'Managers hebbenhelden nodig'

Hij kreeg dinsdag weer duizend managers op de been voor zijn jaarlijkse ‘MBA in een dag’. Vier van deze seminars en managementgoeroe Ben Tiggelaar zou de rest van het jaar niet meer hoeven te werken. Maar dat is niet zijn streven. Hij zoekt balans. Tussen inhoud en entertainment. „Als het te leuk wordt, geloven mensen het niet meer.”

‘Sluit uw ogen. Wijs in de richting van het noorden. Doe nu uw ogen weer open en kijk om u heen.” De zaal in het Utrechtse Beatrix-theater, stampvol goedgeklede managers, barst in lachen uit. De eerste opdracht op het seminar ‘MBA in een dag’ maakt in een klap hun grootste probleem helder: iedereen wijst een andere kant op. „Zo is het in veel bedrijven”, grijnst managementgoeroe Ben Tiggelaar. „Chaos alom.”

Het is een oefening die rechtstreeks van Steven Covey komt, die andere managementgoeroe. Bekend van de bestseller The 7 Habits of Highly Effective People. De bijbel voor managers, blijkt vandaag: van de ongeveer duizend aanwezigen heeft minstens de helft het boek gelezen. Neem Johan Nieuwenhuis, projectleider bij een architectenbureau. De pocketversie van The 7 Habits zit standaard in zijn tas. „Handig om snel iets op te zoeken, als ik ergens over twijfel.” Hij, of liever gezegd zijn bedrijf, betaalde 995 euro om er vandaag bij te zijn. Wat hoopt hij te leren? Loslaten, zegt Nieuwenhuis. Leren om zijn team te vertrouwen, in plaats van alles altijd zelf te willen doen.

Guurtje Wolters, sectiehoofd bij De Nederlandsche Bank, geeft leiding aan 28 mensen. Ze was eerder bij een seminar van Tiggelaar. Daar „vielen wel vijf kwartjes”. En na het eerste blok voor de pauze is het zesde kwartje al gevallen: „Mijn team bestaat uit heel betrokken medewerkers. Ik ga proberen om ze te laten inzien dat je op sommige dingen geen invloed hebt en dat ze hun energie dus beter kunnen richten op de dingen die ze wél kunnen veranderen.”

Blijer kun je Ben Tiggelaar niet maken, zegt hij een paar weken voor het MBA-seminar, in een restaurant in Soest. In dat Utrechtse dorp woont hij met documentairemaakster Ingrid en hun vier dochters. „Als er maar een van die duizend bezoekers naar huis gaat met een nieuw inzicht, ben ik tevreden.”

Critici verwijten u een zekere oppervlakkigheid. ‘MBA in een dag’ zou niet veel meer zijn dan een samenvatting van de bekende managementliteratuur.

„Het ís ook een samenvatting. Dat zeggen we zelf: acht meter managementboeken in acht uur. De kritiek komt van mensen die nooit bij het seminar zijn geweest. Een docent van een grote businessschool kwam ooit kijken en zei: ‘Je kunt best veel behandelen in een dag’. Wat hij mooi vond, was mijn respect voor de verschillende theorieën. Ik kam niemand af. Ik ben positief, vertel enthousiast. Dat komt misschien over als oppervlakkig.”

Acht meter managementboeken in acht uur. Hoe diep kun je dan gaan?

„Niet heel diep. Maar wat ik wel kan doen, is doceren over de belangrijkste ideeën over management. Dat biedt vaak een kader voor zaken die managers al kennen uit de praktijk.”

‘MBA in een dag’, een jaarlijks terugkerend evenement, vloeide voort uit een eerder idee: een reeks luistercd’s voor managers, de Management Classics. Tiggelaar gaf les over leidinggeven en marketingstrategieën. „Ik behandelde Michael Porter in een kwartier, Jim Collins in 10 minuten. Hun theorieën kun je best vlot uitleggen. Ineens dacht ik: ik heb in de kast allerlei leuke Amerikaanse cassettebandjes van managementgoeroes staan. Zou het niet leuk zijn om zoiets te maken voor de Nederlandse markt? Het gedachtengoed van alle belangrijke denkers op een reeks luister-cd’s? Dat sloeg aan. Waarna we MBA in een dag bedachten.”

