Traditionele 'Lucia di Lammermoor' in retrostijl

Lucia di Lammermoor is vanwege de lastige titelrol niet zo heel vaak te bewonderen. Sopraan Petya Ivanova moest fameuze voorgangers als Callas en Sutherland doen vergeten.

Muzikale leiding Antonino Fogliani Regie Decor Kostuums Licht Video Dramaturgie Wim Trompert John Otto Mirjam Pater Uri Rapaport Thomas Bergmann en Willem Bramsche Natascha Veldhorst Koor van de Nationale Reisopera Het Gelders Orkest Lord Enrico Ashton Miss Lucia Sir Edgardo di Ravenswood Lord Arturo Buklaw Raimondo Bidebent Alisa Normanno Roland Wood Petya Ivanova Peter Auty Gregory Warren Lucia di Lammermoor- NRO Persfoto's Marco Borggreve Mika Kares Rea Kost Philip O’Brien

Opera

Lucia di Lammermoor van G. Donizetti door de Nationale Reisopera en Het Gelders Orkest o.l.v. Antonino Fogliani. Gezien: 12/5 Wilminktheater Enschede. Herh. t/m 15/6; 1/7 concertante uitvoering in het Concertgebouw Amsterdam. Inl.: reisopera.nl Radio 4: 2/6 19 uur.***

Door Kasper Jansen

Waanzin en noodlot beheersen Donizetti’s opera Lucia di Lammermoor. De nieuwe productie van de Nationale Reisopera in de enscenering van Wim Trompert toont de Schotse tragedie van Sir Walter Scott als een kroniek vol voortekenen van onheil. Drie bliksemflitsen kondigen de huiveringwekkende drievoudige dodelijke afloop aan, net als de drie heksen in Shakespeare’s Schotse drama Macbeth moord na moord na moord voorspellen.

De bruid Lucia doorsteekt in de huwelijksnacht de door haar broer Enrico opgedrongen bruidegom Arturo met een lang tevoren veroverde dolk. Ze valt door list en bedrog definitief ten offer aan de waanzin die al vanaf het begin duidelijk was. Eerder verscheen ze in bruidsjurk, zich de bruid wanend van haar minnaar Edgardo. In de lange, fameuze waanzinscène probeert ze het bloed van haar handen te wassen, net als Lady Macbeth deed. Lucia sterft en uiteindelijk ook Edgardo vindt de dood.

De klassieke Italiaanse enscenering van Wim Trompert past geheel in deze retrotijd. Het lijkt wel een tijdloze voorstelling zoals de Scala in Milaan die decennia produceerde. Er is geen sprake van enige actualisering. Een half geabstraheerd decor van John Otto met twee loopbruggen duidt op een kasteel. Daarachter is middels videobeelden zicht op zee of op het vuur dat het kasteel verteert. De kostumering bestaat uit originele Schotse ruiten. Het koor beweegt, staat stil of gaat liggen zoals een koor nu eenmaal altijd doet.

Lucia di Lammermoor is vanwege de onwaarschijnlijk lastige titelrol een relatieve zeldzaamheid op het podium. Maar het stuk dat hecht in elkaar steekt en rijk is aan meeslepende melodieën heeft een lange traditie in de Nederlandse operahistorie. Tussen 1886 en 2012 waren er minstens zestig opvoeringsreeksen. Absoluut hoogtepunt was in 1982 het optreden van de legendarische Joan Sutherland bij De Nederlandse Opera. Met haar fabuleuze coloratuurtechniek in de titelrol had ze in 1959 in Covent Garden zo’n fenomenaal succes, dat ze op één avond wereldberoemd werd.

De laatste Nederlandse Lucia di Lammermoor was in 2007 een tamme productie van Monique Wagemakers, waarin dirigent Paolo Carignani het enerverend drama te vaak liet verbleken.

Wat dat betreft werkt deze goed opgebouwde voorstelling met dirigent Antonino Fogliani veel beter, al kan het soms nog sterker. Chi mi frena etaleert hier duidelijker de verschillen tussen zes individuen. Nog effectiever is de finale van het eerste deel, als Edgardo beseft dat het huwelijk tussen Lucia en zijn rivaal Arturo is bezegeld en de rampzalige afloop vaststaat. De vaak wat moeizame slotscène van het tweede deel met de vertwijfelde Edgardo is hier een top in de voorstelling dankzij het gepassioneerde en krachtige zingen van de stijlvolle tenor Peter Auty. Ook de tenor Gregory Warren zingt opvallend goed, al is zijn rol van Arturo maar klein. Jammer dat de scène met de afspraak voor een duel tussen Enrico en Edgardo is geschrapt.

In de titelrol staat de sopraan Petya Ivanova voor de onmogelijke taak fameuze voorgangsters als Sutherland, Callas en Gruberova te doen vergeten. Technische perfectie en virtuoos vocaal gemak ontbreken nogal eens, ze klinkt op typisch Bulgaarse wijze soms ook wat schel. Dat maakt haar uitbeelding van een gekwelde waanzinnige wel realistisch en geloofwaardig. Ze is een deerniswekkend wrak, dat doelloos over het toneel zwerft, zich buiten de werkelijkheid begeeft en op weg naar de hemel zich toch nog een bruid voor het altaar waant.