Een krat mezcal. En proost!

Eindelijk omkoping! Een zakje bij de post: ‘Spaanse Sugus! Voor bij het lezen van De gevangene van de hemel van Carlos Ruíz Zafón. In het boek eet Fermín deze snoepjes voortdurend. Que disfrute!’ Sugus blijken best te eten, ze lijken op Fruittella, met dien verstande dat ze per snoepje evenveel suiker bevatten als drie rollen Fruittella.

Je vraagt je wel af waarom je recensent moet zijn in tijden van Carlos Ruíz Zafón en niet toen, pak ’m beet, Under the Volcano van Malcolm Lowry verscheen. (‘Hierbij ontvangt u een krat mezcal, de drank die Geoffrey Firmin voortdurend drinkt. Proost!’). En of de imposante omvang van Ruíz Zafón wellicht ook te maken heeft met sugus. Overigens verschijnt De gevangene van de hemel pas in september. Wel is er Septemberlichten, de nieuwe Young Adult-roman van Ruíz Zafón. En net terwijl je op de gedachte komt dat Young Adult vooral wordt gelezen door onvolwassen ouderen – sugus zijn hallicunerender dan ik dacht – word je wreed opgeschrikt door brekend nieuws: een tweet van Umberto Eco meldt de dood van Gabriel (‘Gabo’) García Márquez.

Het duurt een kwartiertje voor zal blijken dat @UmbertoEcoOffic niet de echte Umberto Eco is, maar een spookaccount, waarop een nepEco sinds april werkt aan een roman in tweets. Al snel reageert @elgabo met de mededeling dat hij niet dood is, maar helaas: @elgabo is óók de echte García Márquez niet – nog een nepper. Dan het gerucht dat niet García Márquez maar Eco het hoekje om is, terwijl in de echte wereld Carlos Fuentes sterft – @CarlosFuentesMX publiceerde 21 tweets in maart 2011. Twitter lijkt akelig veel op de spookwereld van Under the Volcano.

Tijdens het kwartiertje waarin García Márquez tussen virtuele dood en leven zweefde natuurlijk wel aan zijn boeken gedacht. Werk waarvan je soms even denkt dat je ze niet hoeft te herlezen omdat de her en der optredende navolgers zo kitscherig zijn. Maar als je dan de Kroniek van een aangekondigde dood weer pakt, of De generaal krijgt nooit post val je weer bijna van je stoel. Veel beter wordt het niet: García Márquez’ ‘magisch’ realisme is vooral realisme – dicht bij Faulkner en Sofokles, ver weg van Ruíz Zafón. Op een adres waar ik af en toe logeer, lees ik altijd een hoofdstuk in Liefde in tijden van cholera, over de twee geliefden die elkaar na 53 jaar krijgen. In de slotscène wordt de man gevraagd hoe lang ze in hun boot heen en weer zullen varen. Antwoord: ‘Ons leven lang.’