Wachten op de (geheime) secondanten

Schakers Anand en Gelfand zijn voorzichtig aan hun WK-match begonnen. Ze missen vooralsnog de brille in het aanvalsspel. Of is het wachten op de analyses van hun (geheime) secondanten?

Voorzichtig staken schaakwereldkampioen Anand en uitdager Boris Gelfand een teen in het water. Ze werden er niet warm of koud van en besloten om later terug te komen voor nader onderzoek.

Hun twee eerste partijen van de WK-match in Moskou waren bloedeloos, duurden kort en eindigden beide in remise. Schuchter tastend naar zwakke plekken konden zowel Anand als Gelfand concluderen dat de verdediging op orde was, maar dat de aanvalswapens scherper geslepen moesten worden.

Maandenlang hebben ze zich met hun secondanten op de match voorbereid, en dat in ieder geval de ploeg van Gelfand hard gewerkt heeft, bleek vrijdag, toen hij zich in de eerste partij met zwart verdedigde met een opening die hij nog nooit gespeeld had; het Grünfeld-Indisch. Een scherpe en riskante opening die alleen na intensieve studie kan worden toegepast.

Gari Kasparov schreef over zijn eerste WK-match tegen Karpov, in 1984, dat hij de Hongaarse grootmeester Andras Adorjan naar Moskou liet komen om hem alles over het Grünfeld-Indisch te leren. Maar Karpov had een spion op het vliegveld van Moskou die hem vertelde over Adorjans komst. Karpov begreep het: als Adorjan kwam, betekende het dat Kasparov Grünfeld-Indisch wilde spelen. In de volgende partijen zorgde hij er voor dat Kasparov daar de kans niet voor kreeg.

Nu werd er druk gespeculeerd wie de secondant is die Gelfand de Grünfeld heeft geleerd. Gelfand heeft drie secondanten meegenomen naar Moskou, Anand zelfs vier. Maar iedereen is er van overtuigd dat ze beiden ook nog geheime helpers hebben, die zich niet laten zien. Het gezicht van een secondant van wie het bekend is dat hij in een bepaalde opening gespecialiseerd is, kan een strijdplan voor de match onthullen.

In Israël, het land van Gelfand, wonen twee grote specialisten van de Grünfeld, Emil Sutovsky en Boris Avrukh. Die twee hebben zich in Moskou nog niet laten zien. Maar in de moderne tijd helpt het niet meer om een spion te planten op het vliegveld Sjeremetjevo. Er is Skype en er is schaaksoftware waarmee je op verre afstand een stelling kunt analyseren alsof je samen aan een schaakbord zit. De helpers op afstand hoeven hun huis niet meer uit.

Gelfand verraste Anand dus in de eerste matchpartij met zijn openingskeuze, maar die gaf geen krimp en deed snel zijn zetten, alsof hij alles al voorzien had. Toen werd het gezicht van Gelfand opeens vuurrood. Een compliment voor de Russische website dat je dat zo goed kon zien. Een amateurpsycholoog zou denken dat Gelfand in moeilijkheden was, maar dat was allerminst het geval.

In feite kreeg Gelfand wat hij later ‘een licht symbolisch voordeel’ noemde. Als hij daar iets mee had willen doen, had hij een pion moeten offeren en dus een klein risico moeten nemen. Hij zag er kennelijk niets is.

Dat was de eerste partij. Over de tweede, die zaterdag werd gespeeld, valt weinig op te merken. Voor de fijnproevers: Anand speelde met zwart de Tsjebanenko-variant van het Slavisch en bracht op de veertiende zet een nieuwtje dat binnen de kortste keren alle leven doodde.

Anand is favoriet in deze match, maar er zijn veel mensen die denken dat hij moe is. Moe van zijn successen; hij is 42 jaar en hij is al zo vaak wereldkampioen geweest.

Gelfand (43) is ook al meer dan twintig jaar wereldkampioenskandidaat, maar hij is nog nooit zo hoog gekomen als nu. Hij is gretig, want dit is de wedstrijd van zijn leven. Voor hem staat er veel meer op het spel dan voor Anand, die alles al gehad heeft.