Zijn levenskunst wil ik doorgeven

In de rubriek ‘Het laatste woord’ praten mensen over de laatste levensfase.

Daaronder staat wekelijks een necrologie van een niet per se bekende persoon.

Deze aflevering is anders dan de andere. Bij wijze van uitzondering komt deze keer niet iemand aan het woord die zelf vertelt over zijn of haar eigen ‘leven en sterven’.

Een week geleden kwam dit bericht via laatstewoord@nrc.nl binnen, van Ank van Rijsbergen. Ze schrijft: ‘Recent is een vriend van mij overleden. Van heel dichtbij heb ik zijn twee laatste jaren meegemaakt. Ik voel me aan hem verplicht zijn levenskunst voor het voetlicht te brengen. Hoe vrij en bevrijdend hij was. Hoe hij een bron van inspiratie kan zijn voor ieder mens die ooit z’n laatste levensfase bereikt. Mag ik over hem vertellen?’ Dat mag. Ze zegt:

„Zoals Ger heeft geleefd, zoals hij wist om te gaan met z’n ziekte, met z’n levenseinde – dat is zo indrukwekkend geweest, dat wil ik doorgeven, delen met andere mensen.

„Hij zei altijd: ik voel me vrij, ik leef op eigen kracht. Dat klinkt onthecht, maar hij belichaamde het tegendeel. Hij was een organisator, een verbinder.

„Ger was de spil in onze vriendengroep. Hij organiseerde fietstochten, feesten. Hij was wezenlijk geïnteresseerd in iedereen om ’m heen, wilde steeds weten: hoe gaat het met jou?, waarom vind je dat moeilijk?, wil je dat echt? En altijd stelde hij vragen op een manier die niet oordelend was, en al helemaal niet veroordelend. Wezenlijke interesse, oprechte nieuwsgierigheid dreef hem.

„Op 23 april 2010 kreeg hij de diagnose: longkanker met uitzaaiingen, en niet meer te genezen. Nooit heeft hij gerookt, altijd gezond geleefd, een sportieve man, een mooie man. En nooit heeft hij gezegd: waarom ik?, hoe kan mij dit toch treffen?

„Ger was zichzelf, hij bleef zichzelf. Zijn ziekte was er de afgelopen twee jaar altijd, maar die domineerde zijn leven niet. Ger is nooit patiënt geweest.

„Door mijn werk, en door ervaringen in mijn eigen leven heb ik vaak gezien hoe mensen in de rol van afhankelijke patiënt kunnen terechtkomen. Dat bedoel ik absoluut niet denigrerend, integendeel.

„In de zorg wordt tegenwoordig vaak gezegd: ‘de patiënt moet de regie voeren over z’n eigen ziekte.’ Ik vind dat nogal snel gezegd. Niet iedereen is zomaar in staat te kiezen hoe hij zich gedraagt onder zware omstandigheden. Dat vergt tijd, bewustwording, weten wie je bent. Daarom zeg ik liever: patiënt en behandelaars moeten eerst durven stil te staan bij de individuele mens, om dan samen afwegingen te maken, keuzes maken.

„Ger heeft voor mij zichtbaar gemaakt, tastbaar gemaakt hoe je kunt doorgaan met leven terwijl je weet dat je binnen afzienbare tijd zult doodgaan. Als er een Ziekwijzer bestond, zoals er een Kijkwijzer bestaat, dan zou Ger voor velen een inspiratiebron zijn. Daarom wil ik hier zo graag over hem vertellen.

„Hij vertrouwde geheel op de behandelingen die de longarts hem voorstelde. Hij toonde geen twijfel, had geen behoefte aan second opinion. Tegelijk onderging hij al die zware behandelingen geen moment als een slachtoffer. Hij ‘maakte er werk van’, bij wijze van spreken: zag ze als een uitdaging, een zware fietstocht. Waarbij hij steeds wilde weten: waarom doen we dit?, zijn er alternatieven?, wat staat me te wachten?

„Zoals wij hem kennen in onze vriendengroep, zo was hij ook in zijn contacten met zijn behandelaars: ‘wij doen dit samen.’ Hij wist een relatie op te bouwen waarin hij écht contact met hen zocht: van de artsen en verpleegkundigen wilde hij weten hoe zij hun werk ervaren, wat ze zwaar vinden, waarmee ze worstelen. Hij begreep dat medisch handelen z’n grenzen kent. Hij was een strijder, maar zijn ziekte zag hij niet als een strijd. ‘Als de ziekte met mij kan leven, kan ik met mijn ziekte leven’, zei hij. Hij bleef intens leven – mét, en niet ondanks de ziekte.

„In februari hebben Ger en Lian nog een groot feest gegeven, omdat ze toen 33 jaar samen waren. Tegelijk besefte iedereen: dit is een afscheidsfeest. Voor velen was het de laatste keer dat ze Ger hebben gezien. Dat was moeilijk. Maar zwaar was het niet. Onder alle, vaak loodzware omstandigheden zijn Ger en Lian in staat gebleven een sfeer van lichtheid vast te houden.

„Ger zei steeds: ‘Ik ben straks helemaal vrij, ik ga een nieuw avontuur tegemoet.’ Hij wilde dat beeld niet verder invullen. Hoezo vrij? Welk avontuur? ‘Dat wil ik niet weten’, zei hij dan, ‘ik laat me verrassen’.

„Niemand kan voorspellen hoe je reageert wanneer je ooit zelf de fase moet doormaken waar Ger doorheen is gegaan. Maar ik weet zeker dat ik dan aan hem zal denken, dat ik veel steun en kracht zal ontlenen aan zijn voorbeeld. Die levenskunst wil ik doorgeven.”

Tekst Gijsbert van Es

Reacties: laatstewoord@nrc.nlTwitter: #hetlaatstewoord