Het trotse Zimbabwe, dat op zoek is naar toeristen

Zelden heb ik me zo welkom gevoeld. Het was Tweede Kerstdag en samen met honderden Zimbabweanen beklom ik de berg naar de ruïnes van ‘Great Zimbabwe’, een van de beroemdste toeristische attracties van het land. Als journalist had ik Zimbabwe al talloze keren bezocht. Maar van journalisten houdt de regering van Robert Mugabe niet zo erg. Van toeristen des te meer. Die komen echter nauwelijks de laatste jaren.

„Welkom, welkom!” riep een oude baas die met zijn hele gezin de ruïnes bezocht. „Dank voor uw steun. Als mensen uit het buitenland deze plek bezoeken, dan voelen wij ons oprecht een volk. Great Zimbabwe is wat ons als natie bindt.”

Dat klonk verheven. Maar voor Zimbabweanen is ‘Great Zimbabwe’ het ultieme heiligdom. De geschiedenis van de middeleeuwse nederzetting nabij de stad Masvingo is nauw verweven met de zwaarbevochten geschiedenis van het land zelf. Toen Zimbabwe nog Zuid-Rhodesië heette en een Britse kolonie was, werden kosten noch moeite gespaard om wetenschappelijk aan te tonen dat de bouwwerken onmogelijk door zwarte Afrikanen gebouwd konden zijn.

„De samenleving die je hier honderden jaren geleden had, is vergelijkbaar met de oude Romeinse of Egyptische beschavingen”, vertelde een gids, terwijl ik me die Tweede Kerstdag puffend langs bergen oude stenen omhoog hees. Dat kwam de kolonisten natuurlijk slecht uit: die waren naar Afrika gekomen om beschaving te brengen. Great Zimbabwe was te verfijnd voor Afrikaanse handen, dachten zij. Het zou wel door de Portugezen gebouwd zijn, desnoods de Arabieren, de Perzen of de Feniciërs.

Tot 1980, toen het land na een lange oorlog tegen het blanke minderheidsregime onafhankelijk werd, was het verboden te speculeren over de werkelijke herkomst van de ruïnes. De nieuwe naam Zimbabwe (‘huis van steen’) werd afgeleid van het oudste stenen bouwwerk van zuidelijk Afrika en op de nieuwe vlag kwam een afbeelding van de zeepstenen vogel die op deze plaats jaren terug door archeologen gevonden werd. De uit middeleeuwse bakstenen opgetrokken conische toren die het hart van de nederzetting vormt, kwam op de bankbiljetten van het nieuwe onafhankelijke land.

Zimbabweaanse bankbiljetten zijn nu niet meer in omloop. Na een recordinflatie van miljoenen procenten schafte het land begin 2009 de eigen munt af. De ‘Zimdollar’ werd ingeruild voor de Amerikaanse dollar. In diezelfde maand trad ook een coalitieregering aan waarin de sinds 1980 regerende Mugabe probeert samen te werken met zijn aartsrivaal Morgan Tsvangirai, die premier werd. Sindsdien is het land weer naarstig op zoek naar toeristen.

Zimbabwe stond bekend als ‘Africa light’: een ideaal land voor rugzaktoeristen en gezinnen met kinderen om zonder al te veel obstakels een echte Afrikareis te maken met cultuur, natuur (de Victoria-watervallen!) en olifanten. Zimbabwe is niet al te groot, over mooie asfaltwegen goed te bereizen en de toeristenfaciliteiten waren betaalbaar en uitstekend verzorgd.

Maar in 2000 stortte de toeristenmarkt in elkaar. Dat jaar werden de eerste grote commerciële boerderijen van blanke boeren, nazaten van de Rhodesische kolonisten, bezet door ‘oorlogsveteranen’ uit de onafhankelijkheidsoorlog. Om aan de macht te kunnen blijven, bleek Mugabe bereid zijn land tot de laatste steen af te breken. De economie verkruimelde, de politiek verhardde.

Door het akkoord van 2009 is de economie min of meer genormaliseerd. De politieke situatie is nog altijd niet best, maar daar heb je als toerist weinig mee te maken, zegt de Nederlander Goof de Jong van reisbureau Nyati Travel in hoofdstad Harare. Veiligheid van toeristen is volgens hem „geen enkel probleem”. De wegen zijn (buiten de steden) nog altijd verbazingwekkend goed, maar hotels en andere toeristenfaciliteiten kunnen vaak een verfje gebruiken. Hoewel in de safariparken in het crisisjaar 2008 veel kleinere dieren zijn opgegeten, is grootwild door gebrek aan bezoekers en onderhoud juist royaal vertegenwoordigd. ,,De wereld is weer welkom”, jubelde de oude baas bij de ruïnes toen hij mij met Kerst zag zweten. Toerisme, bevestigt De Jong, versterkt de economische groei. „Dat is precies wat we in Zimbabwe nodig hebben.”