Context

„U zegt dus eigenlijk, als ik het goed begrijp, dat u dat woord niet beledigend bedoelde. U zag het meer als een, tja, feitelijke vaststelling?”

„Jawel, edelachtbare. Ik vond het onredelijk. Ik bedoel, het was maar een bushokje. Niet het World Trade Center of zoiets…”

„Goed. Maar kon de rest van de motorclub horen wat u tegen de agent zei?”

„Nou, die jongens waren bezig met de winkelruit. Maakt lawaai, dus…”

„Maar u zei het luidop. Dan vrees ik toch dat u over de schreef bent gegaan.”

„.. m..r...n..k..r..”

„Pardon? Wat zei u?”

„Laat maar.” (SdJ)