‘In het Groninger Museum wil ik gekke dingen’

Hij noemt zichzelf „een gepassioneerd tentoonstellingsmaker, die grenzen wil verleggen en overschrijden.” De gisteren nieuw benoemde directeur van het Groninger Museum, Andreas Blühm (53), wil bezoekers verrassen.

Blühm volgt Kees van Twist op, die begin dit jaar zijn functie neerlegde nadat onder zijn verantwoordelijkheid grote tekorten waren ontstaan. De Duitser werkte al eerder in Nederland. Van 1993 tot 2005 was hij als Hoofd Presentaties verantwoordelijk voor het tentoonstellingsbeleid van het Van Gogh Museum in Amsterdam. Sinds 2005 was hij directeur van het Wallraf-Richartz-Museum & Fondation Corboud in Keulen.

„Ik wil nieuwe dingen doen,” zegt Blühm. „Ik erf een tentoonstellingsprogramma, maar ik heb ideeën voor drie nieuwe tentoonstellingen. Dan zal ik zelf conservator zijn. Die plannen wil ik eerst voorleggen aan de collega’s.” Vooral de diversiteit van het museum spreekt Blühm aan. „Je ziet er Groninger zilver en moderne hedendaagse kunst.”

Het Groninger Museum roemt Blühm om zijn „internationale reputatie en uitstraling”, zijn managementkwaliteiten en bevlogenheid. Volgens de Raad van Toezicht kan hij de positie van het Groninger Museum ook in Duitsland versterken.

Het museum kampt met een schuldenlast van ruim vier miljoen euro. De gemeente gaf in februari een eenmalige kapitaalsinjectie van 1,9 miljoen. De Duitser noemt de financiële situatie van het museum „dramatisch en heftig”. „Het kan een keer mis gaan. Maar ik ken de problemen en ben er niet bang voor. Voor een deel zijn ze opgelost.” Zeven van de 47 banen verdwijnen. „De reorganisatie is voltooid. Ik ben blij dat die achter de rug is, al is het voor medewerkers zwaar. Zij voelen zich slachtoffer van de situatie.”

Blühm staat bekend als een sterke manager. Dat was ook de eis van de Raad van Toezicht. „Ja, ik ben zakelijk. Minder flamboyant dan mijn voorgangers. Maar inhoudelijk streef ik naar grensverleggende exposities, die ik meestal rond een thema vormgeef. Ik wil gekke dingen durven doen. Dingen die mensen niet verwachten. In het Van Gogh Museum hebben we bijvoorbeeld een tentoonstelling gehouden over hoe de evolutieleer invloed had op hoe we tegen dieren aankeken. Een tentoonstelling is niet alleen schilderijen naast elkaar hangen. Naast een klassiek kunstwerk moet je iets onverwachts neerzetten. Ik houd van geroezemoes in tentoonstellingsruimtes. Niet van stiltes.”

In het Keulse museum was onlangs een tentoonstelling met werk van jonge psychiatrische patiënten. Blühm introduceerde er grote teksten naast schilderijen, een museumbus en een shuttle voor bejaarden, die hij liet sponsoren door een automerk.

Het gebouw van het Groninger Museum noemt hij een ‘wonderkamer’. „Ik was er in 1994 bij toen het werd geopend. Toen werd gedacht: hoe lang duurt het voor dit modieuze saai wordt? Maar dat is het nog steeds niet. Integendeel, nu zien we pas goed wat directeur Frans Haks toen bedoeld heeft. Een plek die je niet overal ziet en waar de bezoeker bijzondere dingen beleeft.”