Het wordt nog erger dan vorig jaar

Nu minister Van Bijsterveld strengere eisen stelt om de zesjescultuur te bestrijden, stijgt de eindexamenstress. Bij de leerlingen en scholen. Examentrainers zien hun klandizie groeien.

De slagingspercentages in het voortgezet onderwijs vertonen al jaren een neergaande lijn. Het lopende schooljaar, 2011-2012, zal daarin geen verandering brengen. Integendeel, stelt het Landelijk Aktie Komitee Scholieren (LAKS). „Wij vrezen dat het alleen maar erger wordt”, zegt bestuurslid Alderik Oosthoek van de belangenorganisatie van de ruim 950.000 scholieren in Nederland.

Vandaag is voor 206.870 leerlingen het centraal schriftelijk eindexamen begonnen. De komende drie weken hopen 106.158 vmbo’ers, 59.434 havisten en 41.278 vwo-scholieren hun opleiding succesvol af te ronden.

Makkelijk wordt het die leerlingen niet gemaakt, want de exameneisen zijn dit jaar aangescherpt. Het gemiddelde cijfer van alle eindexamenvakken moet voldoende zijn: een 5,5 of hoger. Compenseren met goede cijfers van de schoolexamens mag niet meer. Minister Van Bijsterveldt (Onderwijs, CDA) wil de vermaledijde ‘zesjescultuur’ doorbreken en legt „de lat daarom een stukje hoger”.

En dat, schampert LAKS-bestuurder Oosthoek, is „een hele domme maatregel”. Al was het maar omdat de kans op schooluitval eerder groter dan kleiner is geworden. En juist die uitval zegt Van Bijsterveldt te willen bestrijden. Was de aangescherpte exameneis vorig jaar ingevoerd, dan waren twee keer zoveel scholieren gezakt, becijferde de koepelorganisatie in het voortgezet onderwijs, de VO-raad.

De gestage toename van het aantal gezakte eindexamenkandidaten bewijst volgens het LAKS dat de minister „haar zaakjes niet op orde heeft”. De rekening wordt neergelegd bij de leerlingen. Oosthoek: „Zolang er nog steeds onbevoegde docenten voor de klas staan en we nog altijd niet af zijn van die ophokuren, kan de minister zich niet verschuilen achter haar motto ‘de basis op orde, de lat omhoog’. Dat is gewoon niet waar.”

Het aantal geslaagde leerlingen is de afgelopen vijf jaar over de gehele linie gedaald. Uit cijfers van het ministerie van Onderwijs blijkt dat in 2006 ruim 93 procent van de havo-, vwo- en vmbo-scholieren zijn diploma haalde. Vorig jaar was dat slechts 90,5 procent. Het dalende percentage komt vooral voor rekening van havo en vwo, de schooltypen die de laatste jaren juist aan populariteit wonnen en meer leerlingen trokken.

Een van de verklaringen voor de daling is volgens het ministerie dat relatief veel leerlingen met een vmbo-diploma moeite hebben met het onderwijsniveau na hun overstap naar de havo. Dit geldt ook voor leerlingen die doorstromen van havo naar vwo, of van het vmbo naar het mbo. Met andere woorden: de schooltypen sluiten onvoldoende op elkaar aan. Dat is een veelgehoorde klacht in het Nederlandse onderwijs.

Het LAKS bespeurt dat de examenstress de laatste weken flink is toegenomen. „Meer dan normaal, en dat heeft alles te maken met de aangescherpte eisen”, zegt Oosthoek.

Ook bij schoolbestuurders neemt de nervositeit toe, constateert hij. Scholen worden immers indirect afgerekend op hun resultaten. Hoe lager het slagingspercentage, hoe groter de kans dat ouders kiezen voor een andere school. En minder leerlingen betekent simpelweg minder geld van de overheid.

Vorige maand luidde het LAKS de noodklok na klachten over scholen die hun leerlingen de toegang tot het eindexamen wilden ontzeggen. „Op onrechtmatige wijze”, benadrukt Oosthoek. Zeker tien middelbare scholen zouden volgens hem hebben geprobeerd om zwak presterende leerlingen onder druk te zetten door hen een contract te laten tekenen om af te zien van deelname. „In de meeste gevallen hebben wij met succes weten te bemiddelen, maar in twee gevallen hebben we de onderwijsinspectie ingeschakeld.”

Dat de spanning de laatste weken toenam onder scholieren, blijkt ook uit de stormloop op de instituten voor examentrainingen. Lyceo Examentrainingen, marktleider in particuliere huiswerkondersteuning, zag het aantal aanmeldingen dit jaar verdubbelen: van vijf- naar tienduizend, verspreid over tien locaties in het land.

Bijna één op de drie nieuwe klanten gaf de aangescherpte eindexameneis op als reden om zich in te schrijven voor één- of driedaagse training, vertelt medeoprichter Bram Masselink van Lyceo. „Maar ook ouders blijken vaak een drijvende kracht.”

Ook bij zijn concurrenten is sprake van een forse toename van het aantal eindexamenleerlingen dat nog even snel bijgespijkerd wil worden. Bij Lyceo betalen ouders 150 euro voor één dag, het dubbele voor een driedaagse training.

Geen geld, aldus Masselink. „Zeker als je bedenkt dat uit onze resultaten blijkt dat onze leerlingen na een driedaagse training gemiddeld een punt hoger scoren op hun eindlijst.”

Een jaar doubleren kost bovendien meer, stelt hij. „Samen met het Nederlands Instituut voor Budgetvoorlichting hebben wij berekend dat een jaartje blijven zitten, neerkomt op zo’n 7.500 euro, inclusief zakgeld en dat soort zaken.”

Opvallend detail: het zijn vooral meisjes die zich melden bij Masselink voor examentraining. „Ik wil niet generaliseren, maar over het algemeen kan je toch stellen dat meisjes wat serieuzer bezig zijn met hun toekomst en daarnaast vaak wat onzekerder zijn dan jongens.”

Volgend jaar worden de eisen verder aangescherpt. Voor havo- en vwo-leerlingen die in het voorjaar van 2013 eindexamen doen, geldt dat zij maximaal één 5 als eindcijfer mogen hebben voor de kernvakken Nederlands, Engels en wiskunde. Masselink: „Ik verwacht volgend jaar nog meer aanmeldingen.”