Dit is het eindexamen, dat is wel wat anders. Nu moet het gebeuren

Wie: Dion van den Heuvel (18)

Wat: Eindexamenkandidaat vwo

Ik ben dyslectisch. Dat weet ik sinds de eerste klas. Daarom heb ik zo min mogelijk talen in mijn eindexamenpakket. Ik doe alleen Nederlands en Engels, geen Frans en Duits. Engels hoor je veel op tv, dus dat helpt. Maar als ik teksten lees, gaat dat langzamer dan bij anderen. Soms mis ik een woord. Talen interesseren me ook niet. Maar dat is logisch, denk ik, als je niet zo goed kunt lezen.

Mijn lievelingsvakken zijn natuurkunde en wiskunde B, het vak waarin ik vandaag eindexamen doe. Met deze vakken wil ik echt knallen: op zijn minst een zeven, maar liever hoger. Voor mijn andere vakken streef ik naar minstens een voldoende. Het is extra spannend dit jaar, omdat je gemiddeld een 5,5 moet halen voor de eindexamens. Als ik dus een 3 haal voor Engels, die ik onvoldoende compenseer, dan kan ik alsnog zakken. Vroeger kon je een slecht cijfer nog ophalen met voldoendes die je eerder in je examenjaar had gehaald, nu kan dat niet meer.

Ik heb de afgelopen weken de meeste tijd besteed aan punten waarop ik zwak was. Veel oefenen dus en nog even naar een docent stappen wanneer ik iets niet snapte. We hebben in de afgelopen weken examentraining gehad hier op school. Dan ben je gedwongen om vijf uur achter elkaar te werken: dat helpt.

Thuis heb ik ook geoefend. Ik ben niet in staat mijn computer en telefoon met rust te laten als ik thuis aan het leren ben. Ik denk dat dat ook wel goed is. Als je echt non-stop bezig bent met leren, dan ben je niet ontspannen genoeg om dingen op te kunnen nemen. Maar ik doe wel mijn best hoor. Vaak lukte het me de afgelopen jaren ook wel op halve kracht, maar dit is het eindexamen, dat is wel even wat anders. Nu moet het gebeuren.

Ik heb al mijn examens pas ’s middags, dus mijn ritueel is elke dag hetzelfde. Eerst rustig wakker worden om uur of 9, half 10. Dan een beetje ontbijten en aankleden, in makkelijk zittende kleren. Mocht het nodig zijn, dan kijk ik nog even mijn boeken door. Maar ik doe het vooral rustig aan. Daarna naar school. Ik moet een half uur fietsen. Dat doe ik met een oppeppend muziekje op, waar ik vrolijk van word.

Met mijn zenuwen valt het mee. We hebben ook schoolexamens gehad, daarvoor was ik niet echt zenuwachtig. De zenuwen komen bij mij pas thuis, als je op internet de antwoorden kan bekijken.

Na de zomer wil ik gaan studeren aan de Technische Universiteit Delft. Ik twijfel nog tussen civiele techniek en werktuigbouwkunde. Ik laat me er niet door weerhouden dat het moeilijke studies zijn en dat ik daardoor meer risico loop op de langstudeerboete.