Meer treinen en een simpelere regeling

Aan het einde van het gesprek realiseert wethouder Eric Wiebes zich dat hij misschien een beetje hard van stapel is gelopen.

Een Amsterdamse stadsbestuurder is geen spoorexpert, zegt hij. „En de wethouder van Amsterdam gaat natuurlijk niet bepalen wanneer een trein van NS in de hangar staat.”

Zojuist heeft wethouder Wiebes een nogal ambitieus plan uit de doeken gedaan. In de komende jaren wil Amsterdam het openbaar vervoer ingrijpend herzien. Al in december presenteerde Wiebes een plan voor een efficiëntere bus, tram en metro. Nu presenteert de Amsterdamse wethouder een visie waarin hoogfrequente treinen honderdduizenden forensen tot 20 procent sneller naar hun werkplek brengen.

De wethouder legt uit wat dat betekent, 20 procent tijdswinst. Als zijn plan wordt uitgevoerd, kan een inwoner van Almere die werkt op het Heinekenkantoor in de Amsterdamse binnenstad zijn reistijd van 45 naar 37 minuten terugbrengen. Dat is 16 minuten minder reistijd per dag. „Dat is veel”, zegt Wiebes. „Dat betekent dat een jonge vader ’s ochtends zijn dochtertje nog snel even een fruithapje kan voeren.”

Volgens wethouder Wiebes is het treinverkeer rond Amsterdam dringend aan herziening toe. Nog steeds worden de meeste forensen ’s ochtends vroeg naar Amsterdam Centraal geleid, terwijl de grote kantoren allang zijn verhuisd naar de rand van de stad – naar de Zuidas, bijvoorbeeld. De plannen van NS voorzien nu al dat Amsterdam-Zuid één van de belangrijkste stations van het land zal worden. Maar in de plannen van Wiebes zullen er in de spits ook veel meer treinen rijden naar de andere stations op de ‘spoorring’ van Amsterdam: Bijlmer, Amsterdam Amstel en Sloterdijk. Voor 2020 kan het aantal treinen in de spits daardoor stijgen van 154 naar 200 per uur. Het ideaal van Wiebes: „Dat je even koffie gaat halen omdat je weet dat de volgende trein al over een paar minuten gaat.”

Om de Amsterdamse plannen te kunnen realiseren, moet er op het spoor een aantal maatregelen worden. Zo wil Wiebes dat er meer treinen op hetzelfde spoor gaan rijden. Dat kan, door de invoering van het digitale veiligheidssysteem ERMTS, maar volgens Wiebes kan ook met de uitbreiding van de bestaande seinen veel worden bereikt.

Goederentreinen zouden moeten worden geweerd uit de spits. Het verschil tussen intercity’s en sprinters zou moeten vervallen, en de dienstregeling rond Amsterdam zou een stuk eenvoudiger moeten worden. Dat zou kunnen voorkomen dat storingen (en daar waren er nogal wat van deze winter) zich als olievlekken verspreiden. „Dit is geen middel om het minder te laten sneeuwen in Amsterdam”, stelt Wiebes vast. „Wel kunnen we hiermee de vertragingen in een beperkt gebied houden.”