Britten halen Duitsers in

Het Verenigd Koninkrijk heeft iets te vieren: het nieuws dat autoproducent General Motors een autofabriek bij Liverpool openhoudt – en ook nog eens 700 banen toevoegt. Als gevolg van dat besluit treky een fabriek van GM in het Duitse Bochum aan het kortste eind.

Doen de Britse werknemers er goed aan zich flexibel op te stellen? De realiteit is dat ze wel moeten. De Britse werkloosheid ligt, met 8,3 procent, bijna op het hoogste niveau in 17 jaar – en is aanmerkelijk hoger dan de 6,8 procent in Duitsland.

Die flexibiliteit is ook merkbaar in ander banennieuws. Werkgelegenheid in het Verenigd Koninkrijk is in de drie maanden tot maart indrukwekkend gestegen met 105.000 arbeidsplaatsen. Maar die groei lag in zijn geheel aan deeltijdbanen, die stegen met 118.000. Britse werknemers hebben een voorkeur voor voltijds werk, maar zijn bereid om deeltijdbanen te aanvaarden.

Evenals de arbeidsmarkt is de Britse valuta ook voordelig. Een pond was 2 dollar waard; nu is dat 1,59. En hoewel het pond wat terrein heeft teruggewonnen ten opzichte van de euro, is het nog altijd bijna 20 procent lager dan voor 2008. Dat is een grote winst voor de Britse concurrentiepositie. Bovendien mist het pond de grote onzekerheden van de euro. Mocht de euro onverhoopt geheel uiteenvallen, hoe sterk zou dan de herrijzende Deutsche Mark zijn?

Sommigen zeggen dat Groot-Brittannië en haar arbeiders zichzelf in de uitverkoop zetten. Maar net als de voordelige Vauxhall Astra’s die zullen worden geproduceerd in Ellesmere Port, is dat een weg om van A naar B te komen, ook al is het niet de meest luxueuze manier.

Vertaling Frank Kuin