U pakt hoogtepunten uit de standaardwerken van bekende denkers en maakt er een eigen show van. Mag je zo aan de haal gaan met andermans ideeën?

„Het is net zoiets als lesgeven: een docent mag ook gewoon vertellen over de belangrijke theorieën. Wat ik doe, mag dus ook. Dat hebben we tot op de bodem uitgezocht. Bovendien doe ik altijd aan bronvermelding.”

Heeft u wel eens moeten betalen voor het gebruik van een theorie?

„Nee. We hebben de cd’s met Management Classics destijds wel voorgelegd aan de tien goeroes, of aan hun erven. Van sommigen kreeg ik mooie complimenten: de spijker op zijn kop.”

Volgens een oud-studiegenoot komt uw succes deels door slimme marketing. U schreef ongeveer tegelijkertijd een boek. Dat van hem had als titel Klantgestuurde teams, dat van u Tiggelaar Trakteert.

„Haha, inderdaad. Hij heeft een punt. Het verkoopt gewoon beter als je voor een pittiger titel kiest. Als je begint met de nuance, luistert er al niemand meer. En ik wil dat zoveel mogelijk mensen naar mij luisteren en mijn boeken lezen. Dat geldt ook voor mijn laatste boek, Dit wordt jouw jaar. Daar ergeren sommige mensen zich aan, maar het loopt wel. Of neem de titel MBA in een dag, daar zit een vette knipoog in.”

Tiggelaar is vooral bekend van zijn boeken, zoals de bestseller Dromen, Durven, Doen (250.000 verkochte exemplaren). Hij heeft een wekelijkse column in loopbaanmagazine Intermediair en geeft trainingen en seminars voor bedrijven. Maar bovenal is hij onderzoeker, met een fascinatie voor gedrag op de werkvloer. In 2010 promoveerde hij aan de Vrije Universiteit op gedragsverandering in organisaties. Binnenkort gaat het hele gezin voor een jaar naar Boston, voor studie en onderzoek.

Dat onderzoek, zegt hij zelf, is de basis onder al zijn werk. „Zonder die wetenschappelijke basis, zou ik geen boek schrijven en geen seminar geven. Omdat ik de inhoud beheers, kan ik mijn verhaal vertellen. Zelfs als alle techniek in het Beatrix-theater tijdens het seminar uitvalt, kan ik gewoon door.”

Wat bent u vooral, entertainer of onderzoeker?

„Ik zit er tussenin. En ik probeer de balans tussen die twee te bewaken. Als het te leuk wordt, geloven mensen het niet meer. Maar als ik te veel ga uitleggen over methoden en technieken, of te complexe modellen gebruik, haakt het publiek af. Je kunt niet twee levens in één leiden, helaas. Je kunt niet én puur entertainer zijn én puur wetenschapper zijn. Daar probeer ik me bij neer te leggen.”

Een zakenpartner zei: Ben wil iets nalaten. Hij wil niet het graf in als de man die de boodschap van anderen zo goed kon navertellen.

„Nee, natuurlijk niet. Dat is een van de redenen waarom ik ‘MBA in een dag’ maar één keer per jaar doe. De andere 364 dagen doe ik mijn eigen ding: onderzoek, schrijven en lesgeven over leiderschap en gedrag. Op het MBA-seminar komen zoveel mensen af, dat ik het ook vier keer keer per jaar zou kunnen doen. Dan hoef ik de rest van het jaar niet meer te werken. Maar dat wil ik niet. Ik wil zelf aan de slag.”

In zijn seminars leert hij managers over goed leiderschap. Hoe halen zij het beste uit hun team, en hoe krijgen ze hun medewerkers mee bij veranderingen binnen het bedrijf? Lastige materie, stelt Tiggelaar vast: „Mensen kunnen maar een heel klein gedeelte van gedrag veranderen.”

Hebben die seminars dan wel zin?

„Het gegeven dat je maar een klein gedeelte van je gedrag kunt veranderen, is al een belangrijke les. Ik zeg wel eens tegen mensen: joh, je moet je niet al te druk maken om al die strategieveranderingen in jouw bedrijf; het grootste deel wordt toch niet geïmplementeerd. Veel dingen gaan gewoon mis. Mensen zijn tot op zekere hoogte allemaal knoeiers. Die constatering is heel erg belangrijk. Toen ik na mijn studie bij mijn eerste werkgever aan de slag ging, dacht ik echt: waarom doen deze mensen hun werk niet gewoon op de manier waarop het in de boeken staat?”

