsten ’92 wijst op de omvang van de bezuiniging en stelt dat „de slachting” in de culturele sector een gezicht heeft gekregen. „Het advies van de Raad voor Cultuur laat zien hoe diep de bezuinigingen op kunst en cultuur er zullen inhakken. Vele deuren zullen sluiten, en veel instellingen moeten het doen met minder, soms met minder dan de helft van het budget.”

Van de toneelgezelschappen krijgt Het Zuidelijk Toneel de grootste klap te incasseren. Het gezelschap verliest 1,1 miljoen euro. De raad oordeelt dat de artistieke kwaliteit te wensen overlaat. Een tegenvaller is er ook voor het Ro Theater. De raad adviseert dat gezelschap 1,5 miljoen euro te geven, in plaats van de gevraagde 2,5 miljoen. Hier schieten volgens de raad ondernemerschap en publieksbereik te kort. Het Ro verliest daardoor 7 ton euro subsidie.

Er zijn ook instellingen die de subsidie slechts voor twee jaar krijgen toegekend, zoals Scapino, dat volgens de raad niet moet bezuinigen op de dansers, zoals de directie had bedacht, maar op andere kosten. De groep moet ook innovatiever worden op artistiek gebied en veel ondernemender, wil het na twee jaar nog zijn subsidie behouden. Verbetert de situatie bij Scapino niet, dan gaat het geld naar een ander gezelschap.

Filmmuseum Eye moet eerst laten zien dat het zijn exploitatie rond krijgt en zijn activiteitenprogramma samenhangender invult. De raad plaatst vraagtekens bij de bezoekersaantallen die Eye denkt te realiseren.

Kunstinstelling Witte de With moet meer samenwerken met andere presentatie-instellingen en plannen ontwikkelen om een breder publiek te trekken.