Ecowas bemiddelt in Mali - ‘ook gewapende groepen erbij betrekken’

Strijders van de Islamitische groepering Ansar Dine in de Malinese woestijn. Het lijkt erop dat het Noorden van het land in handen is van twee verschillende groeperingen. Het bemiddelende West-Afrikaanse blok Ecowas wil ze betrekken bij gesprekken. Foto AP

Bijna twee maanden na de staatsgreep in Mali probeert Ecowas te bemiddelen tussen de overgangsregering en verschillende rebellengroeperingen. Het West-Afrikaanse regionale blok wil zo proberen de orde te herstellen.

Na de coup tegen president Touré van 22 maart is het blijvend onrustig in Mali, een land dat voor die datum lange tijd te boek stond als een van de meest democratische landen van Afrika. De coupplegers schoven Touré opzij omdat Touareg-rebellen en gewapende islamitische groeperingen sinds januari actief zijn in het noorden van het land en het regime daar volgens hen te weinig aan deed.

Een groep van separatistische en Islamitische rebellen greep vervolgens de macht in Noord-Mali. De nu gestarte bemiddelingsgesprekken zijn de eerste die erkend worden sinds dat gebeurde. “We willen iedereen bij het vredesproces betrekken”, zei Djibril Bassole, de minister van Buitenlandse Zaken van Burkina Faso, vandaag. Over eventuele voortgang in de gesprekken wilde hij niets loslaten.

Toeareg- en Al-Qaeda-bewegingen hebben Noorden in handen

Eind april verklaarde Ecowas dat het bereid was drieduizend militairen naar Mali te sturen, maar dat is sindsdien nog niet gebeurd. Men betwijfelt of het wel zin heeft om de strijd aan te gaan met zwaarbewapende rebellengroeperingen in het woestijnzand van de Sahel en de Sahara.

De twee belangrijkste groeperingen in het Noorden zijn MNLA, een Toeareggroepering die een aparte staat wil afdwingen, en een aan Al-Qaeda gelieerde beweging die de sharia-wetgeving wil afdwingen in heel Mali. Maar ook andere (Al-Qaeda-)groeperingen zitten er, waardoor het gevaar groeit dat Noord-Mali een West-Afrikaans toevluchtsoord wordt voor extremisten en criminele bendes.

‘Alles ligt op zijn gat en we hebben honger’

Vanmiddag verschijnt in NRC Handelsblad een reportage vanuit hoofdstad Bamako van correspondent Koert Lindijer. Hij vat de situatie in het land als volgt samen:

“Het land is gespleten: het noorden in handen van verscheidene rebellengroepen met verschillende agenda’s, het zuiden bestuurt door een verlamde interim-regering van goeddeels burgers. Met de coupleider Amadou Sanogo die aan de touwtjes trekt en zijn macht niet wil opgeven.”

Europa en Amerika trokken hun hulp aan Mali in na de coup. Behalve humanitaire assistentie voor de slachtoffers van de ernstige droogte in de woestijnen schorten ze hun ontwikkelingshulp op en vullen ze niet langer het begrotingstekort van de overheid aan. Lindijer:

“Dat eist een zware tol van een economisch zwak land als Mali. Ambtenaren ontvangen nog slechts de helft van hun salaris terwijl door de droogte de voedselprijzen snel stijgen. ‘We leven al weken op een laag pitje’, zegt Bah Napo, een inwoner van Mopti, een stad in het centrum van Mali. ‘Maar het vraagteken wat er in Bamako gebeurt en de verovering van het noorden doen ons nu de das om. Alles ligt op zijn gat en er we hebben honger’.”