En, waarom niet?

„Omdat we biologisch beperkt zijn. We kunnen een theorie fantastisch vinden, maar de praktijk is een totaal ander verhaal. Uit mijn promotieonderzoek blijkt dat sommige adviezen of stappenplannen wel werken, maar alleen als ze heel zorgvuldig worden toegepast door aio’s [assistenten in opleiding, red.] in een laboratorium. Maar kan een doorsnee teammanager iets met een achtstappenplan van een of andere managementgoeroe? Dat blijkt lastig. Het is niet eens zozeer een kwestie van willen. Het is gewoontevorming die zich lastig laat veranderen. En áls je al iets kunt veranderen, zijn de effecten vaak niet groot genoeg om boven de ruis in een organisatie uit te komen.”

Neemt u uw vak dan wel serieus?

„Ja, juist! Mijn boodschap is helder: de mogelijkheden zijn beperkt, maar je kunt wel íets veranderen. Ik heb wel, dat geef ik toe, de neiging om mijn eigen bijdrage wat te bagatelliseren. Dan helpt het om af en toe met Amerikaanse trainers te werken. Die zeggen bloedserieus: ‘Well, there are three ways to be a succesfull manager: one, two, three.’ Haha. Zij nemen dat soort dingen volstrekt serieus! Maar laten we eerlijk zijn: er is na mijn MBA in een dag echt niemand die zegt: ik ga al die tips morgen eens even een voor een toepassen.”

Waarom hebben managers toch zo’n behoefte aan goeroes?

„Volgens mij hebben alle mensen die behoefte.”

Maar hebben managers niet een overdreven behoefte aan handvatten?

„Misschien wel. Dat komt, denk ik, omdat het heel moeilijk is om leiding te geven aan andere mensen. Veel managementtheorieën geven een ideaalbeeld van hoe het zou moeten zijn: de ideale organisatie, het ideale proces. Dat is haast religie: zo zou het leven eigenlijk moeten zijn. Maar we weten allemaal dat we dat nooit zullen bereiken.”

Managers willen zich spiegelen aan een ideaalbeeld?

„Dat merk ik vrijwel dagelijks. De behoefte wordt groter naarmate de nood groter is. En ik denk dat de nood onder veel managers heel hoog is. Omdat, en dan kom ik weer op mijn eigen speerpunt, het gaat om zaken die met gedragsverandering te maken hebben. We lopen iedere keer weer tegen biologische beperkingen op. We kunnen maar een halve meter hoog springen, maar we willen graag twee meter halen. En, verdorie, we zien ook nog eens af en toe iemand die dat kan. Dan zegt zo’n manager: ja, maar Steve Jobs kreeg het wel voor elkaar. Ze trekken zich op aan iconen. De behoefte aan helden en how to’s is heel groot. Vergeet niet dat het voor bedrijven, en dus voor managers, noodzakelijk is om constant te veranderen. Want alles slijt en alles verandert voortdurend. Als je niks doet, is het volgend jaar voorbij, al heb je je zaakje nu prachtig op orde. Maar om te veranderen, om een nieuwe koers te kiezen, moet je wel je mensen mee zien te krijgen.”

‘MBA in een dag’ helpt daarbij?

„Ik geef aanknopingspunten en laat mensen de theorie vertalen naar hun eigen werk. Ik leer ze om de dingen weer scherp te zien in een onoverzichtelijke brij. Daardoor krijgen ze weer grip en voelen ze zich misschien iets zekerder. Maar ik moet bescheiden zijn. Duizend bezoekers halen waarschijnlijk duizend verschillende dingen uit die dag. Gewoon goed lesgeven, over de canon van de bedrijfskunde, is op zichzelf al moeilijk genoeg. Dat ik vervolgens ook nog zou kunnen bepalen wat mensen met die informatie doen, is aanmatigend.”

Wat is de meest wijze les voor managers?

„Managers moeten meer leren over psychologie. Waarom doen werknemers wat ze doen? Lees eens een boek van Tim Wilson of Roy Baumeister! Dat is wel het minste wat je mag verwachten van iemand wiens core business het is om andere mensen te helpen en dingen te laten doen. Zonder enige kennis van gedragswetenschap gaat dat eigenlijk niet.”