Een tweede brein

Waarom wordt er zo wantrouwend gedacht over het outsourcen van je geheugen? „De jeugd hoeft niets meer te onthouden”, houden niet eens zo ouden van dagen me vaak voor. Daarna beginnen ze de telefoonnummers van hun familie op te noemen. Ik ken alleen de huistelefoonnummers van m’n basisschoolvriendjes nog uit m’n hoofd en ternauwernood dat van mijn vriendin, omdat ik haar – met een vrijwel lege batterij – een keer kwijtraakte in een Kopenhaags pretpark. Maar zolang we niet in een postapocalyptische versie van Nederland leven (zonder elektriciteit, dus) zie ik dat niet als een probleem. Bovendien kijk ik liever naar de voordelen van een tweede, doch virtueel, geheugen. Als je in 1990 aan iemand had verteld dat het mogelijk zou zijn om al zijn correspondentie als een gemakkelijk doorzoekbaar archief beschikbaar te stellen, was verbazing je ten deel gevallen. Maar tegenwoordig kijkt dat zoekbalkje in Gmail ons elke dag met de grootst mogelijke vanzelfsprekendheid aan. En dat is nog maar een simpel voorbeeld. Veel spectaculairder wordt het met Evernote. Een app die door de makers als ‘tweede brein’ in de markt wordt gezet. Weinig bescheiden, maar wat mij betreft volledig terecht (in Silicon Valley vinden ze dat ook, want vorige week haalde Evernote, met al 96 miljoen dollar aan investeringen op zak, nog eens 70 miljoen dollar op). Ik zou de hele krant kunnen vullen met voorbeelden van hoe die app mijn leven verrijkt en waarom ik net als één miljoen anderen jaarlijks 45 dollar voor de service betaal, maar laat ik het bij twee houden.

Elk tijdschrift kent wel zo’n rubriek waar indrukwekkende mensen goede adresjes in willekeurige metropolen delen. „Moet ik eens heen gaan”, dacht ik vroeger, om er vervolgens nooit meer aan te denken. Ook niet als ik zelf een weekendje in de desbetreffende wereldstad doorbracht. Maar dankzij Evernote blijft het eventuele missen van een ge-wel-dig restaurant me bespaard, want elke tiprubriek van een persoon die ik bewonder, fotografeer ik met Evernote. Want de app kan tekst in afbeeldingen herkennen. Dus als ik binnenkort naar Londen vlieg en die stad in Evernote intik, springen de museumtips die Hussein Chalayan onlangs in NRC Deluxe gaf meteen in mijn scherm. Ook leer ik met Evernote mijn kunstsmaak kennen. Sinds zomer 2008 fotografeer ik met de app in elk museum de kunstwerken die me verbazen. Het naslagwerk bestaat inmiddels uit 84 stukken. Over dertig jaar kan ik precies zien wat me als twintiger bezighield. Welke boeken ik nog wilde lezen, wie me restaurants tipte en wat voor meubels ik voor een nieuw appartement in gedachten had. Voor zo’n tweede brein slachtoffer ik met liefde het knullige telefoonboekje in mijn hoofd.