Sesam- en rozepeperkoekjes

Aan koekjes bakken is niet veel ingewikkelds, maar toch komt altijd alles onder de bloem te zitten. Dat hoort er nu eenmaal bij. Deeg plakt en er is dus extra bloem nodig om te voorkomen dat het aan het aanrecht blijft zitten. Wie geen vijzel heeft, die hier gebruikt wordt om de roze peperkorrels te

Aan koekjes bakken is niet veel ingewikkelds, maar toch komt altijd alles onder de bloem te zitten. Dat hoort er nu eenmaal bij. Deeg plakt en er is dus extra bloem nodig om te voorkomen dat het aan het aanrecht blijft zitten.

Wie geen vijzel heeft, die hier gebruikt wordt om de roze peperkorrels te pletten, kan de korrels kneuzen door ze in een dubbelgeslagen theedoek te leggen en daar met de deegroller overheen te gaan. Het heeft wel zin om een vijzel te kopen, die heb je zó vaak nodig en hij werkt zoveel beter voor het pletten van kruiden en specerijen dan een staafmixer of die uitvinding van Jamie Oliver met een keramieken bal die je door een kunststoffen containertje schudt. Het resultaat daarvan is alleen maar dat er een dikke laag geplette roze korrels om die bal heen gaan zitten. Enfin. Sommige mensen vinden dat handig, die moeten dat ding zeker gebruiken.

In de ingrediëntenopgave staat 1 à 1,5 eetlepel roze peperkorrels – bij 1 eetlepel is de smaak subtieler, bij anderhalf opwindender. Aan de maker wat hij of zij prefereert.

Sesam- en rozepeperkoekjes

225 g bloem

125 g boter

100 g witte of gele basterdsuiker

1 à 1,5 el roze peperkorrels

3 el sesamzaad

1 tl bakpoeder

snufje zout

Rooster het sesamzaad in een droge koekenpan tot het lichtbruin is en geurt. Doe de peperkorrels in een (stenen) vijzel en stamp ze fijn.

Meng de suiker met de bloem en de boter in de keukenmachine (of doe het met de hand of met deeghaken van een mixer). Voeg het sesamzaad en de geplette peperkorrels toe en het snufje zout.

Zeef het bakpoeder erboven (het blijft anders gemakkelijk in klontjes in het deeg zitten) en meng alles goed.

Leg het deeg op een stuk aluminiumfolie en vorm er een soort rol van, leg die een half uurtje in de koelkast om op te stijven.

Verwarm de oven voor op 180 graden.

Bekleed twee bakplaten met bakpapier dat licht met olie is ingewreven.

Bestuif het aanrecht met bloem, neem een deegroller en rol het deeg uit tot een dunne lap waaruit u met behulp van een borrelglaasje koekjes steekt. Of snijd dunne plakjes van de rol deeg. Leg de koekjes op de bakplaten met voldoende afstand tussen de koekjes, ze smelten een beetje waardoor ze meer ruimte nemen. Misschien hebt u nog een derde keer bakken nodig, dat ligt een beetje aan de grootte van de bakplaat.

Bak ze tien minuten in de oven en laat ze geheel afkoelen – ze worden pas hard tijdens het afkoelen. In een goed afgesloten trommel blijven ze dagenlang goed.