'Een klassiek geval van zelfoverschatting'

De kandidatuur van Tofik Dibi is binnen GroenLinks niet goed gevallen. De timing is slecht en inhoudelijk is hij zwakker dan Jolande Sap, zeggen partij-prominenten.

Moet dat nou? We hébben toch een partijleider?

Binnen GroenLinks is de kandidatuur van Tofik Dibi als concurrent van fractievoorzitter Jolande Sap niet bij iedereen in goede aarde gevallen.

Natuurlijk heeft Tofik Dibi het recht zich aan te melden en de leider uit te dagen, zeggen enkele leden, zo werkt het nu eenmaal binnen een democratische partij. Maar het gáát al niet goed met GroenLinks in de peilingen; waarom gunt hij Jolande Sap nou niet de kans en de ruimte om te proberen om het succes van het Lenteakkoord uit te buiten?

Afgelopen weekend bezocht Wijnand Duyvendak, oud-Kamerlid voor GroenLinks, partijafdelingen in Kampen en Groningen. Hij was verrast hoeveel mensen daar ongelukkig waren met Dibi’s kandidatuur. Belangrijke reden: het onhandige moment om de positie van een zittende leider ter discussie te stellen. „Zoveel mensen zeiden: Jolande had het nét een beetje te pakken met dat Lenteakkoord, en nu dit.” Ook Joost Lagendijk, voormalig Europarlementariër voor GroenLinks, vindt de timing ongelukkig. „Om de komende weken kwijt te zijn aan een strijd die gaat om stijl, en niet om inhoud – dat vind ik geen goed idee. Het leidt alleen maar af van de winst van het Lenteakkoord.”

Op inhoudelijke en politiek-strategische gronden zou Tofik Dibi het niet van Sap winnen, zegt Lagendijk. Hij noemt Dibi’s kandidatuur een „klassiek geval van zelfoverschatting”. „Als Kamerlid heeft hij het prima gedaan, alle lof daarvoor. Maar dat wil niet zeggen dat je ook geschikt bent als leider.” Hij ziet Dibi nog niet zo gauw de onderhandelingen over de precieze uitwerkingen van de afspraken over de miljardenbezuinigingen doen, bijvoorbeeld. „Dit is te hoog gegrepen. Verspilde energie.”

In de Kamer houdt Tofik Dibi zich vooral bezig met asiel, immigratie en veiligheid. Terwijl de campagne vooral over de economie zal gaan. Pepijn Zwanenberg, gemeenteraadslid in Utrecht, vermoedt dat Dibi wat rechtser is dan Sap. „Ik zit niet op een D66-light te wachten.” En wat economische kennis betreft zal Sap Dibi de baas zijn: zij ‘doet’ al jaren de economische doorberekeningen.

Wijnand Duyvendak vindt dat Sap tijdens de onderhandelingen over het Lenteakkoord met succes heeft ingezet op een groenere economie. Milieu en klimaat zijn dé punten waarop GroenLinks electoraal succes kan halen, zegt hij: „Ik ben heel blij dat Jolande die koers heeft ingezet. Tofik voegt aan die hele ontwikkeling niks toe. Ik denk niet dat hij wat vergroening betreft iets anders zou willen, maar ik denk ook zeker niet dat hij het béter zou kunnen.”

Tot slot de vraag of de manier waarop Dibi zich presenteert – ‘nieuwe politiek’ – past bij wat GroenLinks kan gebruiken in een leider. Hij kondigde gisteren aan dat hij vooral gedurfder wil zijn, minder traditioneel. Terwijl Sap en haar voorgangster Femke Halsema juist steeds wilden laten zien dat de partij klaar is om mee te regeren. Peter van Doremalen, fractievoorzitter in Den Bosch, zegt dat zo: „We moeten nu de bereidheid tonen om verantwoordelijkheid te nemen. Laten zien dat we willen samenwerken en daar realistisch in zijn.” Bij dat beeld past Dibi niet als leider. „Die heeft voor zo’n positionering een te scherp profiel. Te veel kont tegen de krib.”