Merkel is nog enige troef van verliezende CDU

De CDU heeft in Noordrijn-Westfalen een ongekende nederlaag geleden. Dat kan grote gevolgen hebben voor partijleider Angela Merkel.

De uitslag van de parlementsverkiezingen in Noordrijn-Westfalen laat zich het best omschrijven als een electorale catastrofe voor Angela Merkels partij, de christen-democratische CDU. De nederlaag van de CDU in de dichtsbevolkte deelstaat is zó groot en kan voor Merkel zulke grote consequenties hebben, dat hij niet is af te doen met ‘ver weg’ en ‘regionaal’. Wegens zijn sociale en economische belang wordt Noordrijn-Westfalen ook wel ‘de Bondsrepubliek in het klein’ genoemd.

De CDU verloor er ruim 8 procentpunt van de stemmen. De regionale lijsttrekker van de christen-democraten was Norbert Röttgen, Merkels getalenteerde maar weinig geliefde minister van Milieu. Hij komt nu aangeslagen terug naar Berlijn; terug in de nabijheid van de bondskanselier. Zijn wanprestatie straalt onherroepelijk af op Merkel. Zij is partijleider, zij wordt voor alles verantwoordelijk gehouden. Ook voor een stembusresultaat waarop ze, realistisch gezien, nauwelijks invloed heeft kunnen uitoefenen.

Van meet af aan is Röttgens campagne in Noordrijn-Westfalen (bijna 18 miljoen inwoners) niet goed gegaan. Zijn kieskring ligt in deze deelstaat, maar hij wordt vooral gezien als nationaal politicus. Een mooie jongen met een moderne bril, die ver weg van de werkloosheid en armoede in het Ruhrgebied beslissingen neemt over CO2-emissies. Röttgen was even over uit Berlijn om in zijn geboortestreek orde op zaken te stellen. Maar alleen al daarmee viel hij jammerlijk door de mand.

Het werd nog erger toen hij de stembusstrijd probeerde te ‘europeaniseren’ en terugbracht tot een keuze voor of tegen Merkels koers in de schuldencrisis. Maar daarmee hadden deze verkiezingen weinig te maken. Het was een regionale slag om de gunst van de kiezers, met lokale thema’s en lokale politici. Europa speelde nauwelijks een rol. Degene die zich het beste als streekpoliticus wist te profileren, heeft gewonnen: Hannelore Kraft, de leider van de sociaal-democratische SPD in Noordrijn-Westfalen.

Onvermijdelijk dringt zich een vergelijking op met 2005, toen SPD-kanselier Gerhard Schröder in de Bondsdag de vertrouwensvraag stelde. Zijn partij had een daverende nederlaag geleden bij verkiezingen in Noordrijn-Westfalen. Schröder verloor de vertrouwensvraag. Gevolg: nieuwe Bondsdagverkiezingen, die gewonnen werden door Merkel.

Schröder was toen zeven jaar bondskanselier, net als Merkel nu. Hij struikelde over Noordrijn-Westfalen. Dat kan Merkel ook gebeuren. Maar er is één verschil. Zoals de Berlijnse Tagesspiegel vandaag schrijft: „Merkels koers in de landelijke en Europese politiek is bij een meerderheid van de Duitse kiezers onomstreden.” Dat was bij Schröder anders: hij was opgebrand en landelijk uitgeregeerd.

De paradox steekt hierin: Merkel blijft als bondskanselier onveranderd populair. Ze past op het Duitse geld; de economie en de export draaien prima onder haar leiding en haar nuchtere aanpak van de schuldencrisis bevalt goed.

Toch biedt de uitslag in Noordrijn-Westfalen de oppositie de kans om Merkel met grof geschut onder vuur te nemen. Er is één meevaller: haar liberale coalitiegenoot, de FDP, lijkt zich te hebben hervonden. Bij de verkiezingen vorige week in Sleeswijk-Holstein bleken de liberalen veerkrachtiger dan gedacht. In Noordrijn-Westfalen was sprake van een wederopstanding.

De FDP heeft zijn grootste politieke talent, de jonge Christian Lindner, naar voren geschoven om te redden wat er nog te redden valt. Hij heeft zich zo goed van zijn taak gekweten dat hij nu de zwakke liberale partijleider en vicekanselier Philipp Rösler overvleugelt. Ook in die zin is Noordrijn-Westfalen een ijkpunt voor de landelijke politiek.

Ten slotte is er een forse winst voor de Piratenpartij, een recent fenomeen dat in Noordrijn-Westfalen acht procent behaalde. De partij is niet meer te negeren – ook niet haar gebrekkige programma.